Posts Tagged ‘gesprek van de dag’
donderdag, januari 27th, 2011
Jij, die vond dat het niet uitmaakte dat je borden met vijf verschillende dessins had (van Ikea tot grootmoeders boerenbont) en die het niet erg vond dat er hoekjes van de schaaltjes waren en dat geen enkele theekop dezelfde kleur had.
In mum van tijd draait je hele wereld alleen nog om Wedgwood, Iittala, VTwonen, Blond Amsterdam. En ga zo maar door. Waar je een week ervoor nog zou hebben gelachen om een ontbijtbordje van € 24,99 begint je grens te verschuiven en zie je ineens hoeveel mooier Wedgwood is dan Blokker en Ikea. Je kunt aan niets anders meer denken dan aan een heel servies van Wedgwood, compleet met soepborden, grote schalen, kleine schalen en bordjes voor je botermesje.[rectangle]
Over dat botermesje gesproken. Ineens vind je ook je bijeengeraapte zootje bestek niet goed genoeg meer. Je wilt een besteklade, met bestek voor de lunch en bestek voor het diner, en alles graag in zilver. Dat wil je. En op vakantie, dat wil je ook, ook al is het nog lang geen zomer. Ver weg, wil je, om even tot rust te komen.
Je bent tenslotte niet echt op vakantie geweest, omdat je een dure bruiloft hebt gehad. En een bruiloft is geen vakantie. Een bruiloft is, met name vóór de bruiloft, hard werken. Dus je hebt het verdiend, vind je.
En dan belt je moeder. Ze belt met een verhaal over oude mensen in Moldavië. In de reportage die ze op tv zag werd een oude vrouw getoond van wie een been was geamputeerd. Toen de vrouw voor het eerst sinds dagen werd bezocht, begon ze meteen te huilen: ‘Ik heb al zo lang niets meer gegeten.’
Je moeder doet de huilende bejaarde na en het gaat je door merg en been. Je schaamt je, want terwijl die vrouw honger heeft, ben jij met je servies, je bestek en je vakantie naar Bali bezig. Want dat had je nodig, vond je.
Tegen je moeder zeg je dat je het servies, dat zij aan je wil geven niet meer hoeft te hebben en aan je man vraag je of het oké is om het vakantiegeld aan Moldavië te schenken. Maar je hoopt dat ze tegenstribbelen. Zodat jij geen schuldgevoel meer hoeft te hebben.


Tags: column, column Femke, columns, Femke, gesprek van de dag, libelle 5, Servies, uit het blad
Posted in Columns, Femke, Uit het blad, blad | No Comments »
donderdag, januari 20th, 2011
Ik weet nog dat hij mij (als achtjarige!) enthousiast wakker maakte en me voor MTV zette, zodat ik naar een rare blonde vrouw met punt-bh kon kijken. Zo snel mogelijk sloop ik weer naar boven om rustig verder te slapen.
Toen ik een jaar of veertien was, kreeg ik het idee dat ik er wel ‘aan toe’ was. Tijd voor een idool. Tijd om elk liedje, elk interview, elk bewegend beeld uit je hoofd te kennen. Omdat ik twee vriendinnen had die helemaal weg waren van de band Bon Jovi besloot ik dat ik me eveneens op de langharige leadzanger zou focussen.
Na een paar maanden merkte ik echter wederom dat ik totaal niet mee kon komen met het uitknippen van plaatjes uit popmagazines en het liggen wachten voor deuren van VVV-kantoren om concertkaarten te bemachtigen. Ik vond het zonde van mijn tijd.
Gelukkig gingen die idoolloze puberjaren voorbij en kon ik me aansluiten bij de saaie volwassenen. Want volwassenen hebben geen idolen. Zijn geen fan. In ieder geval niet gillend en beertjes gooiend. Dacht ik.
Totdat ik met een lieve collega naar een groot concert in een voetbalstadion ging. Het was de tweede keer dat ik zoiets meemaakte. Van de eerste keer herinner ik me vooral de dreunende gedachte: wat doe ik hier? Wat doe ik hier? Ik bleek te zijn gekomen voor een blik op een heen en weer springend poppetje in de verte.
Ditmaal was ik dichter in de buurt van de zanger die optrad, maar wederom vroeg ik me af wat nu eigenlijk het nut van zo’n massale bijeenkomst is. Om van iemands muziek te genieten kun je volgens mij nog beter naar je iPod luisteren.
Toen de zanger het podium afstapte en door het middenpad naar een verhoging halverwege het stadion liep, moesten bodyguards hem afschermen omdat veertigjarige dames zich op hem wilden werpen. Werkende moeders worstelden zich zo dichtbij mogelijk om de hand van de zanger aan te kunnen raken. Een mens, een simpel zingend mens, werd geëerd alsof hij de Verlosser himself was.
En ik? Ik voelde me voor het eerst in mijn leven dankbaar dat het fanvirus aan mij is voorbijgegaan.


Tags: column Femke, columns, fanvirus, Femke, gesprek van de dag, libelle 4, uit het blad
Posted in Columns, Femke, Uit het blad, blad | No Comments »
donderdag, januari 13th, 2011
Meestal begint het met een ferm tegengeluid van mijn kant (zoals vorig jaar mijn column over de iPhone). Ik voel dan zo’n ontzettend grote weerzin om me te conformeren aan wat nieuw, hip, leuk en handig is dat ik expres de andere kant op kijk. Ja, ja, dat is dom natuurlijk, maar vooruitgang vliegt me naar de strot. [rectangle]
Mijn theorie hierover is dat het te maken heeft met het trauma dat ik aan wiskunde heb over gehouden. Wiskunde deed mij in tranen uitbarsten, omdat ik het vanaf de brugklas niet begreep. De docenten gaven mij meestal een vier omdat ze het zielig vonden om iemand een drie te geven. Computers en andere hi-tech-te-programmeren-niet-te-begrijpen-uitvindingen doen mij gruwelijk sterk aan wiskunde denken. Vandaar ook mijn resistentie tegen het hele sociale netwerk-gebeuren. Hyves, Facebook, Twitter.
Als ik eerlijk ben, vind ik het gewoon te moeilijk. Of, beter gezegd: het kost me te veel moeite om het te begrijpen. Ik heb ergens een verdwaalde Hyvespagina staan (met een afgrijselijke foto), die ik dolgraag verwijderd wil zien, maar wie weet hoe dat moet? Ik niet.
Ook ben ik ooit aan een twitteraccount begonnen, omdat ik Paul de Leeuw wilde volgen, maar dat ging eveneens halverwege mis. Iets met een wachtwoord dat naar mijn mail zou worden gestuurd en wat dan weer niet gebeurde ofzo. Tja, en dan word ik ongeduldig en ga ik alleen nog maar harder blèren dat ik het onzin vind en dat je mij er NOOOIT tegen zult komen.
Echter, gister is er iets veranderd. Ik hoorde een vriend van mij op de radio en was verbaasd dat ik niet wist dat hij live te horen zou zijn. Wat bleek? Hij had het op z’n twitter gezet. Ineens besefte ik dat ik me de laatste tijd wel vaker buitengesloten voel als mensen van alles van elkaar weten doordat ze op elkaars Facebook zitten te loeren.
Ik voel me nu dus gedwongen. In een hoek gedrukt. Nee, nee, nee! Ik wil niet in mijn eentje in de Middeleeuwen achterblijven. Met slechts paard en wagen, een wasbord en een olielamp. Hoezeer het ook tegen mijn natuur ingaat: ik zal overstag moeten gaan.


