Posts Tagged ‘Ebru’
maandag, juni 21st, 2010
Gevonden op mn balkon in Turkije. Ongetwijfeld net geboren. Mamakat was een wandeling aan het maken toen ik haar vond en in blinde paniek belde ik mijn moeder: “Kom. Onmiddellijk. Naar. Mij.” Doodsbang voor alles wat klein is en verzorging nodig heeft – ja, dat ben ik met mijn grote waffel. Mijn moeder piekerde er niet over, ze was koud tien uur daarvoor midden in de nacht met mijn zusje geland in Turkije maar bracht het op zijn ‘moeders’: “Waar een minikat is, is ook een mamakat. Niet aankomen gewoon even rustig afwachten.” [rectangle]Ze had gelijk. Uiteraard. En zo begon missie minikat: voed mamakat en dan komt het wel goed. Ook met de oogjes van mini waarvan er maar een open was. Elke ochtend legde ik brokjes neer, elke avond visjes. En water natuurlijk, melk lustte mamakat niet. Ondanks dat ik de huisslaaf van mamakat was geworden, mocht ik niet eens naar mini kijken. Beschermend ging ze op d’r baby liggen als ik eten kwam brengen. Als mamakat even aan de wandel was, spiekte ik naar mini, die gewoon als een echte baby uren lag te ronken. Mensenbaby’s en kattenbaby’s zijn één pot nat. En zo kwam ik erachter dat opeens beide oogjes dicht waren. En een ook nog ‘ns erg gezwollen. Bruut ingrijpen leek me verantwoord. Zodra mama uit de buurt was, stopte ik mini in een leeg ijsbakje waar ik een handdoek in had gedaan en rende ik met haar naar de dierenarts. Die me verwijtend meldde dat ik eerder had moeten komen. Ja. Dat weet ik ook, maar hoe?! Zelfs deze ontvoering was al met gevaar voor eigen leven. “Om het uur de oogjes druppelen, en dan maar hopen dat ze niet blind wordt,” sprak de dokter streng nadat hij haar een spuitje had gegeven. Ik rende weer naar huis, legde mini op het balkon en hoopte dat mama het niet gemerkt zou hebben dat haar baby toch best lang weg was geweest.

Dat was een illusie natuurlijk. Mamakat kwam, zag, rook en greep haar baby in haar nek. Over de daken, ver weg van mij, de nare huisslaaf die elke ochtend brokjes en elke avond visjes neerlegde. Damn. Mamakat komt nog steeds, maar mini heb ik niet meer gezien. Die is verstopt in een andere tuin, onder een andere struik. Hoop ik maar. Gelukkig wemelt het in Turkije van de beesten. Zo stond mijn zusje geduldig op me te wachten bij het visrestaurant waar we hadden afgesproken. Buiten. “Kijk ‘ns wat ik heb!” Mijn zusje is de Crazy Cat Lady en stond over een variant van minikat gebogen. “Neem ‘m mee”, sprak de visboer, “hier overleeft ‘ie het niet.” Tja, twee gekke Europeanen en een minikat. Dat behoeft geen aansporing.

Tags: Columns, Ebru, gesprek Ebru, katje, minikat, poes, turkijke
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
vrijdag, juni 4th, 2010
Ik weet niet wat ik heb, maar de laatste tijd heb ik een enorme sympathie voor moeders. Dus toen ik hoorde dat Joran gezocht werd in verband met alweer een moord dacht ik: het zal je kind maar zijn. Om erachteraan te denken: hoe word je zo’n idioot? Die vader draait zich om in zijn graf, die moeder trekt ongetwijfeld haar haren uit d’r kop. Je zoon verdacht van moord op één meisje, opeens verdacht van moord op de tweede. Deze keer gaat ‘ie hangen. Eindelijk. Maar hoe kom je zover? Op twitter volgde de uitleg: Joran is een psychopaat, kreeg te weinig of juist teveel aandacht, het is een crimineel! [rectangle]
Bij een crimineel denk ik niet aan een Joran. Joran komt uit een cliché standaardgezin met een vader die een fijne baan had en een moeder die ongetwijfeld al haar tijd en aandacht aan haar gezin kon wijden. Dat betekent dat er geen geldgebrek was en met een moeder die thuis zit ook geen aandachtsgebrek. Gewoon een standaard goed gezin, zoals al mijn vriendinnen ook hebben. En dan ga je projecteren: als in een goed gezin een psychopaat als Joran kan gedijen, hoe denken mijn vriendinnen dan een Joran in hún gezin te voorkomen? Ik heb het ze niet gevraagd, het lijkt me vragen om problemen. Zouden ouders ooit, al is het een fractie van een seconde denken, overwegen, dat hun kind óók een crimineel kan worden? Zouden ze ooit bedenken hoe ze ervoor gaan zorgen dat dat dus niet gaat gebeuren? Misschien is dat wel de reden waarom ik zelf nog steeds niet pieker over kinderen. Bij dieren ben ik al bang voor de dag dat ik ze dood aantref in mijn huis – aan mijn lijf geen dierenpolonaise. En met kinderen heb ik altijd al geweten dat ik de verantwoordelijkheid niet aan kan. Hoe leuk het ook zou kunnen zijn, hoe leuk ik de kindjes van vriendinnen ook vindt, je kind zou ondanks alle liefde, aandacht en geld maar uitgroeien tot een Joran. Of erger nog: ten prooi vallen aan een Joran. Verschrikkelijk. Ik hoop dat de moeder van Natalee Holloway lekker slaapt vannacht. Maar ik weet 100% zeker dat er ergens een moeder geen oog dichtdoet.

Tags: column ebru, Columns, Ebru, gesprekebru, het zal je kind maar zijn
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
dinsdag, mei 25th, 2010
Na vier dagen Buffalo Beach voel je je hele lichaam. Wij, Libelles, zijn namelijk eigenlijk erg lui. Wij hebben een zittend beroep. Achter een computer. Een keer per jaar mogen we er ‘ns opuit. En dan nodigen we maar meteen 80.000 mensen uit ook zodat we weer wat nieuwe hoofden zien. Daar bouwen we dan een feestje omheen dat we Libelle Zomerweek noemen. En in die week zien wij geen stoel, laat staan dat we zitten. Lopen, lopen, lopen op het terrein dat in totaal 1,5 km groot is. Dus dat we – ik – gesloopt zijn, is geen klacht maar simpelweg een constatering. [rectangle]
Tegelijkertijd is er de constatering dat de adrenaline piekt. En hoe. Laat ik mij normaliter niet leiden door de klok en sta ik elke dag redelijk vroeg op (uur of acht), tijdens de Libelle Zomerweek is de discipline anders. Vroeg naar bed. Vroeg is dan zeker voor middernacht. Liefst nog voor elf uur. En vroeg weer op. De wekker staat keurig op 7.50 uur maar de hele week open ik mijn ogen om klokslag 6.05. Echt niet handig als je lichaam elke minuut rust kan gebruiken. Ik lig dan nog braaf een minuut of twintig in bed maar dan is het wel gedaan met de rust, dan kan de dag wel weer beginnen. Want gesloopt of niet, tijdens de Libelle Zomerweek is elke dag een feestje. Zo ook gisteren, de dag die werd uitgeroepen tot de eerste cupcakesdag: mijn verjaardag. Nu is veertig een mijlpaal –zeggen ze – maar wel eentje waar je aan moet wennen. Dat gewenningsproces is nu wel over: 150 cupcakes en twee taarten waren het begin. Libelle-collega’s en lezeressen zorgden voor de enorme verassing – wie wordt er nou speciaal toegezongen op het grote podium door Pien Ankerman in het bijzijn van zoveel Libelles?? Super. Familie en vrienden maakten het áf. Ze kwamen naar de Libelle Zomerweek, we gingen uit eten en het feest was compleet.
Vlak voordat ik tevreden m’n bed inrolde, kwam de kater: een pijnlijke wijsvinger. Erg pijnlijke wijsvinger. Mijn tactiek van ‘negeer de splinter die je op de eerste dag van de LZW oploopt’ was uitgewerkt. Tikken ging niet meer. Het gevoel in m’n vingers trok weg. En ik begon te trillen. Ook als kersverse veertigjarige bel je dan maar weer met je moeder: “Mama, ik heb pijn!” Om vervolgens de instructie op te volgen: “Onmiddellijk in een taxi naar de EHBO. Die vinger is ontstoken, je hebt antibiotica nodig.” Dat is klare taal. De dienstdoende arts was het gelukkig 100% met mijn moeder eens: “Vanavond nog beginnen met de antibiotica, morgen drie pillen slikken en de kuur afmaken. Maar als je over twee dagen nog steeds pijn hebt, moet je terugkomen.”
Ik tik momenteel zonder wijsvinger. Maar de adrenaline viert hoogtij. Over twee uur sta ik weer op Buffalo Beach. Nog twee dagen. De dokter gaf me twee dagen voor de pijn – prima! Er staan nog twee verjaardagstaarten op de Libelle Zomerweek. YIHA!

