Wieke – Koeienfestival

“Morgen,” zegt Maanoj, de manager van ons hotel in Kathmandu, “is er in mijn dorp het Gaijatra festival en dat is bij ons veel leuker dan hier in de stad. Willen jullie mee?”
Deepok, onze favoriete ober, roept meteen dat hij ook mee gaat. “Bij ons komen nooit toeristen,” zegt Maanoj, “en ik ken iedereen, dus jullie mogen alles fotograferen.” Freek kwijlt spontaan bij die verleidelijke gedachte. Het idee dat je in Nederland met de manager en een leuke ober van van der Valk naar Koninginnedag zou gaan!
De volgende dag rijden we met een taxi naar het dorp van Maanoj. Het ligt wat hoger, tussen de rijstvelden. We weten dat het om een ‘koeienfestival’ gaat, maar we hebben geen idee over het hoe, wat en waarom. Overal lopen als koeien verklede kinderen rond. Een aantal volwassenen draagt een masker en op hun buik hangt een foto van een dierbare overledene. Het is warm en familieleden begeleiden de verklede vrouw of man en waaien ze koelte toe. De optochten trekken door alle straten en steegjes. Een hoosbui veroorzaakt hilariteit. Lachen om je misère en die relativeren zonder te bagatelliseren, daar gaat het festival eigenlijk om.
Eeuwen geleden overleed de zoon van Koning Pratap Malla en zijn vrouw. De koningin zakte in een diepe depressie en de koning loofde een beloning uit voor degene die haar aan het lachen zou krijgen. (Volgens mij hebben wij in Europa ook zo’n sprookje). Een optocht van koeien trok langs de koningin en dat vond ze om te gillen, zo komisch. Sindsdien viert men jaarlijks het Gaijatra festival. Iedereen in de immens grote familie Gaijatra die iemand heeft verloren, neemt deel aan de optochten. En Koning Pratap Malla propte er meteen nog een traditie bij: voortaan mocht men grappen maken over laakbare toestanden in het dagelijks leven.
Nu is er enerzijds de herdenking van overledenen, anderzijds mag er de draak worden gestoken met sociaal onrecht, corruptie en politieke onbenullen. Van die laatsten zijn er veel in Nepal.
Wat een kleuren, bonte verkleedpartijen en vrolijkheid. We komen de moeder van Maanoj tegen, die met andere vrouwen de feestgangers een rijstdrank aanbiedt op straat. Sterk spul, mijn ogen tranen ervan, maar tegelijkertijd voel je je fijn licht en tot alles in staat.
Later lunchen we bij Maanoj thuis, met zijn gezin en ouders. Daarna zwaaien ze ons enthousiast uit, alsof we ook familie zijn. Niemand heeft ons om geld of goederen gevraagd – iets wat vaak gebeurt in ontwikkelingslanden. Het gaat ze echt om ons, aan wie ze trots hun mooie, boeiende land willen laten zien. En daar nemen we graag nog een laatste glas rijstwijn op!
Tekst en beeld: Wieke Biesheuvel






HennyM 2011-11-22 21:49:33
Wat bijzonder dat jij zoiets toch maar weer mee mocht maken.
eendje 2011-11-22 14:24:13
wieke 2011-11-22 13:16:10
LEES MEER REACTIES OP DIT ARTIKEL
Reageer:
Om te reageren dient u ingelogd te zijn. Klik hier om in te loggen.