Tags: column Femke, columns, facebook, Femke, gesprek van de dag, iphone, Libelle 3, technologie, Twitter, uit het blad
Posted in Columns, Femke, Uit het blad, blad | No Comments »
donderdag, januari 6th, 2011
De man heeft lang, vies, geklit haar, geen tanden en hij praat in zichzelf. In eerste instantie had ik er niet echt een mening over, maar dit veranderde toen een vriendin me vroeg of ik er wel eens aan dacht dat hij z’n huis in de fik kon steken. En dat mijn huis dan ook zou afbranden. Ineens werd ik boos op de gemeente. Waarom moest ons mooie blok uit 1900 worden verpest door een oude dronkaard die de boel niet netjes kon houden? Straks zouden wij ons huis onder de waarde moeten verkopen omdat de prijs omlaag werd gehaald door deze man. [rectangle]
Mijn negativiteit verdween als sneeuw voor de zon toen ik op een dag de daklozenkrant onder ogen kreeg. Het coververhaal ging over Rooie Richard, ‘onze’ zwerver. Ik las dat Richard stemmen hoort en dat hij dat al dertig jaar verzacht met drank. Bovendien is hij uitvinder. Hij creëert de meest fantastische tweewielers en zelfs pumps waarop vrouwen lekker kunnen lopen. Hij heeft dan wel geen vrouw in de buurt die het kan uitproberen en de fietsen zijn wat onpraktisch om je mee te vervoeren, maar toch.
Ook kwam ik te weten dat hij een grote liefde had. Ze verdween met de noorderzon, maar nog steeds als het regent, ziet hij de datum waarop ze hem verliet in druppels op de ramen staan. Die wetenschap ontroerde mij. Het deed mij weer even inzien dat nu eenmaal niet alle mensen op deze wereld hetzelfde in elkaar zitten. Dat de maatschappij juist wordt gekleurd door zonderlinge figuren met een afwijkend leven. Een leven waarin begrippen als tijd, structuur, planning, vitaminen en op tijd naar bed, geen enkele betekenis hebben.
Dankzij mensen als Richard is de wereld spannender en mysterieuzer en juist zo mooi. Daarom ben ik gestopt me te ergeren als hij weer eens om vijf uur ’s ochtends begint met het timmeren van een optakelbaar afdakje. Of als ik hem om één uur ’s nachts nog tegen zichzelf hoor mompelen. Binnenkort ga ik hem een bezoekje brengen. Ik heb nog een tv over. Misschien kan hij hem wel gebruiken. Of anders uit elkaar slopen.


Tags: column Femke, columns, Femke, gesprek van de dag, Libelle 2, uit het blad
Posted in Columns, Femke, Uit het blad, blad | No Comments »
donderdag, december 30th, 2010
In de trant van: O, wat was dat interview met Marco Borsato leuk! We hadden echt een mooi gesprek, maar wat jammer dat we niet langer de tijd hadden. Het lijkt me echt gezellig om een middagje met hem op het strand te wandelen. Gewoon, de hond uitlaten. Zijn hond uitlaten. Zou-ie een hond hebben?
Bizar leven leidt zo’n man toch. Altijd in de belangstelling. Daar zou eigenlijk een boek over geschreven moeten worden. Een biografie! Dat die er nog niet is, zeg. JA, EEN BIOGRAFIE. Ik ga gewoon de biografie van Marco schrijven. Of ik bedenk me ineens in paniek dat ik hoogstwaarschijnlijk onvruchtbaar ben. Vervolgens ga ik meteen op zoek naar hoe het dan zou moeten. Ivf? Misschien. Adoptie? Nee, dat lijkt tegenwoordig wel handel te zijn. Een baby die niemand wil. Ja! Een Zuid-Afrikaanse wees die besmet is met het hiv-virus. Zo’n kindje zou hier waarschijnlijk écht beter af zijn. JA! Dat zouden Reinier en ik moeten doen. Überhaupt eigenlijk, ook al kunnen we wel kinderen krijgen. Het adopteren van een hiv-wees heeft misschien wel de voorkeur boven nog een extra kind op deze wereld zetten.[rectangle]
Of ik vat ineens het plan op om in Suriname te gaan wonen. Lekker in de zon, zonder stress (rustig, rustig) en in een land met overwegend vriendelijke mensen. JA, dan kunnen Reinier en ik samen met Harmen en Maaike (mijn broer en schoonzus) een kindertehuis opzetten!
Op die momenten gaat mijn bloed kolken, krijg ik hartkloppingen van opwinding, stoot ik Reinier aan en probeer hem enthousiast te krijgen. Dat lukt lang niet altijd even goed, aangezien mijn echtgenoot nijdig wordt als ik hem uit zijn slaap haal en meer van het ‘ho, ho’ dan van het ‘ga, ga’ is. En, dat moet ik eerlijk toegeven, hij kent me nu eenmaal. Mijn nachten zijn namelijk verraderlijk. Ik kan er totaal van overtuigd zijn dat ik hét idee van de eeuw heb en als ik de volgende dag onder de douche sta, begrijp ik niet meer hoe ik het in mijn hoofd haalde. Alsof ik door het duister niet meer helder kon nadenken. Toch roep ik mezelf geen halt toe, omdat ik ervan overtuigd ben dat het echt goede en uitvoerbare idee er ooit tussen zal zitten. Dat het ’s morgens nog net zo spannend klinkt als overdag.