Tags: buffolo beach, Ebru, gesprek Ebru, gesprek van de dag, gesprek vd dag, libelle zomerweek, veertig op de zomerweek
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
vrijdag, mei 14th, 2010
Maar vaker nog is het gewoon relaxt, zo tikkend achter je computer, denkend aan de deadline. Je krijgt boeken van uitgevers, cd’s van platenmaatschappijen, uitnodigen voor concerten, musicals en andere feesten en partijen. En regelmatig uitnodigingen om in den vreemde ‘ns iets te komen bekijken. Meestal ‘kan ik niet’. Dat is een ander woord voor ‘geen zin’. Geen enkele auteur/ columnist is auteur/ columnist geworden omdat ‘ie zo geïnteresseerd is mensenmassa’s. Als je mensenmassa’s had gewild was je wel een feesten- en partijenbureau gestart ipv lekker solistisch op het autistische af achter je computer te gaan zitten. Deze columnist is helemaal een wandelend vat vol tegenstrijdigheden: doe mij mijn laptop, voorzie mij van eten en drinken en je hebt geen kind aan me. Tegelijkertijd hou ik van feesten en partijen. Sterker nog, ik draai mijn hand er niet voor om om iets te organiseren, mensen met elkaar in contact te brengen en gewoon sociaal bezig te zijn. In tegenstelling tot mensenmassa’s boeien individuele mensen me juist wél. Inspirerende individuen geven energie en als je daar een aantal van bij elkaar zet, wordt het vanzelf een feest.
Vandaar dat ik toch maar ‘ns op een uitnodiging inging. Vriendjes van me zijn ooit een IT bedrijf begonnen: Triodor. Lekker spannend, bits en bytes, kabeltjes en computers. Maar goed, vriendjes he! Bovendien hebben ze de ambitie om het beste IT bedrijf van de wereld, maar zo niet dan toch zeker van Europa te worden. Nog steeds lekker spannend, het blijven bits en bytes, kabeltjes en computers. En tegelijkertijd kan ik er vol bewondering naar kijken. Het zijn vriendjes voor wie niets vanzelfsprekend is: gastarbeiderskinderen. In hun jeugd is ze niets aan komen waaien, sterker nog, ze hebben er voor moeten vechten om niet weg te rotten op scholen zwaar onder hun niveau. Want tja, gastarbeiderskinderen hè, dat wordt toch nooit wat. Ja outcasts. Outcast zijn ze geworden ook: afgelopen april werden ze als enig Nederlands bedrijf uitgenodigd voor de Presidential Summit for Entrepreneurship door Barack Obama zelf. Zestig bedrijven wereldwijd, waaronder het IT bedrijf van mij vriendjes: Triodor. Afgelopen week werd afgesloten met een joint venture met het beursgenoteerde EXACT. Het bedrijf uit Delft wil samen met Triodor de Turkse markt veroveren. En dan is het leuk om meer dan een solistische, achter haar computer autistje spelende auteur/ columnist te zijn. Niets is inspirerender dan aanwezig te zijn als enthousiaste, ambitieuze ondernemende mensen een samenwerking ondertekenen die ze dichter brengt bij het verwezenlijken van hun droom. Dat de Europese unie denkt dat Turkije er niet bij hoort komt de gastarbeiders kinderen alleen maar goed uit. Europa?! Pfff! De wereld is hun doel.
Tags: bits en bytes, column, column ebru, columnist, computer, deadline, Ebru, IT, Turkije
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
maandag, mei 10th, 2010
Ik noem drie namen:
Saban Baran.
Julio Poch.
Nana Gemann Kwasi Agyeman.
Nederlanders.
Bi-culturele Nederlanders (vroeger noemden we die allochtonen maar daar wil de ChristenUnie vanaf. Goede zaak, andere column). [rectangle]
En inzet van idiotie, dubbelzinnigheid en ronduit willekeur. Deze drie Nederlanders hebben naast hun Nederlandse nationaliteit ook nog een tweede. Baran de Turkse, Poch de Argentijse en Nana de Ghanese. Alledrie zijn ze crimineel, of worden in het geval van Poch verdacht van criminele activiteiten. Alledrie zitten ze vast in het buitenland. En van alledrie vragen de advocaten uitlevering van hun cliënten naar Nederland. Het zijn immers Nederlanders. Baran en Poch hebben dezelfde advocaat, Gerard Spong, Nederlander van Surinaamse kom af. Met één paspoort: Surinamers moesten van de Surinaamse overheid kiezen voor één nationaliteit.
Maar goed, de biculturele criminelen dus. Afgezien van het feit dat ik me stoor aan de mogelijkheid van een dubbel paspoort, stoor ik me aan de willekeur van de Nederlandse overheid. Deze criminelen zijn Nederlanders – tweederangsnederlanders van mijn part. Crimineel en allochtoon bovendien (ja sorry, zo zie ik ook mezelf hoor, zodra iemand over allochtonen begint weet ik, voel ik, dat het gaat over tweederangsburgers). Maar toch Nederlands. Ze plegen een misdrijf en over de landsgrenzen vergeten we dat het Nederlanders zijn. Maar niet helemaal.
Waar vrouwen(mis)handelaar Saban Baran door justitie wordt opgeëist terwijl hij zich in Turkije bevindt, trekt justitie haar handen af van dodenpiloot Julio Poch die in Spanje wordt opgepakt. Baran vlucht naar Turkije vanuit Nederland, er is geen uitleveringsverdrag en de Nederlandse overheid wil hem terug. En terecht – hoewel ik hem liever zie wegrotten in een Turkse cel. Julio pocht over de doodsvluchten die hij in Argentinië zou hebben uitgevoerd, wordt opgepakt in Spanje en de Nederlandse overheid trekt haar handen van hem af. Poch mag uitgeleverd worden aan de Argentijnen. De Ghanees zit in een of ander Afrikaans land vast voor moord, maar mag terugkomen naar Nederland – want het is een Nederlander hè – en is inmiddels op vrije voeten.
Die willekeur, ik word er doodziek van. Als je Baran terugeist, de Ghanees terugkrijgt, met welk fatsoen trek je dan je handen van Poch af? Op welk wetsartikel is de willekeur van de Nederlandse overheid gebaseerd, die maakt dat de ene crimineel tot niet-Nederlander wordt verklaard en de ander niet? Het is de willekeur die maakt dat ook ik recalcitrant word. En naar willekeur shop. Als ik als Nederlander een huis in Turkije had willen kopen, was ik dagen, zo niet maanden extra bezig geweest. Was het ongetwijfeld ook duurder geweest door de papierwinkel die eraan te pas komt. Dan komt het feit dat je altijd Turks staatsburger bent met een burgerregistratienummer wel mooi van pas. Maar ik vraag me altijd af: mocht ik besluiten het criminele pad op te gaan in Turkije, wat zou de Nederlandse overheid dan doen? Mij laten creperen in een Turkse cel of erop staan dat ik terugkom? Een ding weet ik wel: ik ben blij dat Spong ook mijn advocaat is.

