Vakantie in zuid-oost Brazilië.
De reis was indrukwekkend. We vielen van de ene in de andere verbazing.
Wij hebben in de drukke steden Rio de Janeiro en Sao Paulo (waar miljoenen mensen wonen),
tussen de Brazilianen gewandeld om het leven te proeven op straat, dan zie je toch heel schrijnende beelden zoals in alle derde wereldlanden. (Het voelt anders als je het via de media verneemt.)
Je loopt langs moeders die op straat slapen met hun kinderen. Ze zijn al beter af met een matras
Ondanks al die moeilijkheden blijven de Brazilianen lachen.
Met een gids zijn we de favela’s ingegaan ( krottenwijken tegen de berg opgebouwd ). Onze gids was daar zelf opgegroeid en liet ons enkele sloppen van binnen zien; hij kende deze mensen en ze warten gastvrij.
Op straat kwam hij een vriendin tegen die een samba dansschool had of we maar even mee wilden komen dan zou ze wat laten zien.
Ze zette meteen de muziek op en deed een paar passen vóór nu moesten wij haar nadoen.
Moet je je voorstellen: het was een klein kamertje waar we met z’n twaalven de samba moesten leren. Het ritme zat er snel in maar de passen waren anders.
Sinds kort heeft Lula da Silva(de president), toestemming gegeven dat de mensen in deze favela’s mogen blijven wonen.
Ze betalen geen belasting. Het is een staat in een staat. Er durft ook geen autoriteit aan te bellen. Trouwens, wie woont waar?
Door de gebrekkige sociale voorzieningen en desinteresse van de kant van de overheid heeft er een gevaarlijke machtstructuur kunnen ontstaan. Je moet er dan ook niet alleen gaan lopen. Drugs speelt een grote rol. Ik was wel even geschrokken toen in een motor voorbij
zag rijden met iemand gemaskerd en een mitrailleur in de aanval. Gelukkig waren we gewaarschuwd om in bepaalde buurten geen foto’s te maken.
Maar er was genoeg afwisseling tijdens onze rondreis. Regenwouden, stranden en eilanden.
We hebben veel kilometers met de bus gereden want Brazilië is enorm groot maar we zijn ook met een trein door regenwouden gegaan.
We waren in kleine koloniale stadjes met kleurrijke huisjes.
In Castro woont nog een Nederlandse gemeenschap ( Castrolanda) waar nog steeds de nazaten van de emigranten wonen en werken ( Drentse boeren vertrokken in 1952 naar Brazilië omdat ze hun inboedel mochten mee verschepen.) Dat wordt in ere gehouden. Het land is door hen gekocht.
Ze hebben goed geboerd die veeteelt boeren en landbouwers uit Drenthe.
Ze hebben zelfs Nederlands zwart wit koeien overlaten komen.
Nu ze gepensioneerd zijn, wonen ze in villa’s met een prachtig uitzicht.
Hun kinderen en aanverwanten zetten het werk van hun voorouders voort. Er staat zelfs een typisch Drentse molen.
Ze hebben winkels, scholen, kerken en een begraafplaats.
Het is een Nederlandse gelovige gemeenschap
Op het eiland Ilha Bela konden we wat uitrusten, het stadscentrum bezoeken en een boottocht maken. Heerlijk relaxed!
We zijn nog met een rubberboot van de schoener afgegaan om naar een eilandje te varen waar niemand woonde.
Apenbroodbomen, bloemen en veel insecten die ik nog nooit gezien had. Het leek net of we het eiland ontdekt hadden.
Er zwommen scholen met vissen in het water; de natuur is daar nog niet verpest.
Op de boot werd een maaltijd klaargemaakt en natuurlijk een caiparinha ( nationaal drankje) gedronken.
Er zit suikerrietbrandewijn in met veel rietsuiker, limoenen en ijsblokjes. Heerlijk!
Wij starten en eindigden in Rio de Janeiro. Op één van onze laatste avonden nam onze reisleider ons mee naar de Copacabana boulevard waar we op een terras het nationale drankje gingen drinken. S’avonds laat kwamen de typisch gekleurde Braziliaanse meisjes met van alles heel veel en wulpse bewegingen, mannen versieren. Ja, dat waren de meisjes van plezier! Geweldig om te zien hoe ze heel brutaal ook de mannen van onze groep aanhaalden. “Ciao Bello"! Dat was lachen, kun je wel begrijpen. Dat hadden we niet willen missen.
De laatste ochtend voor vertrek zijn we vroeg opgestaan om nog even te zonnen op het Copacabana strand.
Dat was een laatste afscheid aan Rio de Janeiro en van Brazilië.
Om niet meer te vergeten