Tags: column Femke, columns, Femke, gesprek van de dag, libelle 01, nachtelijke plannen, uit het blad
Posted in Columns, Femke, Uit het blad, blad | No Comments »
woensdag, december 8th, 2010
Er is wel degelijk iets veranderd. Natuurlijk werken we nog zoals we werkten, slapen we nog zoals we sliepen, eten we nog zoals we aten en kijken we nog tv zoals we tv-keken. Het zit ’m ook niet in de wittebroodsweken. Die zogenaamde roze wolk stamt volgens mij nog uit de tijd dat mensen elkaar vijf minuten voor het huwelijk ontmoetten, toevallig heel erg verliefd op elkaar werden en vervolgens in het perfecte, door hun ouders gekochte huisje, voor het eerst de liefde bedreven. En dat dat dan ook nog fantastisch was. [rectangle]
Nee, de eerste tijd na ons huwelijk was het niet allemaal extra verliefderig en romantischer dan ooit. Wij hadden zelfs de volgende dag, op weg naar het vliegveld, alweer onze eerste ruzie. Dat ging gewoon door. En toch…
Toen ik laatst door de stad fietste, voelde ik me ineens heel licht. Zeg maar bijna gelukkig. Ik keek om me heen en zag het fantastische Amsterdam aan me voorbijtrekken, de stad waaraan ik mijn hart heb verpand. De muziek klonk door mijn iPod en keihard zong ik mee: ik had zin om mijn geluk uit te schreeuwen. Ineens besef ik zo goed dat ik geweldige vrienden heb, in een fijn huis woon, de baan heb die ik altijd wilde hebben en als klap op de vuurpijl ook nog eens ben getrouwd met de man die ik bij elkaar had gedroomd. Dat laatste zie ik als een regelrecht wonder.
De hindernissen die Reinier en ik hebben genomen, waren niet te tellen. Het ging van schreeuwende ruzies tot ijzingwekkende, stille periodes en weer terug. Bedrog, woede, onmacht, lafheid, leugens, twijfel. Alles kwam langs. En toch.
Het is goed gekomen. Beter dan goed. Hij en ik. Samen trotseren we de wereld en dus elkaar. Ik vertrouw erop dat we er altijd uit zullen komen, ongeacht toekomstige puinhopen. En ik ben tevreden. Eindelijk tevreden.
Jarenlang heb ik gestreefd naar een ideaalbeeld waarvan zo veel mensen me hebben gezegd dat het niet haalbaar was, maar ik heb het bereikt. Ik voel me rustig. De jacht is gestaakt.


Tags: column Femke, Femke, gesprek van de dag, Libelle 50, uit het blad
Posted in Columns, Femke, Uit het blad, blad | No Comments »
donderdag, december 2nd, 2010
Mijn collega Alida roept echter al jaren dat ik zulk dun haar heb. Haar opmerkingen variëren van: “Wat heb jij toch een klein staartje!” tot het venijnige: “Had jij altijd al zo weinig haar?” Ik liet dat van me afglijden. Alle kapsters die mijn hoofd ooit onder handen hebben genomen, complimenteerden me namelijk met mijn dikke bos. Hoewel… plotseling besef ik dat dit al een paar jaar niet meer gebeurt. [rectangle]
Langzamerhand sijpelde naar binnen dat mijn dikke-haar-overtuiging misschien nergens meer op gestoeld was. Ineens zag ik dat mijn kwelgeest gelijk had: IK HEB DUN HAAR. In flarden kwamen er herinneringen terug van de laatste jaren. Grote bossen haar in mijn borstel, haren op de rug van mijn bureaustoel, haren die door anderen van mijn schouders worden geplukt, haren tussen mijn vingers als ik mijn hand door mijn haar strijk. Mijn hart sloeg over en het ergste kapsel doemde op: KAALHEID. Ik zag mezelf al met pruiken en hoofddoekjes lopen en baalde ervan dat mijn hoofd, dat toch al te groot is en een rare vorm heeft, zou zijn blootgesteld aan het oog van de wereld.
Mijn obsessie is de afgelopen weken met de dag gegroeid. Iedere ochtend kijk ik met angst en beven in de spiegel. Er is dan maar één vraag die telt: zie ik al grote kale plekken door mijn pierige kapsel heen schijnen? Ik tel de haren die ik verlies en google me suf naar oorzaken van mijn enorme uitval. Is mijn levensstijl zo destructief dat mijn haar van ellende loslaat? Krijg ik te weinig vitaminen binnen? Rook ik te veel? Blondeer ik mijn haar te vaak?
Laatst probeerde ik steun te vinden bij mijn echtgenoot, mijn wederhelft, mijn partner, mijn liefde. Ik dacht dat een huwelijk ook inhoudt dat je steun bij elkaar vindt als je van wanhoop niet meer weet wat je moet doen. De conversatie ging als volgt:
Ik: “Schatje, ik moet je iets ergs vertellen: mijn haar valt uit!”
Hij: “Mmm, wat?”
Ik: “Moet je zien hoe dun mijn staart is!”
Hij: “Ja ja.”
Ik: “Reiniehierrrrr!!! Ik word káál!”
Hij: “O, heb je weer iets nieuws gevonden om over te zenuwen?”
En dat was dat.
Ik lijd nu in stilte.


Tags: column, column Femke, Femke, gesprek van de dag, kaal, kaalheid, Libelle 49, uit het blad
Posted in Columns, Femke, Uit het blad, blad | No Comments »
donderdag, november 25th, 2010
Laatst vertelde Reinier me dat hij een nieuwe televisie ging ophalen. Hij kon een groter exemplaar krijgen van een vriend. Ik haalde mijn schouders op. Tv’s, auto’s. Ik snap wel dat ze nuttig zijn, maar ze hoeven van mij niet groot, supersonisch en met de nieuwste technische snufjes te zijn uitgerust. Zolang ze het maar doen. [rectangle]
Maar goed, Reinier is een man en hij wilde dat ding. Prima. Totdat hij me vroeg of ik hem wilde helpen als hij het bakbeest zaterdagochtend de trap op moest tillen. Verkeerde vraag, aangezien ik in een krengerige bui was. Dus ik zei: “Nee, daar heb ik geen zin in. Dan slaap ik nog.” Reinier flipte bijna, wat mij alleen nog maar krengeriger maakte. Ik voelde dat ik eigenlijk mijn excuses hoorde aan te bieden en dat ik moest zeggen dat ik natúúrlijk die tv omhoog zou slepen, maar er kwam zo’n grote tegenzin in me op dat ik het niet over mijn lippen kon krijgen.
Schijnbaar onaangedaan liep ik langs Reinier om de badkamer in te duiken en mijn tanden te poetsen. Mijn lief pikte dit niet en kwam op me af stormen. Voor ik het wist griste hij de tandpasta uit mijn handen en kneep de tube leeg boven mij hoofd. Ik schrok en keek hem verbouwereerd aan. Even was het stil en toen barstte ik in lachen uit. Wat een hilarische actie. En zo ontzettend ineffectief. Tenminste, dat dacht ik. Met mijn hoofd onder de kraan heb ik geprobeerd om de tandpasta uit mijn haar te wassen en vervolgens ben ik in bed gekropen. Terwijl ik heel moe was, kon ik niet in slaap vallen.
Tot mijn verbazing hield mijn schrijnende mentholhoofd me wakker. Het prikte als een gek, maar wat ik ook probeerde… niets hielp. De volgende dag voelde mijn haar hard en kleverig aan en dat veranderde niet nadat ik het drie keer had gewassen. Ook de wasbeurten in de rest van de week mochten amper baten: ik bleef raar, stug en viezig haar houden. Reinier woelde er af en toe doorheen en gniffelde zelfvoldaan.