Tags: Biculturele criminelen en de Nederlandse overheid, Columns, Ebru, gesprek van de dag, gesprek vd dag
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
maandag, mei 3rd, 2010
Ik doe dus niet aan deadlines – ja het staat er echt. Ik houd van deadlines, ze geven richting en zin aan mijn leven, hoe triest dat ook mag klinken. Een deadline vertelt me dat ik iets moet doen, anders dan boodschappen, lunchen, winkelen of met vakantie gaan. Hoewel, mijn vakantie stoort zich ook niet aan deadlines. Deadlines komen en gaan. Zijn er regelmatig en geven rust. En toch gaat er de laatste tijd iets mis met die deadlines. Ze komen te vroeg. Of: ik ben te laat. Niets te doen behalve deadlines halen en toch te laat zijn, best knap. En vervelend. Voor mij maar ook voor de wachtenden. Paniek en stress hoewel iedereen wéét dat je op Ebru kunt vertrouwen: dat stuk komt er, half uurtje later misschien maar er komt een zinnig verhaal. Zoals beloofd. [rectangle]
Aan mijn kant ook stress en paniek: ja, die krant, dat blad het moet naar de drukker. Zeeën van tijd en toch te laat. Why?! Tja. Ik kan alle onzinredenen wel opnoemen maar laten we ‘ns eerlijk zijn: zo veel afleiding! Te beginnen met internet. Mail. Twitter. Nog meer mail. En getwitter. Nieuw speelgoed: iPad, MacBook – het moet allemaal gekocht! En gebruikt, maar dat is stap twee. Nog meer afleiding in de vorm van de mobiele telefoon. Waren het vroeger mijn ouders die gék werden van mijn gebel, nu ben ik het zelf. Als die telefoon gaat, raak ik al in de stress: wieishetwatmoetiebenikwatvergetenwatnuweer?! Ik bel allang niet meer voor de gezelligheid met vriendinnen. Sterker nog, als zij mij bellen, horen ze al aan de manier waarop ik opneem (“Eepbroe”) dat ik eigenlijk te druk ben om ‘m op te nemen maar niemand weg wil drukken. En iedereen die me vraagt waar ik dan zo druk mee bent (stukje voor Libelle, stukje voor Libelle-site, stukje voor Metro) kijkt me glazig aan: hoe druk kun je daar nou mee zijn? Nou, niet natuurlijk. De druk zit in m’n hoofd. In alle bijzaken, die zo leuk zijn. De Libelle Zomerweek én alle concerten bezoeken van de artiesten die komen optreden. Libelle Broodje Politiek én alle politici nog even snel filmen – was wel niet afgesproken maar is toch leuk? De extra klussen voor derden. Te leuk allemaal. En ergens, diep weggestopt, ook nog iets van een privé-leven. Ook ik moet wel eens naar de dokter, Ikea, mijn ouders, met vakantie of gewoon relaxt zijn. Dat relaxt zijn, dat doe ik nu: elke dag een boek onder de Turkse zon. PIL van Mike Boddé is net uit (lezen! Hij schrijft zo heerlijk losjes weg en dat over een depressie), gisteren Palm Invest gelezen over hoe twee Brabanders dertig miljoen ophalen bij vermogende mensen en aan luxe auto’s uitgeven en vandaag begonnen aan het boek over Job Cohen, die mijn vriend niet is en wel burgemeester van Nederland wil worden. Er wachten nog twee interviews, nee drie zelfs en een column op me. Deze column.
Ik weet wat het is: mijn privé en werkleven zijn zo met elkaar vervlochten dat ik soms door de bomen het bos niet meer zie. Deadline, jaha, morgen kan ook. Dat weet ik nou eenmaal. Bovendien, als ik vandaag die deadline haal, wat moet ik dan morgen doen? Het wordt tijd voor een leven. Een echt, real life privéleven.

Tags: column, Columns, deadlines, Ebru, gesprek Ebru, gesprek van de dag, gesprekvddag
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
vrijdag, april 23rd, 2010
“Hoe kom jij nou aan een iPad?”, was mijn bijdehante vraag. “Geloof het of niet, maar bij Intertoys“, was de verlossende tweet. En zo tikte ik de url van de speelgoedwinkel in. Het stond er echt: iPad. € 699,-. Maximaal twee per persoon. Drie muisklikken later kwam de verlossende tekst in beeld: “Binnen twee werkdagen heeft u uw bestelling in huis.” Er bleek geen woord van gelogen: TNT bezorgde volgens afspraak het felbegeerde pakketje. Cool. Now what?
[rectangle]
Vrij weinig. Ik koppelde ‘m aan mijn Macbookje en er kwamen allemaal slimme teksten in beeld. Niet handig, besloot ik. Mijn Appeltje was immers aan vervanging toe, hij zoemt nu al maanden, de batterij is te snel leeg en bij het afsluiten, loopt hij ook vast. Kortom, Macbookje is op sterven na dood. Ik stapte de auto in, racete naar de stad en kocht een nieuwe. Zó fijn! De Apple-medewerkten verzamelden zich om m’n iPad, maakten slimme opmerkingen en vroegen of ik een wirefire had om de gegevens van de ene Mac naar de andere over te zetten. Ja, glom ik, die heb ik! Bij de kassa rekende ik nog een nieuwe batterij af voor de oude Mac, een tas voor de nieuwe en een sleeve voor de iPad. Goed gedaan Umar! Ik word altijd zó gelukkig als ik in mezelf investeer. Thuis in mijn smetvrezige desigerhuis overzag ik de schade: ik heb lampen die ruim dertig jaar oud zijn (Pipistrello’s), een loungestoel van vijftien jaar oud, een piano van 35 jaar oud en alle andere meubelstukken delen ook al minimaal vijf jaar mijn leven. Om nog maar te zwijgen van de komende vijf tot dertig jaar. Ik ben zuinig op mijn meubels. De nu zoemende Macbook kocht ik twee jaar terug in New York, de iPod die erbij hoort, ook. En die zijn aan het einde van hun Latijn. Terwijl ik er zo zuinig op ben. Waarom gaan meubels zo lang mee maar houden telefoons en alles waar een stekker aan zit er gewoon mee op na twee jaar?
En voor wat betreft de iPad: die ligt mooi te zijn naast de nieuwe Macbook. Die heeft namelijk een nieuwe (=andere) firewire aansluiting. Gloednieuw speelgoed in huis en ik kan het niet gebruiken.

