Ebru – Een zwemband waar je u tegen zegt

Ebru Umar is vaste columnist voor Metro en Libelle. In 2004 verscheen Burka & Blahniks van haar hand. In 2005 schreef zij Vier over 8 en Geen talent voor de liefde.
Haar nieuwste boek Turkse Verleidingen verscheen op 6 februari en ligt nu in de winkel. Sprankelende reisverhalen in een land zonder straatnamen en mét een leger dat vrouwenrechten beschermt, restaurants die het woord ‘service’ wél kennen en winkelcentra die zelfs de meest verwende shopper doen duizelen.
Zo, de lente is begonnen. Veel te vroeg als ik naar mijn lichaam kijk maar goed, daar valt iets aan te doen. En toch heb ik er geen zin in. Ik word zo moe van mijn lichaam. Het groeit en krimpt, maar krimpt nooit zo snel en moeiteloos als dat het groeit. En afzien – niet eten, met mate eten, andere combi’s eten – is te vermoeiend. Bij elke hap nadenken, ik word er recalcitrant van. Sporten is ook iets wat ik heb opgegeven. Hoewel mijn leven over komt als chaotisch en impulsief, is het strak geregeld. Ik ben van orde en maniertjes. ‘s Ochtends sta ik op, doe onmiddellijk sloffen en een vest aan, loop naar het toilet, douche, kleed me aan en maak mijn bed op. In die volgorde. Elke andere volgorde is verwarrend. Ik ontbijt, lees en beantwoord ondertussen mijn mail en bedenk wat ik vandaag moet doen. In het buitenland gaat het precies hetzelfde. Soms lijk ik wel een autist, die alleen door het schrijven van een boek wordt ontregeld. En dan gaat alles maar meteen op de helling. Sporten is afgeschaft, voor het eerst in vier jaar. Niet dat ik mijn abonnement heb opgezegd, o nee. Maar de sportschool heb ik al in geen maanden meer gezien. Nu heb ik een sportkamer thuis, maar ook die heb ik al weken vermeden. Wat ik ook heb afgeschaft, is het mijden van chocolade. Wat is chocolade toch lekker. En voedzaam, zo achter je computer. Ook eet ik weer lekker brood, het liefst met vijgen en noten. Hmmm! Of omeletten. Afgelopen week heb ik drie keer saté friet gegeten – zalig! De volgende stap die overboord moet, is in de spiegel kijken. Want de gevolgen van het overboord gezette sporten en het regime van lekker eten zijn navenant: een zwemband waar je u tegen zegt. Gezonde wangetjes. En tegen iedereen die zegt dat ik er zo goed uitzie, antwoord ik dat dat flauw is: er zit vijf kilo aan. Wat volgt, zijn twijfelende blikken. Spreek ik de waarheid? Ja ik spreek de waarheid. Maar ja, wat nu? De oven piept: mijn broodje gesmolten kaas is klaar. Lekker! Voor de zomer moet er wel een kilootje of zes af. Mijn zomergarderobe is wat maatjes kleiner dan de wintergarderobe. Dussss… Hoe gaan we dat doen? Of gaan we dat niet doen? Wat doen jullie?
Ebru Umar