Tags: column Femke, columns, Femke, gesprek van de dag, kreng, krengerig zijn, libelle 48, uit het blad
Posted in Columns, Femke, Uit het blad, blad | No Comments »
maandag, november 22nd, 2010
Locaties bezoeken, menu’s bepalen, uitnodigen maken, het programma samenstellen, sponsors benaderen, je kunt het zo gek niet bedenken of ik ben er uren zoet mee geweest. Van goodybags regelen tot de inhoud ervan, van tafelschikking tot presentatie, van betalingen controleren tot bloemen voor de optredens. Op zich een megaleuke klus, maar als je bedenkt dat ik hiernaast nog een bestaan heb – en bijvoorbeeld opdrachtgever Libelle nu al bezig is met de activiteiten voor 2011 – kun je je voorstellen dat ik gesloopt was. Zo veel ballen tegelijk in de lucht houden – ik wist niet dat het mogelijk was. Het gaat dan ook niet vanzelf: overdag stroomde mijn mailbox vol met zo’n honderd mails per dag. Om nog maar te zwijgen van het aantal telefoontjes. Mijn oren tuiten nog. ’s Avonds zat ik tot ver na middernacht alles af te ronden waar ik overdag niet aan toekwam. En ’s ochtends stond ik op zonder nog een keer omdraaien (de luxe van de vrijgezelle zelfstandige). Maar zaterdag was het dan zover: het gala. Totaal gesloopt was ik, maar als je eenmaal een mooi jurkje aan hebt en make-up op je gezicht, dan gaat alles vanzelf. Een paar schoonheidsfoutjes die niemand opvielen, maar het was een geslaagde avond. Een prachtlocatie. Een goed menu. Leuke artiesten. 150 Tevreden gasten. Wat wil een mens nog meer? [rectangle]
Werken. Er moet gewerkt worden. Ik loop een stuk of wat deadlines achter. De opdrachten stapelen zich op. En de vooruitzichten voor het einde van dit jaar en de eerste helft van 2011 zijn zó leuk. En hectisch. Voorlopig ga ik even geen gala’s organiseren maar me op Libelle & Co. focussen. En ook al zal achteraf blijken dat de organisatie van het Tannet-gala de stilte voor de Libelle-storm zal zijn, het doet me nu even niets. Vanaf nu ben ik zwaar Libelle gefocust. Ik heb er zin in!

Tags: column, columns, Ebru, ebru umar, gesprek van de dag, gesprek vd dag
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
donderdag, november 18th, 2010
Goud staat voor mij voor de ultieme volwassenheid. Jonge kinderen met goud vind ik ordinair, pubers met goud vind ik ouwelijk of bekakt en te jonge twintigers met goud vind ik te traditioneel (iets wat ik uiteindelijk natuurlijk ook ben). Ik ben getrouwd in een witte jurk en draag de simpelste gouden ring die je maar kunt vinden. Niks aparts. Alles volgens het boekje.[rectangle]
Maar goed, door mijn huwelijk liggen mijn zilveren exemplaren in het laatje van mijn nachtkastje (ik vind goud en zilver niet goed samengaan) en mijn collectie moest daarom dringend aangevuld worden. Mijn linkerhand voelde akelig kaal. Reinier was het met me eens. Hij wilde mij zelfs een tweede gouden ring geven. Vol goede moed gingen we op zoek. Ik had besloten dat ik, nu ik toch echt volwassen en getrouwd was, ook eens iets beschaafds moest kunnen uitzoeken.
Vóór de Grote Dag droeg ik een grote zilveren ring met een paarse steen erin waarop ik nogal eens commentaar kreeg: “Wat doe jij nu met de ring van Sinterklaas?” Daar had ik geen zin meer in. Het zou een eenvoudig exemplaar worden met een paar kleine steentjes erin verwerkt. Hoe ik de juweliersetalages ook uitspitte, ik zag niks waarvan ik dacht: ja, dat is ’m! Ik paste en paste, maar iedere keer vond ik het er zo saai en petieterig uitzien op mijn grote bouwvakkershanden, dat ik niet kon worden overgehaald.
En toen liepen we tegen de winkel van Swarovski aan. U weet wel, Swarovski, van die kristallen zwanen en bollen die oude tantes op hun schoorsteenmantel zetten. En daar zag ik ’m. Mijn grote gouden ring met hartvormige, glinsterende kristal. Ik deed hem om en hij zat fantastisch. Het was een ring die mijn hand mooier maakte. En dat is toch de bedoeling. De keuze was dus snel gemaakt.
Toen ik mijn fonkelende ring voor het eerst om had, zei ik een beetje beschaamd tegen Reinier: “Hij is toch wel weer erg groot. En dramatisch. En nogal schreeuwerig. Kitsch zelfs, vind je niet?” Mijn nieuwbakken echtgenoot hield wijselijk zijn mond, maar ik zag hem denken: soort zoekt soort.


