Hermien – Duisternis

Het is vroeg in de avond als wij door het Hongaars-Slowaaks grensgebied naar huis rijden. Die middag hebben we bij kennissen bomen en struiken gespit voor ons ‘korenbosje’ en na een gezellige maaltijd proberen we nu langs de onverlichte wegen de weg naar huis te vinden. Normaal gesproken kost het me geen enkele moeite om in de auto te slapen, maar nu houd ik mijn ogen wagenwijd open. De duisternis is als een zwarte deken over het bosrijke heuvellandschap gevallen en omdat veel wegen in dit gebied straatlantaarns noch reflectiepaaltjes hebben, tuur ik ingespannen mee naar de vage contouren van de weg. In de berm zie ik twee felgroene ogen oplichten. Een vosje? Na iedere heuvel lijkt de weg, als de koplampen nog omhoog schijnen, op te lossen in de duisternis. Plotseling verschijnen allerlei lugubere scenario’s op mijn netvlies. Deze omgeving zou perfect als decor kunnen dienen voor een griezelfilm en die gedachte bezorgt mij extra kriebels.
‘Kijk daar eens’
‘Geiten’, antwoordt manlief met zijn stadse roots. Twee reeën steken de weg over en kijken verbaasd achterom. Wie rijdt er op dit tijdstip nog door hun bos, lijken ze zich af te vragen.
Na een tijdje komen we weer in de bewoonde wereld en rijden door schaars verlichte dorpjes. Op straat zijn er amper mensen en de kleine raampjes van de huizen laten slechts spaarzaam verlichting door.
Eindelijk komen we bij de hoofdweg, die ons tot vlakbij ons huis zal leiden. Ik hoop dat we een stukje omrijden en de verlichte weg zullen volgen, maar manlief kiest voor de kortere route. Dit weggetje leidt wederom door de bossen en is zo smal dat tegenliggers alleen bij inhammen te passeren zijn. In de duisternis van de avond met een aanhanger achter de auto, geeft dit een extra moeilijkheidsgraad. Maar manlief houdt van uitdagingen en mijn hoop dat hij deze donkere afslag zal missen, wordt niet gehonoreerd.
‘Dit is echt een weg waar je nu een bruine beer kunt tegenkomen’, zegt hij als we door het bos rijden. Welja, gooi er nog maar een schepje bovenop. Ik zit toch al niet op mijn gemak na zijn opmerking, eerder die avond, over de geringe inhoud van de brandstoftank. Natuurlijk komen we die ene auto tegen en bij een uitrit kunnen we elkaar met enige moeite passeren. ‘Ruimte zat’ vindt manlief.
Ik slaak een zucht van verlichting als ik in de verte de lantaarnpaal bij ons huis zie opdoemen. Vlak voor onze woning rent een hert met elegante sprongen vanuit de boomgaard langs ons huis. Even blijven we staan om te genieten van dit bijzondere schouwspel in onze voortuin.
Lichtvervuiling kent men in Slowakije gelukkig nog niet. Wij zijn, zeker bij ons in de Randstad, niet meer gewend aan echte duisternis. Verlichting draagt bij aan een stukje veiligheid, maar overdrijven wij niet een beetje?

marg 2010-10-17 12:00:11
hermienstok 2010-10-15 12:11:52
Ik ken het Botlekgebied ook redelijk goed. Daar zal het inderdaad nooit echt donker worden. Maar eerlijk is eerlijk, als ik langs die grote raffinaderij kom, kijk ik toch even bewonderend om. Niet alleen omdat dit een knap staaltje techniek is, maar al die lichtjes heeft ook iets moois.
slangenmens 2010-10-14 15:11:06
We lagen heerlijk op het strand in het zuiden van Kreta een sterrenhemel te bewonderen. Machtig mooi gewoon.
En dan hier thuis, brgh, we wonen vlakbij het Botlekgebied, het lijkt wel of het daar altijd dag is, zoveel licht als daar schijnt. Net een heleboel kerstverlichting.
LEES MEER REACTIES OP DIT ARTIKEL
Reageer:
Om te reageren dient u ingelogd te zijn. Klik hier om in te loggen.