Tags: column, Columns, Ebru, gesprek Ebru, gesprek van de dag, gesprek vd dag, gesprekvandedag, gloednieuw speelgoed, ipad
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
maandag, april 19th, 2010
Als het om beelden van onschuldige onbekende passanten gaat, bij wie je thuis infiltreert en toont dat die mensen thuis kibbelen over tv-zenders, ze een gore keuken hebben of elkaar mishandelen in hun SM-kelder, oké, dan zou je de rechter misschien gelijk kunnen geven. Want waar begint onze privacy, wat is openbaar? Veel mensen vinden dat beschaving af te meten is aan de manier waarop we met onze misdadigers omgaan. Misdadigers hebben rechten. Zoals het recht op privacy. En toch gaat dat er bij mij niet in. Waarom zou Koos H., moordenaar, rechten hebben? Zoals privacy? Of zouden mensen die Koos H. (indirect) de hand boven het hoofd hebben gehouden, niet met naam en toenaam genoemd mogen worden?
Volgens mij is het een christelijk adagium: doe een ander niet wat je zelf niet wilt dat jou overkomt. Lijkt me logisch. Mocht je dat toch doen, word ik ‘onbeschaafd’. Noem het barbaars. En geldt voor mij het impulsieve ‘oog om oog’. Stel: je vermoordt iemand, willens en wetens? Waarom zou je drie jaar vastzitten, met een taakstraf wegkomen of als klap op de vuurpijl ontoerekeningsvatbaar worden verklaard? En recht op privacy hebben bovendien?! Als iemand mijn naaste vermoordt, sta ik niet voor mezelf in. Niet voor niets kwam het slechtste in me boven na de moord op Theo van Gogh. Wat had ik graag eventjes, een kwartiertje maar, met een vastgebonden Mohammed Bouyeri en een nagelvijltje in één ruimte gezeten. Vrees alleen dat de liefhebbers voor zo’n ontmoeting zo talrijk zouden zijn geweest dat ik achteraan had mogen aansluiten. [rectangle]
Wat zo’n Koos H. allemaal gedaan heeft, kan niet. Hij zit vast, mooi. Ik kan me niet voorstellen dat de nabestaanden van zijn slachtoffers vinden dat ‘het recht’ heeft zegegevierd. Het is toch briljant om te zien hoe die man leegloopt en pocht, geen wroeging toont en het hem aan niets ontbreekt terwijl de nabestaanden levenslang hebben? En hoe schokkend is het om te zien hoeveel macht onze rechterlijke macht heeft als ze kwaad wil – al is het dan één persoon? En hoe bananenrepubliek is het dat boodschapper Peter R. de Vries het zwijgen wordt opgelegd terwijl de echte criminelen de hand boven het hoofd wordt gehouden? Ik vind Peter R gewoon dapper. En ons rechtssysteem… tja, laat ik het zo zeggen: als ik ooit het criminele pad op mocht gaan, dan ben ik blij met ons rechtssysteem.

Tags: Columns, Ebru, gesprek Ebru, gesprek van de dag, gesprek vd dag, peter r de vries, Peter R. de Vries en de rechterlijke macht, rechterlijke macht
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
vrijdag, april 9th, 2010
Maar dan zie ik ‘m ook echt hoor. Om ‘m vervolgens natuurlijk nooit meer niet te zien. Kortom, het leven is een drama momenteel, ik heb een rimpel. En dat is ernstig. Toch?
Er zijn ergere dingen in het leven maar als je geen problemen hebt, dan zoek je ze wel op. Dat is niet menselijk maar volgens mij vrouwelijk. Zorgeloos zijn en genieten, kunnen we dat? Deze rimpel zie ik sinds een fotograaf tegen me zei: “Oké, en dan nu zonder te fronsen.” Huh? Fronsen? Wat gebeurt er dan? Genadeloos had de camera vastgelegd wat er dan gebeurt. Tussen mijn wenkbrauwen zie je dan twee lichte streepjes. Rimpels. Fronsrimpels. Ernstig, nee. Totdat iemand je erop wijst. Inmiddels is dat zeker drie jaar geleden. En let ik erop als mijn bril van mijn neus glijdt. Die bril die de verrimpelling van mijn ogen in de weg heeft gestaan door als buffer te dienen voor weersinvloeden. Crèmes vind ik smerig en zal ik alleen in uiterst geval van nood (= nooit) smeren, maar zelden zul je mij zonder zonnebril zien – ook als het regent. Maar tegen die fronsrimpel heeft ook de zonnebril weinig in te brengen. Vandaar dat het telefoontje op het juiste moment komt: “Lieve E, ik overweeg een botoxparty te houden, kom je ook?” [rectangle]
Ik zou liegen als ik zou zeggen dat ik de uitnodiging heb afgeslagen. Sterker nog, de party gaat bij mij thuis plaatsvinden. Chirurg aan huis, hoe prettig is dat? Ergens vind ik het eng want eerlijk is eerlijk: die rimpel zie je niet. Maar ik zal nooit de woorden van dezelfde chirurg vergeten: “Je moet alleen aan cosmetische chirurgie beginnen als het nog niemand opvalt. Als je op je vijftigste of zestigste pas de boel laat liften, is het verschil overduidelijk. En is de kans dat het mooi wordt ook minder. Zolang alleen jij ziet wat er ‘mis’ met je is, heb je er het meeste plezier van.”
Vanavond dus een feestje. Maar ik weet nog niet of ik het ga durven. En of het ‘nodig’ is.