Tags: column, columns, Femke, gesprek van de dag, libelle 47, uit het blad
Posted in Columns, Femke, Uit het blad, blad | 1 Comment »
vrijdag, november 12th, 2010
De setting? Een telecomwinkel in Kusadasi, Turkije. Een mevrouw rende in paniek naar binnen want sinds kort is het betaald parkeren op straat. Blijkbaar had ze geen geld of zag ze de parkeerbeambten niet (echte mensen in plaats van een meter!) en wist ze niet wat ze moest doen. Het antwoord van de jongen in de telecomwinkel bood de dame rust en deed mij me iets realiseren: zó kan het dus ook. De gemeente is er niet om geld aan je te verdienen, de gemeente is er om te faciliteren en vraagt een bijdrage om die faciliteiten op orde te houden. Ik was vergeten dat het ook zo kon.
Een uur later weer zo’n eyeopener. In Turkije kun je niet alles automatisch laten afschrijven. Elektra wel. Water niet. En zo stond ik in de rij bij de gemeente om het water, dat ik al twee maanden niet had betaald, te betalen. In doodsangst dat het ieder moment afgesloten kon worden. Zo handig, een huis in het buitenland! Bij de balie vroeg ik hoe lang het zou duren eer ik afgesloten zou worden van water. De dame die me hielp, keek me bevreemd aan. “Afgesloten? Van water? Mevrouw, water is een eerste levensbehoefte, dat sluiten we niet af. Elektra wel.” [rectangle]
Elektra kan dus wel automatisch worden afgeschreven, mijn adsl internet ook. Maar alle overheidsvoorzieningen, zoals WOZ, water en wie weet welke zaken nog meer waarvan ik het bestaan niet weet en die ik dus niet betaal, worden alleen automatisch afgeschreven als je een rekening bij bepaalde banken hebt lopen. En die heb ik niet. Toch prettig om te weten dat ik me over sommige dingen in Turkije niet druk hoef te maken.
In Amsterdam is het leven één grote zucht. De gemeente weigert in parkeergarages parkeren per minuut in te voeren. Dat scheelt te veel inkomsten. De Amsterdamse overheid is er niet voor ons. Nee, wij zijn er voor de Amsterdamse overheid. Wonderbaarlijk dat er in die stad nog mensen wonen.

Tags: column, Columns, columns, Ebru, gesprek van de dag
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
vrijdag, november 12th, 2010
Ik snel even later op de fiets naar de C1000 en loop direct door naar het rek met wasmiddelen, alle lekkernijen doelbewust negerend. Hé, 1+1 gratis. Dat komt mooi uit. Zeker voor mij is een reservefles geen overbodige luxe. Voor alle zekerheid lees ik het aanbiedingsbordje zorgvuldig. Ik ben altijd die sukkel die er bij elke geld-terug-actie pas thuis achterkomt dat de inzendtermijn allang verstreken is. Of die net de smaak yoghurt uitkiest die níet in de reclame is.
Geldig voor alle varianten, staat geruststellend op het bordje. Ik kies een fles lekker ruikend spul uit. De makkelijke kleine en dus lichtere flessen super geconcentreerd middel laat ik staan. Het lukt mij namelijk toch niet om een zuinige scheut bij mijn wasgoed te mikken. Intens tevreden loop ik met de twee flessen naar de kassa. Grijp daar in een opwelling nog een vriendelijk lachende chocoladereep mee. Wat een heerlijk kassakoopje! [rectangle]
Pas als ik afgerekend heb merk ik dat die 2e gratis fles wel erg duur is. Als ik om opheldering vraag is de blik van de caissière eigenlijk al voldoende: kassa’s maken geen fouten. Ze pakt echter geduldig de folder. Nee, dit type hoort er niet bij.
‘Maar het geldt voor alle varianten’, houd ik stug vol. ‘Sorry, maar het geldt alleen voor de super geconcentreerde varianten.’ Ze leest de volledig tekst voor. Achter mij staat een man wiens gezicht vertrekt in de ‘schiet-op-stand’. ‘Maar alle varianten is toch alle varianten?’ probeer ik nog. ‘U kunt de flessen terugbrengen bij de klantenservice als u wilt.’ Waarom blijft ze zo irritant vriendelijk?
Ik pak de twee flessen, zie de lange rij voor de klantenservice en gris dan de chocoladereep mee. Die is geen lang leven beschoren. Toch goed dat ze die als kassakoopje hadden liggen. Of…? Mijn wantrouwen laat haar akelige gezicht zien. Of is dat expres gedaan?
Wilt u meer weten over Marelle? Neem dan een kijkje op haar website. Marelle twittert ook, volg haar!

Tags: columnist, columns, gesprek van de dag, marelle, marelle column
Posted in Columns, Marelle, boekenclub | 1 Comment »
donderdag, november 11th, 2010
Dat been voelde vreemd aan. Als niet bestaand. Dof. Ik dacht: ik moet gewoon even rustig gaan liggen en dan trekt het zo wel weg. Vervolgens kwam ik niet meer van de bank af. Ik kon niet lopen, staan, liggen, zitten. Ook niet na een slapeloze nacht. Vriendin Elisabeth haalde me op om naar de huisartsenpost te gaan (Reinier had zijn vrijgezellenweekend) en toen de dokter me zag binnenkomen, fronste hij zijn wenkbrauwen. Na me te hebben onderzocht, zei hij: “Jouw huwelijk gaat heel anders worden dan je je hebt voorgesteld!”[rectangle]
Ik kreeg morfine-achtige pijnstillers en lag de dagen die daarop volgden plat op een matje op de vloer. Het bed en de bank waren te zacht. Aan alle kanten maakten mensen zich zorgen. Ze vroegen: “Hoe moet dit nu? Je huwelijk is over een paar dagen!” Hoewel ik mezelf had ingeschat als iemand die op zo’n moment totaal in paniek raakt, gebeurde het tegenovergestelde. Ik werd kalm. Volledig kalm. Ik gaf de controle over de laatste regeldingetjes uit handen en mijn enige doel werd: aanwezig zijn op mijn eigen huwelijk.
Reinier wist niet hoe ’ie het had, want ineens had híj de regie en als hij me ook maar iets vroeg, gaf ik met een onverstaanbaar, stoned valiumstemmetje een onzinnig antwoord. Op de dag van het huwelijk leek het ’s ochtend nog even mis te gaan. Ik voelde me niet goed genoeg en smeekte de dokter om een verdovende prik in mijn rug. Hij was daarop tegen, aangezien ik dan weinig mee zou krijgen van het feit dat ik trouwde.
Ik besloot dat ik niks anders kon doen dan me over te geven aan het feestgedruis. Dan maar mét pijn. Wonder boven wonder bleek die instelling, in combinatie met de adrenaline die door mijn aderen stroomde, te werken. Gaandeweg voelde ik me steeds gelukzaliger. Ze zeggen weleens dat je trouwdag de mooiste dag van je leven is en tegen mijn verwachting in is dat het ook geworden. Ondanks (of misschien wel dankzij) mijn vermeende hernia. Want die verdween als sneeuw voor de zon.


