Anneke – denkt er maar even niet meer aan
Allerlei onderzoeken, lekgeprikt, de bloedzuigers sloegen toe – en ik had me nog verslapen ook! Werd wakker gebeld door een vriendin ‘hee, jij moet naar onderzoek!’. (nieuwe wekker. Ik had iets fout gedaan). Oeps! Dat was haasten. Geen tijd om de katten eten te geven ‘straks, dames, straks, komt eraan!’ Diep verontwaardigd zaten ze te wachten toen ik thuiskwam.
De prijzen van taxi’s zijn hemelschreiend. De chauffeurs niet. Gedienstig helpen ze me eruit, geven een steuntje tot ik binnen ben, en andersom ook. Petje af hoor! Het CWI zou me terug bellen vanwege mijn ietwat penibele situatie – tot dusver niks, nada, nothing. Ik geef de moed niet op: wat niet is kan nog komen. En verder denk ik er maar even niet over – daar schiet ik toch niks mee op. Ik kan denken wat ik wil, tegen dat soort instanties helpt misschien alleen een atoombom (moet ik even naar Noord Korea) – en dan nog niet. Geen beweging in te krijgen.
Intussen moest ik ook nog een andere patiënt verplegen: mijn internet lag eruit. If all else fails: opnieuw starten. Nog niet. Dan maar UPC gebeld. ‘Hij doetut niet!’ terwijl ie toch wel online is! Dat zagen zij ook. Zagen we het met z’n tweeën. Behulpzaam jongmens aan de andere kant ‘zet u het modem even van de spanning af’. Ik hinkte naar boven en ontspande modem. En nu de computer uit, riep de behulpzame. Ik hinkte weer naar beneden. Lichaamsbeweging is nooit weg. Daar ging de computer: zo uit als maar kan.
Jongmens vervolgde: nu modem weer aansluiten. Hop, daar ging ik weer. Nou ja, hop…
Modem aangesloten. Hoeveel lampjes hebt u nu, van de andere kant. 1! van hier, oh wacht, daar komt er nog een! In spanning keken jongmens aan die kant en ik aan deze kant toe, tot tenslotte, hoera, er zij licht! Hij is weer on-line! Nou moet de computer weer aan, zei de alwetende aan die kant. Daar ging ik weer. Omdat dat vanwege mijn gehink niet zo vlot ging, probeerde jongmens mij tijdens mijn lijdensweg naar beneden een ander abonnement aan te smeren. Met digitale tv. Hoef ik niet, hijg ik. Ja, maar ook telefonie? Ik zit bij die en die puf ik, en dat gaat goed.
Computer aan. Zit u makkelijk, vroeg bezorgd jongmens (vastbesloten zijn prooi niet los te laten). Ja, zucht ik. En kijk, hij doetut weer! Ah! dan kunt u nu naar onze website, en dan ziet u – vanalles, ja. Maar ik ga niet in een vloek en een zucht iets veranderen. Bovendien, bel maar terug, volgende week – deze grap kost me al genoeg.
Ik ga de was maar doen. Ik ben bijna door de slipjes heen. (gut, zou ik toch iets hebben met slipjes?) Het wordt bedenkelijk…..
Wat ook bedenkelijk wordt is m’n wasmiddel. Bijna op. Maar wat te kiezen? Bij de grootgrutter hebben ze zoveel wasmiddellen dat ik het niet meer weet, zo langzamerhand. Poeder dit, poeder zus, poeder zo, vergeet de wasverzachter niet, en oh, daar, allemaal vloeibaar spul, en kijk, was-balletjes. Die schijnen heel leuk verstoppertje te kunnen spelen in een dekbed-hoes.



tootsie2008 2009-05-26 17:34:38
marg 2009-05-26 14:29:23
Het maakt volgens mij niet zoveel uit, als je bont, fijn en wit maart uit elkaar blijft houden!
En weet je wanneer het CWI je belde? Niet vloeken:
Vanmorgen...toen je lekgeprikt werd!
Wanneer krijg je de uitslag Anneke?
En een goede tip...ga droog oefenen met je wekker...terwijl je nog wakker bent.
internetredactie 2009-05-26 11:57:59
LEES MEER REACTIES OP DIT ARTIKEL
Reageer:
Om te reageren dient u ingelogd te zijn. Klik hier om in te loggen.