Tags: Botox, Botox aan huis, Columns, Ebru, gesprek Ebru, gesprek van de dag, libelle, Rimpels, Uit het blad
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
zondag, april 4th, 2010
Mijn zusje en ik zijn twee handen op een buik – tenzij het om mijn smetvrees gaat. Daar lijdt zij namelijk niet aan. Ze ziet het niet. “Kijk ‘ns hoe mooi opgeruimd het bij me is,” kan ze stralen als ik me afvraag wanneer in hemelsnaam de werkster langskomt om de puinzooi op te ruimen. Weg te gooien. Mijn spullen gaan 100 jaar mee, die van haar zijn binnen een maand afgeragd. Een week. Niet bewust, dat is nog wel het ergste. Hoe ze het doet – ik weet het niet. Hoe ik het doe, weet ik ook niet. Maar bij mij thuis kun je van de vloer eten, wat natuurlijk ook wel overdreven is maar het zou kunnen. Op elk moment van de dag.
[rectangle]
De werkster die bij mijn zusje schoonmaakt kan ook huilen. Doet dit ook regelmatig. “Ik doe dit alleen voor jou. En je moeder,” huilt ze dan tegen mij. Mijn lieve zusje – want dat is ze dan natuurlijk ook nog – is zich van geen kwaad bewust. Ze verzamelt rotzooi. Ik ben goed in het weggooien van spullen, heel goed. Als er NU een afvalcontainer voor mijn huis zou staan zou ik zeker een kwart van mijn spullen wegdoen, al was het alleen omdat ik ze niet gebruik. Maar ja, ik heb de ruimte dus elke kamer is ingericht. Echt idioot. En elke kamer is spic en span. De werkster heeft mijn zusjes nieuwe woning schoongemaakt en stond te huilen toen haar oude (=vieze) zooi naar binnen werd gedragen. Mijn moeder had mijn zusje nog op het hart gedrukt om alles weg te gooien, ze zou nieuwe spullen krijgen. Maar mijn zusje is niet van het inruilen van spullen, ze houdt van haar oude (=vieze) zooi. Want oud is het niet, maar vies is het inmiddels wel. Haar man is hetzelfde als zij. Hoe die twee elkaar gevonden hebben, het is een raadsel. Of juist niet. Ze hebben een tijdje bij mij gewoond en nu zijn ze weg. De werkster is al twee uur bezig met schoonmaken – van twee kamers. Nog vier te gaan, plus de keuken, badkamer en het trappenhuis. En daarna mag de schilder langskomen. De gordijnen neemt mijn moeder mee naar de stomerij. De rest zet ik morgen bij het grofvuil. Ik denk dat mijn zusje geadopteerd is. Het kan niet anders.
Tags: column ebru, Ebru, ebru umar, huishoudster, hulp, poets, schoonmaakster, smetvrees
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
maandag, maart 22nd, 2010
Ik was in één klap wakker. Ja, de afgelopen weken klaagde ik over vermoeidheid. Een trillend ooglid, slapeloze nachten maar wat wil je dan ook? We zitten middenin de voorbereiding van de Libelle Zomerweek, ergens loopt nog een Libelle Broodje Politiek, een grote opdracht had ik net afgerond, met daarnaast mijn wekelijkse Libelle interviews, METRO-columns en websitestukjes. Ondanks dat er nauwelijks sprake was van een sociaal leven, was ik uitgeteld. Afgelopen zaterdag had ik een huwelijk in België en hoewel ik huwelijken consequent mijd, wilde ik hier per se heen. De bruidegom komt uit Marokko, hij kent hier vrijwel niemand maar mij wel. Dus ik twee uur rijden voor een plechtigheid van twintig minuten. Daarna had ik samen met een andere vriendin de edele taak om iedereen van hapjes en drankjes te voorzien. Met alle liefde. Dat iemand ”Jemig E, wat zie jij er vermoeid uit”, zei, lachte ik weg. Het klopt, maar ik heb wél al mijn deadlines gehaald! Na deze dag zou ik vrij zijn. Nou ja, één interviewtje, maar geen haast. Gewoon vrij! We bonjourden iedereen met zachte hand de deur uit, ik ging even zitten en reed terug naar Nederland. Ik voelde mijn suikerspiegel dalen en kocht een zak drop. Jammer dan van het diëten, maar autorijden met een licht hoofd is niet aan mij besteed. In de bocht die ik de afgelopen dertien jaar al zeker 300.000 keer had gereden, ging het mis. Tien minuten van huis doemden de ‘U rijdt te snel’-borden op. Ik rijd daar altijd te snel en met mij 99% van de autorijders. Het is een bocht, wat moet je dan, afremmen? [rectangle]
Wat er gebeurde, weet ik niet meer maar opeens slipte de auto. Ik reed op de linkerbaan, was ik zo moe dat ik in de regen besloot te remmen?! Nooit, maar dan ook nooit remmen in een bocht, handen aan het stuur en auto op de weg houden. De vangrail links doemde op. SHOOT. Stuur naar rechts gooien hielp niet, de auto gleed weg. Ja het was nat, ja ik reed te hard en trapte op de rem (FOUT!) maar de klap van de vangrail waar ik me op voorbereide, bleef uit. De auto was naar rechts geslipt, 180 graden gedraaid en tolde inmiddels over twee banen. Twee rijen auto’s kwamen op me af – net als in de film. In een reflex gooide ik het stuur naar links, de auto draaide om haar as, het was een hel maar wonderbaarlijk genoeg stond ik stil. Op de vluchtstrook, twee banen verder dan waar ik de bocht in was gegaan. Met mijn neus tegen het verkeer in. De auto’s hadden me weten te ontwijken. Een ongelooflijke situatie. Geen seconde verwachtte ik daar dood te gaan, maar ik verwachtte ten minste vier op elkaar geklapte auto’s. Niets geraakt. Geen vangrail, geen auto. De politie keek haar ogen uit: “U bent van de linkerbaan op de vluchtstrook rechts geëindigd zonder iets te raken?!” Ze zetten alsnog de weg af, keerden mijn auto en ik ben zelf naar huis gereden. Alleen, met al mijn engeltjes op mijn schouder. Het was overduidelijk nog niet mijn tijd.

Tags: blad, BMW, Broodje Politiek, Columns, Ebru, gesprek van de dag, libelle, magazine, Niet mijn tijd, Uit het blad
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
donderdag, februari 4th, 2010
Eet en praat u mee?
Minister-president Jan Peter Balkenende en Libelles Ebru Umar gaan op 1 maart graag met u in gesprek over politiek. U kunt al uw vragen kwijt, bijvoorbeeld hoe geloofwaardig zijn politici nog? Hoe komt het dat het lijkt alsof politici er niet écht voor óns zijn. Maar ook: waar is het geld gebleven waarvan u dacht dat het zo veilig op de bank stond?
Aanmelden
Wilt u deelnemen aan het Libelle Broodje Politiek? Mail dan naar Laura van Zon: l.van.zon@sanoma-uitgevers.nl. Hebt u een vraag? Mail die dan ook. Vergeet niet uw naam, leeftijd, beroep én contactgegevens naar ons te mailen. U krijgt bericht of u bent uitgenodigd.
[rectangle]
Eindelijk een gelegenheid om al deze en andere vragen eens te stellen én om persoonlijk een antwoord te krijgen. Alleen luisteren mag natuurlijk ook.
Onder het genot van een broodje wisselen Libelle-lezeressen van gedachten met de minister-president. Een unieke kans dus om hem live te spreken. Na afloop wordt u rondgeleid door het gebouw van de Tweede Kamer. Een Haags dagje om nooit te vergeten!