Tags: column Femke, columns, Femke, gesprek van de dag, hernia, trouwen
Posted in Columns, Femke, Uit het blad, blad | No Comments »
dinsdag, november 9th, 2010
Moet ik blijven, gaan, hem volgen of hem eruit zetten? Iemand hoeft dan maar te roepen dat ze een tarotlegster, helderziende, horoscopentrekker, medium of handenlezer kent en we verliezen ons verstand. Het enige juiste antwoord ligt in de woorden van de ander. Is het de hoop die we zoeken, of het interpreteren van woorden die uit de mond van een ander rationeler klinken dan wij, verstrikt in emoties aankunnen op een bepaald moment?
Hoe het ook is, toen ik mijn vriendinnen liet weten dat een andere vriendin een koffiediklezeres uit Turkije had geïmporteerd, stond iedereen in de rij. Het oude dametje ziet eruit zoals je denkt dat een koffiediklezeres eruit moet zien. Oud. Grijs. Grote doek om d’r hoofd. Klein. Dik. Bloemetjeskleding. En gezien de goede referenties die ze had, wilde vrijwel iedereen die van haar komst wist, een afspraak maken.[rectangle]
En zo had ik op zondag een full house. Een vriendin kwam uit België. Een meisje was toevallig over uit New York en moest haar zien. Amsterdam-Zuid liep uit. En mijn mailbox liep vol: hoe lang is ze hier nog, kan het ook een andere keer? Ja, het kan ook een andere keer. Ik zette Turkse koffie (had zowel de koffie als de kopjes speciaal gekocht), zette de pepernoten erbij en iedereen dronk braaf het kopje leeg. Daarna plaats je het schoteltje erop en draai je het geheel om. Als het afgekoeld is, gaat de koffiedame aan de slag. Wat ze doet, ik weet het niet maar iedereen ging onder de indruk weg. Verleden, heden en toekomst passeerde de revue. Mannen werden besproken, banen onder de loep genomen en betoveringen – het kwade oog – werden teniet gedaan. Redelijk indrukwekkend.
Behalve dan bij mij. Waarbij bij iedereen over familie, werk en man wat te vertellen viel, haperde het bij mij. Het verhaal bleef hangen op ‘de man’. Net als vorige keer stamelde ze: “Jij had allang getrouwd moeten zijn, er is iets misgegaan, er is iets misgegaan maar dat kan niet, moet niet, mag niet… Dit moet goedkomen.”
Ik bleef met raadsels achter. Ja, ik had allang getrouwd moeten zijn. Ja, het is misgegaan. Maar ‘goedkomen’… Kan iemand ‘goedkomen’ definiëren?

Tags: Columns, columns, Ebru, gesprek van de dag
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
donderdag, november 4th, 2010
Heftige liefdesuitbarstingen in de trant van ‘ik heb de ware ontmoet’, vreselijke verhalen zoals ‘hij beantwoordt mijn liefde niet en ik kom maar niet over hem heen’, dramatische dips waarbij ik dagenlang mijn bed niet uit kwam en dusdanige ruzies met vrienden dat ik het zelfs met ze uitmaakte. Er was altijd wel iets aan de hand.[rectangle]
Wanneer je mij aan de telefoon had, wist je dat het wel even ging duren, omdat ik uitgebreid moest vertellen wat voor ellende of welke heftigheden me waren overkomen. De laatste tijd is het andersom. De ene dag heb ik een stampvoetende vriendin aan de lijn die baalt omdat ze weer eens een slechte date met een man had of omdat ze gek wordt van haar dertigerscrisis (“Man, kinderen, baan… ik moet opschieten, maar ik heb geen idee!”). De andere dag is het een terneerge- slagen vriendin die haar saaie baan vervloekt.
Verder hoor ik op mijn werk geregeld de nodige ellende voorbijkomen en laatst begon er zelfs iemand in de trein haar tragische levensverhaal vol ziekte en dood aan mij te vertellen. In eerste instantie zag ik het allemaal als puur toeval dat mensen ineens hun moeilijkheden in dit leven aan mij meedeelden. Toen ik het echter vertelde aan vriendin Elisabeth keek ze me nadenkend aan en zei: “Misschien is het helemaal niet toevallig dat dit allemaal gebeurt. Mensen vertellen nu eenmaal graag hun verhaal aan diegenen die stabiel en rustig zijn.” Stabiel en rustig. STABIEL EN RUSTIG? Dat is werkelijk nog nooit tegen mij gezegd. Zolang ik me kan herinneren, ben ik de hysterica van de groep. Degene die schreeuwt, degene van wie mensen zeggen: “Heeft ze speed gebruikt of zo?”. En nu noemde mijn beste vriendin me stabiel en rustig. Sterker nog, ze sprak haar vermoeden uit dat mensen wellicht de ruimte voelen om hun twijfels en verdriet met mij te delen omdat ik die ruimte nu eens een keer niet zelf inneem.
Na drie keer ademhalen, moest ik toegeven dat er misschien wel wat in haar theorie zat. Het gaat goed met mij. Ik zit niet meer om het minste of geringste tegen het plafond. Ik ben eigenlijk best gelukkig. En ik praat niet alleen meer, ik luister ook. Kom maar op met die verhalen!


Tags: column Femke, columns, Femke, gesprek van de dag, ik ben gelukkig, libelle 45, uit het blad, vrienden
Posted in Columns, Femke, Uit het blad, blad | No Comments »
dinsdag, november 2nd, 2010

