Janine Jansen bruist van de energie. Ze is net terug van een bijzondere trip door Azië en verheugt zich nu op de paar vrije dagen die eraan zitten te komen. “Want”, zo zegt ze met een glimlach, “mijn leven bestaat tegenwoordig uit méér dan muziek alleen.”
Dat dit een direct gevolg is van de time-out die de violiste twee jaar geleden nam, lijkt duidelijk. Sindsdien ging het roer drastisch om. Gaf ze jarenlang wereldwijd meer dan honderd concerten per jaar, nu geeft ze er zestig à zeventig. “Nog steeds best druk”, beaamt Janine lachend, “maar ik heb al veel meer tijd om gewoon adem te halen.”
Je kreeg twee jaar geleden een burn-out. Sta je daar nog vaak bij stil?
“Constant. Want ik ben natuurlijk als de dood dat het me nog eens overkomt. Ik wil me nooit meer voelen zoals toen.”
Noem jij het zelf eigenlijk ook een burn-out?
“Ik weet nog steeds niet goed hoe ik het moet noemen. Een burn-out klinkt meteen zo zwaar. Bovendien is het moeilijk voor te stellen dat je een burn-out krijgt van iets waar je zoveel liefde en passie voor voelt. Want dat is wat ik voel.
Ik houd waanzinnig veel van vioolspelen. Goed beschouwd kwam het ook niet door de muziek, maar meer door alles eromheen. Het reizen, het voortdurend in de belangstelling staan, de interviews… Dat alles bij elkaar werkte uitputtend. Op een gegeven moment bereik je dan de grens van wat je lichaam aan kan. Ik was op.”
Hoe merkte je dat?
“Op een dag stond ik duizelig op en kon ik nauwelijks op mijn benen staan. In het begin dacht ik: het is een griepje. Ik ga even liggen en dan is het zo weer over. Maar het ging niet over.
Af en toe lag ik een paar dagen in bed, om vervolgens weer te gaan. Een concert afzeggen, kwam niet eens bij me op. Ook al voelde ik me maar zozo, the show must go on.
Op het podium zelf, merkt je dat niet. Dat is het lastige. Dan leef je op de adrenaline en energie van de muziek. Dus voordat ik daadwerkelijk inzag dat er meer met me aan de hand was dan een griepje, was ik zeker een paar maanden verder.
Er zijn in die tussenliggende periode absoluut ook alarmsignalen geweest. Maar die heb ik genegeerd. Hoeveel mensen er niet tegen me gezegd hebben: neem gas terug… Ik was doof voor die geluiden, wilde het niet horen.
Ook toen het echt niet meer ging en het duidelijk werd dat ik dingen anders moest gaan plannen, meer en beter voor mezelf moest zorgen, zat ik nog in de ontkenningsfase. Eerst wilde ik per se uitsluiten dat het echt niets lichamelijks was. Pas toen uit die onderzoeken niets naar voren kwam, kon ik me neerleggen bij de diagnose: overwerkt, oververmoeid, burn-out. En die boodschap kwam keihard aan.”
Lees het gehele interview in Libelle 39
Meer lezen over een burn-out? Kijk dan hier.