Wat? Een broodje eten en discussiëren met minister-president Jan Peter Balkenende
Waar? Internationaal Perscentrum Nieuwspoort, Den Haag
Wanneer? Maandag 1 maart, ontvangst vanaf 11.00 uur. Het debat begint om 12.00 uur
Hoeveel kost het? Helemaal niets (nee, ook het broodje hoeft u niet af te rekenen!)
Tags: aanmelden, balkenende, broodje eten met Balkenende, debat, Ebru, Jan Peter Balkenende, libelle, lunch, minster president, politiek
Posted in Broodje Politiek, Uit het blad, blad, video pagina | 1 Comment »
vrijdag, januari 29th, 2010
Ja, ik schrijf mijn hele leven al, maar dat je daarmee in je levensonderhoud zou kunnen voorzien, had ik nooit bedacht. Dat de krant bezorgd werd, vond ik net zo normaal als dat water uit de leiding stroomt en het licht aangaat als je op een knopje drukt. Het gebeurt gewoon. Totdat mijn eerste stukje op internet verscheen en ik er reacties op kreeg. Kritische, maar ook lovende.
Na dat eerste stukje op de website van Theo van Gogh www.degezonderoker.nl ben ik nooit meer opgehouden met schrijven. De eerste keer dat mijn naam in de krant stond, had ik er al een jaar of tien bedrijfsleven op zitten.
In die tien jaar zal ik zo’n half miljoen verdiend hebben, maar niet eerder dan toen ik € 200,- kreeg voor een stukje, voelde ik dat ik had gewerkt. Dat ik geld had verdiend. Met mijn eigen handen. Een onwezenlijk gevoel, je tikt een stukje en daar staat dan je naam bij. Dat heb jij gedaan. En voor die bijdrage aan de krant krijg jij geld. Heel wat anders dan een van de duizend man binnen een bedrijf zijn. Compleet anders dan een van de 80.000 werknemers binnen een beursgenoteerde organisatie zijn. Echter. Intenser. Origineler. Veel meer mezelf. Zie daar het ontstaan van een nieuwe verslaving: schrijven.
[rectangle]
Inmiddels schrijf ik zes jaar. Voorzie ik al vijf jaar in mijn levensonderhoud door te schrijven. Ik mis niets van het bedrijfsleven. Ik reed een leaseauto, had een mobiel van de zaak en was hip in mijn stoere pakjes met laptop en creditcard van de zaak.
Op zich is er weinig veranderd. Ik heb nog steeds een auto, mijn mobieltje is mijn eerste levensbehoefte – op mijn laptop na, die ik tot nu toe elk jaar inwisselde voor een nieuw, hipper exemplaar. Mijn stoere pakjes zijn kleurrijker geworden – eindelijk hoef ik geen zwart en donkerblauw meer te dragen en kan ik mij uitleven met echte outfitjes. Elke dag komt een ander deel van mijn persoonlijkheid aan bod. Het aantal credit cards is op mysterieuze wijze verveelvoudig, het aantal uitgaven erop op evenzo miraculeuze wijze verminderd.
Ik houd van mijn vak. Ik houd van mijn opdrachten. Ik schrijf met intens plezier mijn columns voor Metro, of ze nou over een bontjas, GL, de niet-liefde, Turkije of politiek Den Haag gaan. De interviews die ik voor Libelle mag doen, zijn een feest. In welk ander beroep spreek je ’s ochtends Wende Snijders, ’s middags premier Balkenende en ’s avonds Acda en de Munnik? Welk ander beroep geeft me de vrijheid om lange periodes van zon in te lassen zonder mijn werk te verzaken?
Naast schrijven voor Libelle en Metro mag ik meedoen aan debatten, schrijf ik columns en opiniestukken op heel veel andere plekken en doe ik grote interviews voor andere bladen. Als ik zeg dat ik van mijn vak houd, dat ik als atheïst God op mijn blote knieën dank dat ik dit leven mag leiden, is het omdat ik weet hoe het is om een beroep uit te oefenen dat je wel kunt, maar dat je niet vervult. Niet al mijn werk is even sterk maar dat geeft niet. Er zijn momenten dat je een bureaubaan ook niet met ziel en zaligheid kunt vervullen vanwege ziekte, familieomstandigheden, te veel drukte of andere dingen. Ik doe mijn best, altijd. Het allermooiste aan mijn vak is dat het je aanspreekt. Of niet. En als het je niet aanspreekt, dan kun je aan me voorbijgaan. Je slaat de pagina’s waarop ik sta om, je bezoekt de websites niet waarop ik schrijf en je zet de radio en tv zachter als ik verschijn. Je hebt de keuze of je wel of niet met mij geconfronteerd wilt worden.
Als ik op deze site lees dat sommige lezers mij een slechte schrijfster vinden, dan lach ik daar om. De kritieken gaan niet verder dan dat. Ze raken me niet. Maar het is zonde dat de discussie vervuild wordt met deze reacties. Als iemand er gelukkiger van wordt door te denken dat ik mijn vak mag uitoefenen omdat ik de huisturk van Libelle, Metro en al mijn andere opdrachtgevers ben: dames, heren, be my guest. Maar verwacht niet dat ik daar serieus op reageer. Sterker nog, verwacht niet dat er ook maar iemand hier iets anders mee doet dan zijn schouders erover ophalen. Ik houd van mijn vak.
Tags: column, debatten, Ebru, gesprek, interviews, schrijven, theo van gogh
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
vrijdag, januari 22nd, 2010
Totaal gevloerd. Niet dat ik tijdens mijn vakantie niet gewerkt heb: voor Libelle en Metro heb ik in alle rust mijn stukjes uitgewerkt, interviews gehouden en columns gelezen. Maar verder heb ik het leven in de ruststand geleid. Mijn huis staat in een toeristisch plek, wat inhoudt dat in de winter het leven stilstaat.
Alle winkels zijn dicht, mijn vrienden zijn weg (ze zitten in hun winterhuis 100 km verderop) en Nederlandse vrienden bleven thuis. Het betekent dat je volledig op jezelf bent aangewezen. En voor een einzelgänger als ik is dat het paradijs. ’s Ochtends in alle rust opstaan en een rondje om de berg lopen. Verse jus halen op de terugweg, relaxt douchen een aankleden en dan een boekje lezen in de zon – thuis of bij Starbucks – of de enige vrienden die daar overwinteren bellen om te gaan lunchen, via internet radio luisteren en ’s avonds eten laten bezorgen om bij een dvd’tje van te genieten. The simple life zeg maar. In het weekend even naar Izmir, shoppen en eten met vrienden, om ‘s avonds weer naar mijn kluizenaarsbestaan terug te keren.
[rectangle]
Een bestaan waarin de katten de meeste aandacht vragen. Elke ochtend staan ze te miauwen: eten, eten! Zwerfkatjes, de ene helft nog baby (te leuk), de andere helft al volwassen. En ja, tuurlijk geef ik ze dan te eten. Maar dat was het dan wel. Verder dan een bezoek aan de kleermaker ben ik niet gekomen. Erg inspannend vond ik dat, uitleggen wat ik wilde. Passen, ophalen. Die inspanning komt me nu voor als het paradijs.
Een week terug in Nederland en ik heb last van hartkloppingen (te veel getraind – net 40 minuten met gewichten van 2 kilo. Dat te veel is dus cynisch bedoeld). En last van ‘so much to do, so little time’. Maar er zijn ook zo veel leuke dingen! We zijn weer bezig met de Libelle Zomerweek. Voor mij houdt dat in dat ik dagelijks 20 telefoontjes en mailtjes pleeg om artiesten te boeken. En ruggespraak te houden met de redactie. Daarnaast gaan we Libelle Broodje Politiek doen: maandelijkse lunchbijeenkomsten met politici en Libelle-lezeressen. Vanaf volgende week meer informatie hierover in het blad én op de website!
Tipje van de sluier: 1 maart organiseren we een lunch met premier Balkenende en 50 lezeressen. Over hoe je hierbij aanwezig kunt zijn volgende week dus meer. Dit zijn nog eens tien telefoontjes en mailtjes per dag. Tot slot werk ik aan een nieuw tijdschrift dat in mei uitkomt. Superleuk, echt te gek. Tel daarbij op dat ik nog mijn rubriek in Libelle en mijn column in Metro heb en het spreekt voor zich dat ik moe ben van het leuke dingen doen. En dan heb ik het nog niet eens over de film, lunches, vrienden en familie gehad.
Na 5 weken van bijna niets doen, is het vrij moeilijk om er zo vol in te gaan, merk ik. Of word ik oud? Nu weekend. Maar vanavond nog een borrel. En morgen een verjaardag. En zondag ook. Ik wil een huishoudster.
Tags: column, Ebru, ebru umar, gesprek, libelle, metro
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
vrijdag, januari 15th, 2010
Akte 1: het rapport. Akte 2: reactie op het rapport. Akte 3: verontwaardiging van de oppositie. Akte 4: boze coalitiepartner. Akte 5: kinderachtig verstoppertje spelen van de vice premier. Akte 6: de brief aan de Tweede kamer die niet kwam. Akte 7: de brief aan de Tweede Kamer die wel kwam. Akte 8: het debat. Akte 9: zand erover en morgen gezond weer op.
Ik denk dat het de afstand was. Toen dit speelde, zat ik 3500 kilometer verderop. Met elke ochtend internet, krant en radio was ik op de hoogte van de spanning. Maar de afstand zorgt voor relativering. Alle Amsterdamse journalisten die ik ken, stonden op scherp. Mijn radiovriendjes wisten het zeker: crisis. Mijn persvriendjes ook: kabinet klapt vanmiddag. En ik? Ik liet me niet gekmaken. Als je met z’n allen bij elkaar zit, met elkaar belt, in Den Haag rondloopt en ministers, voorlichters en collega’s ziet, ga je bijna denken dat er iets gebeurt. Die drukte, die stress. Maar ja, het is business as usual. Licht aan, actie en gáán. Met zo veel pers kun je als politiek niet anders dan doen alsof er iets heel belangrijks gebeurt.
[rectangle]
Er gebeurde nog iets grappigs. Iedereen die ik in Nederland ken, zat op Twitter. Over alles wat in Nederland gebeurde, werd onderling getwitterd. Gegeind. Heel bizar, eigenlijk stookte iedereen elkaar op. Het kabinet zou niet klappen, ik wist het honderd procent zeker. Honderd procent. Maar als iedereen erover praat, ga je bijna geloven van wel. En zeker als Bos niets zegt en niet verschijnt, gebeurt dat.
Er was één enkele reden waarom het kabinet zou blijven zitten: er is nu geen tijd voor verkiezingen. De gemeenteraadsverkiezingen komen er toch al aan. De PvdA gaat toch al verliezen. En het CDA heeft geen lijsttrekker – voorlopig. Het is niet het moment om strategische stress te veroorzaken. Dus dat ik nu bekaf ben, is totaal om niets. Een nacht heb ik niet geslapen, omdat ik om vijf uur ’s ochtends terugreisde naar Nederland. Zodra het kamerdebat over was, stapte ik in een taxi richting vliegveld. Een slapeloze nacht om niets. Ja, het gebruikelijke gedraai van Bos’ PvdA. Ingepakt en afgeserveerd door Balkenende. Het was twee dagen ervoor al duidelijk. Was deze niet-kabinetscrisis dit hele circus waard? Tja. Ik ga slapen. Morgen gezond weer op.
Tags: CDA, column, crisis, Ebru, gemeenteraadsverkiezingen, kabinet, kabinetscrisis, PvdA
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
donderdag, januari 14th, 2010