De eenzaamheid van het westen door Johanna Spaey
Waar het over gaat: Schilderes Cassandra schildert na de Eerste Wereldoorlog in België de dodenakkers.
De eerste zin: Ik was lichter dan zijn blik.
Waardering: 8
Johanna Spaey heeft een wonderlijke fascinatie: ze schrijft het liefst over de Eerste Wereldoorlog. Geen erg sexy onderwerp – de Tweede Wereldoorlog is voor de meeste schrijvers interessanter – maar Spaey heeft je al heel snel bij de kladden. Deze keer kruipt ze met haar hele hebben en houden in de huid van schilderes Cassandra. [rectangle]
Apart wezen
In het nawoord vertelt Spaey wat ze heeft gedaan: ze heeft haar roman losjes gebaseerd op het leven van schilderes Mary Riter Hamilton (1873-1954). Ze heeft dat goed gedaan, De eenzaamheid van het westen leest als een waarachtig verhaal. In al haar boeken – dit is het derde – gaat het over vrijgevochten, originele vrouwen. Ook Cassandra is weer een heel apart en authentiek wezen. Ze is groot en knap en voor de duvel niet bang. Eindeloos schildert ze in Vlaanderen lege landschappen. Ze houdt de mannen van zich af door te schermen met haar ‘verloofde’.
Droge humor
De roman gaat over de gruwelijkheden van de Eerste Wereldoorlog, over het verdriet van moeders die soms wel vier zonen verloren, over mannen die hun benen, spraak en identiteit kwijt zijn. Toch is het geen totale treurnis, Spaey heeft fijne droge humor en beschikt over het talent om sensueel te schrijven. Hier en daar werd het allemaal zo poëtisch dat ik de draad kwijtraakte. Dan dacht ik: ach, het komt wel weer goed. En dat gebeurde ook. Ik geef een 8.
Wilt u meer weten over Marleen Janssen? Neem dan een kijkje op haar website. Marleen twittert ook, volg haar!
Winnen!
Libelle geeft 10 x Eenzaamheid van het westen weg! Deze winactie is helaas verlopen. Ga voor meer leuke winacties naar www.libelle.nl/winnen
– Johanna Spaey, Uitgeverij De Geus
ISBN: 9789044513165, Prijs: € 19,90
Verschenen: oktober 2010De eenzaamheid van het westen

Tags: boekenclub, de eenzaamheid van het westen, gesprek van de dag, gesprek vd dag, johanna spaey, marleen, Marleen Janssen, marleens boekenclub, recensie, uitgeverij De Geus, voor de duvel niet bang, win boek, winactie, Winnen
Posted in Marleens boek van de week, boekenclub, genre, roman | 1 Comment »
maandag, november 1st, 2010
De paspoortcontrole op Schiphol verliep vlotjes, de vertraging duurde anderhalf uur en toen het eindelijk tijd was om te boarden, bleek ik wederom mijn paspoort te moeten tonen. Op Schiphol, achter de douane, vlak voor de laatste tassencontrole. [rectangle]
“Uw paspoort is in Istanbul afgegeven?”, sprak de douanebeambte.
“Ja”, antwoordde ik. Ik heb nooit zin om te veel te zeggen tegen mensen in een uniform. Er zit een suggestie in zijn vraag, hoewel, er zitten meerdere vragen verborgen in die vraag. Vind ik althans. Stel ze maar één voor één – als je durft. Denk ik dan. Waar andere mensen klein worden als ze tegenover een burger in uniform staan, zo stijgt mijn zelfvertrouwen. Noem het voor mijn part arrogantie, maar mijn aangeboren ‘mij krijg je niet gek’-houding groeit. Dus terwijl de ambtenaar door mijn maagdelijke, in Istanbul afgegeven Nederlandse paspoort bladerde, bleef ik hem vriendelijk aankijken. Afwachtend. Zoek wat je denkt te kunnen vinden, het zal er niet zijn. “We zijn met een geldcontrole bezig”, sprake beambte.
Ik herinnerde me opeens het formulier dat ik bij de tassencontrole in mijn handen gedrukt kreeg. “Meer dan tienduizend euro op zak? Dat moet u aangeven!” Stond op het formulier waar ik secondenlang naar heb staan staren. Het wilde niet tot mijn hersenen doordringen en wel om één simpele reden: wie heeft er in hemelsnaam nog geld op zak?! Ja, ik, maar in mijn vriendenkring ben ik de enige die zonder pinpas uit winkelen gaat. Ik ben klaar met plastic geld uitgeven, ik ben weer (al meer dan een jaar) terug naar écht knisperend geld. Maar tienduizend euro, nee, dat heb ik niet op zak.
“U mag niet meer dan tienduizend euro het land uitvoeren”, sprak de douanebeambte terwijl hij mijn paspoort overhandigde. “Ik heb geen geld”, sprak ik snel. Te snel, zeker voor mijn doen. “U hebt geen geld?”" Owww. Verkeerd antwoord. NATUURLIJK heb ik geld op zak. En redelijk veel ook, maar geen tien mille.
“Ja, ik heb wel geld, uiteraard”, sprak ik. “Maar een paar honderd euro, ik weet niet precies hoeveel.” Ik wist dat ik geld in mijn portemonnee had toen ik een paar honderd euro pinde waarvan inmiddels ook wel iets had uitgegeven dus, ja, ik heb geld op zak, uiteraard. Maar hoeveel?! Ik voelde de bui al hangen. Heb ik weer.
“Prima mevrouw, dan wens ik u een fijne reis.”
O. Was dat het? Hm. Ik snap niets van die controles. Zonde van ieders tijd. En geld.

Tags: column, column ebru, columns, Ebru, gesprek van de dag, Schiphol
Posted in Columns, Ebru | No Comments »
maandag, november 1st, 2010
Ze praten niet alleen over die gevreesde besmetting en de gevolgen hiervan, maar ook over hun moeizame bestaan. Hun mannen verdrinken vaak het weinige geld. Krijgt meneer geen fatsoenlijk maal, dan vallen er klappen. Hier leren de vrouwen om voor zichzelf op te komen en initiatieven te ontplooien om toch hun kinderen te kunnen voeden.
Rehema (45) trouwde met een veel oudere man en ze dacht dat zijn eerste vrouw al dood was. Die bleek nog springlevend te zijn en maakte Rehema het leven zuur. De man sloeg haar regelmatig. Na de training in de groep kon ze tegen hem zeggen: “Jij bent oud, je kunt me niets maken!” Ook bood ze de eerste vrouw haar excuses aan. Want Rehema kon er zelf ook wat van, bekent ze, qua ruzie maken. Daarmee won ze het respect van haar man, die haar nu niet meer slaat en de eerste vrouw gedraagt zich netjes. Tenslotte wonen ze op hetzelfde stukje land. [rectangle]
Later die middag bezoeken we Rehema’s dochter Mwanarafa (20). Ze zit er apathisch bij en voelt zich moe. Haar man is aan aids overleden. Daarna had ze een paar vriendjes, met wie ze onbeschermd heeft gevrijd. Ze heeft zich, op aanraden van Rehema, laten testen en daar kwam uit dat ze besmet is. Aan de wand hangt een romantisch schilderijtje. Wrang, want de vrouwen hier hebben weinig prettige ervaringen in de liefde. Onze begeleidster vertelt Mwanarafa dat ze voortaan altijd een condoom moet gebruiken en dat ze er vanuit moet gaan dat elke man die geen condoom gebruikt, besmet is. Ze geeft haar het adres van de hulporganisatie en drukt haar op het hart snel langs te komen.
Als we vertrekken, zien we de oude echtgenoot van Rehema onder een afdakje zitten, de man met de losse handjes. Niet te geloven, je blaast hem zo omver! Ik schud zijn uitgestoken hand, waarmee hij zoveel klappen heeft uitgedeeld. “Ber!” Zegt hij gemoedelijk. Dat betekent dat het goed met hem gaat…