Twan, op de achterflap van je boek Meesters staat dat de studenten met wie je het tv-programma Nova College Tour hebt gemaakt prikkelendere vragen wisten te stellen dan journalisten. Hoe kan dat?
“Studenten durven zonder barrières vragen te stellen waarvan ik soms echt dacht: hoe kom je erop? En dan blijkt het een wereldvraag te zijn. Ik ben altijd op zoek naar nieuws, naar datgene wat iemand nog niet heeft verteld. Andersom merk je dat de gasten heel open zijn naar studenten die niet worden betaald om een vraag te stellen. Ze willen ze iets meegeven, of het nou John Malkovich is of prinses Irene.”
Je hebt het boek gemaakt naar aanleiding van de tv-interviews. Was dat een kwestie van de band afspelen, opschrijven en klaar?
“Nee, tv-taal is totaal ongeschikt voor een boek, maar ik heb wel vanaf het begin meer laten
opnemen dan we voor een uitzending nodig hadden. Zeker toen bleek dat we internationale gasten konden krijgen van wie ik alleen maar kon dromen. Het gesprek met de dalai lama duurde twee uur, hij had er echt zin in. Dat heb ik uitgewerkt om te kijken of die interviews zich zouden laten vertalen naar een boek. Prettige bijkomstigheid was dat ik in het boek meer de achtergrond kon belichten.” [rectangle]
Het hele interview met Twan Huys vindt u in Libelle 3 op bladzijde 100.
Over het boek
De gasten van Nova College Tour, het programma dat Twan Huys presenteerde, zijn meesters in hun vak. Twan wist de vele (beroemde) gasten te strikken en deze beantwoordden de vragen van de studenten in de zaal. Het programma leverde vaak nieuwswaardige, altijd opmerkelijke en soms hilarische gesprekken op. De beste interviews en de enorme hoeveelheid aan niet uitgezonden materiaal bewerkte Twan Huys tot het boek Meesters.
Maak kans op het boek Meesters!
Deze winactie is afgelopen, de winnaars hebben inmiddels bericht gehad. Meer winacties vind u op www.libelle.nl/winnen.
Meesters – Twan Huys, Prometheus
ISBN 9789044614770, Prijs € 15,-
Verschenen in december 2009

Tags: 3, blad, Boek, Boeken, boekenclub, Ebru, ebru umar, libelle, magazine, meesters, nova, Nova College Tour, online spelletjes, presentator, studenten, twan huys, vragen stellen, Winnen
Posted in Uit het blad, blad, boekenclub | No Comments »
vrijdag, januari 8th, 2010
Maar wat ik nu lees, daar heb ik niets op te zeggen. Burgemeester Cohen wil crimineeltjes hun Nikes afpakken. Om zo ‘het signaal te geven dat misdaad niet loont’.
Als ik toegeef dat mijn eerste reactie was: ‘Mooi, de dichtstbijzijnde schoenenzaak wordt dus overvallen’ mislukt dan mijn voornemen om niet meer cynisch te zijn? En als de tweede reactie was: ‘Welke agent zal dit werkelijk durven uitvoeren’ ben ik dan ook cynisch?
De overheersende en dus verlammende gedachte was echter een andere: dit kan die man toch niet serieus menen? Na jaren van pappen en nathouden, van draaideuren duwen en kopjes thee drinken, van ‘foei en niet meer doen’-zeggen, komt de Amsterdamse burgemeester met deze oplossing om criminelen aan te pakken?! [rectangle]
Als het mijn kind zou zijn, zou ik in tranen uitbarsten. Dus dit is er van mijn opvoeding terechtgekomen, zou ik denken. Niets! Helemaal niets! De gympjes afpakken. Hoe verzin je het?! Niet met de ouders praten, niet vastzetten, niet straffen, niet laten werken maar nee, gympjes afpakken. Over de scooters hoor ik hem niet. Over de mobieltjes ook niet. Maar wel over iets anders: hij raadt iedereen aan een haakje op de deur te doen. Zodat je avonds ‘veilig’ je deur kunt openen. Een haakje! In welke wereld leeft deze man? Ik heb hier werkelijk niets op te zeggen, gewoon niets. Een gevoel van machteloosheid overvalt me, elke stad krijgt de burgemeester die hij verdient. Moet ik volgende week maar niet terugkomen naar Amsterdam dan?!

Tags: burgemeester, Cohen, column, columns, criminelen, Ebru, ebru umar, gesprek Ebru, gesprek van de dag, gympen, gympjes, misdaad, Nike, Nikes
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
vrijdag, december 25th, 2009
De kop van het artikel nodigde uit tot lezen. Ik ben niet de grootste liefhebber van kinderen, en zeker niet van huilende kinderen, maar ik betwijfelde of ik begreep wat de kop te bieden had. Tot mijn verbazing stond in het stuk inderdaad dat de chauffeur het gekrijs van de driejarige zat was. En dus moeder en kind tot uitstappen dwong.
Zelfs als niet-liefhebber van huilende kinderen vind ik dit niet kunnen. Tegen klierende pubers, etterende Marokkanen en brutale scholieren wordt niet opgetreden, maar tegen een moeder met een krijsend kind – hoe kwetsbaar wil je een vrouw hebben – durft zo’n man wel op te treden? [rectangle]
Om de een of andere reden vermoed ik dat het om een buitenlandse moeder gaat. Geen Nederlandse vrouw die dit gedrag van een buschauffeur zou pikken, van haar kind ook niet trouwens. Hoewel, probeer een kind maar eens tot bedaren te brengen als het huilt. Inmiddels weet ik dat als baby’s huilen, ze honger hebben of moe zijn. Met een driejarige kun je praten, het dwingen te stoppen met krijsen. Zeg ik nu. Er zullen zat moeders zijn die me uitlachen. Thuis zet je zo’n kind gewoon op de gang, maar in de bus?
Zelf ken ik krijsende kinderen alleen uit het vliegtuig. Je doet er niets aan, die kleintjes vinden het vreselijk, hun oren doen pijn en het is nou eenmaal niet anders. Ouders voelen zich enorm opgelaten maar kunnen er ook niets aan doen. Soms, soms kan ik idioot redelijk zijn – zelfs als het om ouders met kinderen gaat. Je kunt moeder en kind nou eenmaal niet uit het vliegtuig zetten. Blijkbaar dacht de buschauffeur er anders over. Als dit bericht werkelijk waar is, vraag ik me af hoe Connexxion de onbeschoftheid van deze buschauffeur recht zal praten.