Diezelfde dag horen we dat Rehema’s dochter zich meteen heeft gemeld bij het kantoor van de hulporganisatie, en met haar nog drie jonge vrouwen. Zij gaan het systeem in en dan komt het goed. Dankzij Stop Aids Now! en de intensieve samenwerking met de lokale hulporganisaties.
Als in deze streek de oma’s en ouders doodgaan aan aids, gaan de jonge kinderen een moeilijke toekomst tegemoet. U kunt helpen. Doe mee met de puzzelmarathon in Libelle, voor Stop Aids Now!
Winnen!
Komende vier weken schrijft Wieke over dit thema en mogen we een aantal ArtBags weggeven! Ook dit jaar hebben de ArtBags weer een verrassend uiterlijk. Voor een foto en meer informatie bekijkt u ze hier. Deze week geeft Libelle 10x een ArtBag weg. Maak kans: vul uw gegevens in op het winformulier en lees ook de overige spelvoorwaarden. Deze actie loopt tot 8 november 2010.
De tassen zijn vanaf 15 november ook te bestellen in de speciale ArtBag webshop op www.stopaidsnow.nl. Prijs: €5,-
P.s. De komende twee weken staat de puzzelmarathon in Libelle. U kunt meedoen en zo Stop Aids Now! steunen bij het broodnodige werk.
Beeld: Freek Esser


Tags: column, Columnisten libelle, gesprek van de dag, wieke, Wieke's Reisblog, winacte, Winnen
Posted in Afrika, Columns, Reizen, Reizen en uitgaan, Wieke's Reisblog, wieke | No Comments »
donderdag, oktober 28th, 2010
Dagenlang struinde ik het internet af en uiteindelijk vond ik, dankzij een collega, een site van een salon die me wel vertrouwen inboezemde. Een afspraak was zo gemaakt en dus togen mijn moeder en ik op een doodgewone vrijdag richting de beautykliniek. Hoewel ik geen idee had wat ik kon verwachten, had ik er wel zin in. Zou ik er daadwerkelijk mooier van worden? [rectangle]
In de salon werden we hartelijk ontvangen. Twee schoonheidsspecialisten begeleidden ons naar een lichte, witgeschilderde ruimte waar twee comfortabele ligstoelen stonden opgesteld. Er heerste een serene sfeer, met name door de zacht tinkelende muziek. Het begon goed, met een warme doek en een crèmepje en een scrubje en nog een crèmepje. Hoewel ik het meestal lastig vind als er iemand aan mijn lijf zit, lukte het me vrij snel om te ontspannen.
Toen sprak de beautymevrouw een woord uit waarvan ik de betekenis nog niet kende. Ze zei: “Als je het goed vindt, begin ik nu aan de dieptereiniging.” Voordat ik instemmend kon knikken, begon ze zo te drukken en te poeren dat het vermogen om te praten even totaal verdween. Ineens hakte mijn weggestopte trauma, een acnehuid tussen mijn negende en achttiende levensjaar met talloze bezoekjes aan huis-, huid- en homeopathische artsen, er keihard in. Terwijl mijn moeder met drie kleine drukjes door de ‘dieptereiniging’ was gerold en al lag te genieten van de gezichtsmassage liet mijn schoonheidsbeul weten dat ze “zo’n beetje op de helft” was.
Inmiddels rolden de tranen over mijn wangen. Van pijn en ellende. Ik dacht aan de schaamte die ik had gevoeld over mijn gebobbelde, onappetijtelijke pubergezicht en besefte weer extra heftig dat mijn huid voor altijd is getekend door dat verleden. Het lukte me niet meer om de lol in te zien van de massage en het masker. Mijn hele gezicht gilde het uit. Toen we na een uur weer buiten stonden, verzuchtte mijn moeder voldaan: “Heerlijk!” Ik haalde gelaten mijn schouders op: dat je je zo lelijk kunt voelen na een bezoek aan de schoonheidsspecialist.


Tags: acne, beautykliniek, column, column Femke, columns, Femke, gesprek van de dag, jeugd, schoonheidsspecialist, trauma
Posted in Columns, Femke, Uit het blad, blad | No Comments »
vrijdag, oktober 22nd, 2010
Het is de opening van een bijzondere expositie van vader en dochter. Kunstfoto’s van mijn vader naast aquarellen van mijn overleden zusje Christine. Als ik de galerie binnenkom begroeten twee ogen me. Onderzoekend. Niet lachend, zoals ik haar het beste ken. De rest van haar gezicht is ontspannen en vertrouwd. Het is een zelfportret dat ik heel lang geleden gezien heb. Ze koketteerde niet met haar werk, maar deelde zoveel. [rectangle]
Drie jaar geleden is ze overleden. Hersentumor. Het verdriet is iets gestild, het gemis blijft op een intense manier aanwezig. De foto’s van haar die ik in mijn woonkamer heb staan, zijn gewone foto’s geworden. Ik heb ze te vaak gezien om die prettige schok van herkenning nog te krijgen. Zoals me vandaag overkomt bij haar zelfportret. Voor even leeft ze weer.
De speech bij de opening gaat over haar onderzoekende blik terwijl ze zichzelf aan het tekenen is. Onderzoek doen was haar werk. Daarnaast heeft ze altijd getekend en geschilderd. Het was voor haar een moeilijke keuze: de kunstacademie of de wetenschap. We hebben er veel over gepraat. Creativiteit zit in de familie. In de genen, zouden wetenschappers zeggen. Mijn vader is pas na zijn pensioen kunstenaar en schrijver geworden. En ik? Ik schrijf. Ik probeer gedachten in woorden te vangen. Verhalen te bouwen. Maar vandaag ben ik stil. Mijn zusje is voor even terug. Heel dichtbij, alsof ze tegen me praat. Alsof ze zomaar even langsgekomen is en met haar vinger het kippenvel op mijn arm streelt. Ik sta voor haar gezicht en fluister: ‘Dag zusje, wat fijn dat ik je zie.’
Wilt u meer weten over Marelle? Neem dan een kijkje op haar website. Marelle twittert ook, volg haar!

Tags: boekenclub, column, Columns, dag zusje, gesprek van de dag, marelle, weblog
Posted in Columns, Marelle, boekenclub | No Comments »