Tags: bus, buschauffeur, column, column ebru, Columns, connexxion, Ebru, ebru umar, gesprek Ebru, gesprek van de dag, huilend kind, kinderen, krijsende kinderen, moeder, verbazing
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
vrijdag, december 18th, 2009
De feestdagen worden veel te veel gebracht als een lifestyle-opname, waarbij je met de hele familie gestoken in nieuwe kleding gezellig om de tafel zit, grappen maakt en cadeautjes uitpakt.
Maar de praktijk ziet er in veel gevallen heel anders uit: de feestdagen zijn een variant op de drukste werkweek ever. Je moet naar twee locaties die meestal allebei niet om de hoek zijn. Dus je pakt wéér de auto en staat wéér in de file. Waardoor je ook op je vrije dag wéér in een opperbest humeur op de plaats van bestemming komt. Verder ‘moet’ het gezellig zijn. Hoeveel gezelligheid zit er in het woordje ‘moeten’?
Dan het diner. Nooit heb ik die kerstdinertraditie begrepen, tenzij je het zoekt in het calvinisme van het eten. Wij hechten 363 dagen geen waarde aan eten, het hoeft niet lekker te zijn maar wel voedzaam. Wij noemen ‘lekker eten’ een kant-en-klaar maaltijd van de Albert Heijn. Maar deze twee dagen moeten de overtreffende trap zijn: veel, uitgebreid en vooral dingen die je normaliter niet eet. [rectangle]
Ik weet dat ik redelijk anders denk dan de doorsnee burger, maar ik houd daar niet van. Ik eet elke dag wat ik lekker vind en er zit bij mij geen beperking op. De lading die we met z’n allen aan de feestdagen geven, wordt zo opgeklopt dat de verwachting zelden waar wordt gemaakt. Als je het eerlijk aan alle jonge gezinnen vraagt, zouden ze het liefst met zijn allen thuis zijn, niet naar opa en oma gaan, maar ja, de verwachting is dat je komt. Zijn dit dan de enige dagen in het jaar die met opa en oma doorgebracht worden? Lekkere familie dan.
Singles wordt wijsgemaakt dat de feestdagen alleen doorbrengen voor losers is, terwijl het eigenlijk net andersom is. Volksstammen mensen brengen die dagen tegen hun zin door. Feestdagen zijn een mededeling die voorgedrukt in de agenda staat, een mededeling die niet anders is dan het weerbericht: het sneeuwt vandaag. Singles hechten te veel waarde aan het plaatje, aan het mooiweerverhaal en vergeten dat er stress aan vooraf gaat die meestal vier dagen duurt.
Als je kinderen hebt, is die stress nog groter want ze zijn hyper. Superleuk natuurlijk voor de kinderen en heel gezellig dat iedereen bij elkaar is, maar als het echt leuk zou zijn, écht leuk, en geen stress met zich mee zou brengen, zouden we toch veel vaker supergezellig met de kinderen en iedereen bij elkaar zijn?
Dat singles thuis op de bank een beetje sip lopen te zijn en geen kerstboom opzetten, vind ik sneu. Als je niet alleen thuis kunt zijn, is er toch iets mis met je? Als je het niet leuk vindt om het thuis gezellig te maken, is er toch iets dubbel mis met je? 39% van de mannelijke alleenstaanden zit thuis te wachten tot het voorbij is. Dat verbaast me niets: mannen kunnen niets alleen, die hebben een vrouw of secretaresse nodig om te floreren. 24% van de single vrouwen toont tenminste initiatief: ze gaat koken voor anderen.
Een tip: doe dit niet thuis, dan zit je met de rommel als alle ‘gezelligheid’ verdwenen is. Ik wens iedereen heel fijne, rustige en stressloze dagen. Zet lekker een kerstboom op, steek de kaarsjes aan en tel je zegeningen. Het zijn er meer dan je denkt.

Tags: albert heijn, alleen, column, Columns, diner, Ebru, ebru umar, Familie, feestdagen, gesprek Ebru, humeur, kerst, kerstdiner, kinderen, locatie, loser, single, singles
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
vrijdag, november 27th, 2009
Puntje voor Maureen. Ik kan dan wel leuk de hele dag op het strand rondhangen, frappucino’s bij Starbucks drinken en de kleermaker lastigvallen, in Turkije treedt Big Black ’n Beautiful niet op. Nog niet.
De eerste keer dat ik van de dames hoorde van zo’n maand of tien geleden. Of we die niet moesten vragen voor de Libelle Zomerweek. Goed Plan. Maarreh, wie zijn het dan? “FF online kijken, Umar,” was het strenge commentaar van de Zomerweekredactie. Je googelt Big Black ’ n Beautiful en de muziek knalt je vanaf www.bbb-online.nl. Goed man! Vragen voor de zomerweek. En zo geschiedde dat de dames drie keer zijn komen optreden afgelopen mei.
Om een lang verhaal kort te maken: het dak ging eraf. Covers en eigen nummers. En dat dus elke keer weer. Een tijdje later heb ik de dames geïnterviewd. Drie temperamentvolle dames in mijn huis die acuut medelijden met me kregen: “Dus jij hebt vanochtend je haar geföhnd? Jammer zeg haha!” Of ik niet wist dat er pruiken bestonden, die je in alle soorten, kleuren en modellen hebt. Gewoon op in je haar klikken of op je hoofd zetten, klaar. [rectangle]
“Dusseh, die krullen, die eh zijn eh….” “Pruik.” Ik heb erg hard gelachen. Het was ook erg leuk. Het interview moet ik nog uitwerken en het zal ergens eind januari in Libelle staan. Ondertussen heb ik hun CD gekregen. Te gek. Ik houd wel van girl power, al is dit de overtreffende trap. Wat fijn dat ze volgend jaar weer op de Zomerweek willen komen. En wat fijn dat ze bereid zijn om hun CD met vier euro korting aan te bieden aan ons. Zó lekker om niet meer na te hoeven denken over sinterklaas en kerstcadeautjes. Ja, het is pure commercie maar wel van het soort waar ik van houd. Nu de CD halen betekent volgend jaar lekker met zijn allen meezingen op de Zomerweek. DOEN!
PS. Niet overtuigd? Kijk zaterdagavond bij RTL8 van 19-20 uur naar de hoogtepunten van het Big Black & Beautiful concert in Carré Amsterdam.

Tags: 49, Big Black and Beautiful, blad, cd, columnist ebru, Columns, Ebru, ebru umar, gesprek Ebru, korting, kortingsbon, libelle, magazine
Posted in Columns, Ebru, Uit het blad, blad | No Comments »