null Beeld

5 valkuilen bij de erfenis in een stiefgezin: ‘Wie krijgt wat?’

Wie na een overlijden of scheiding een nieuwe liefde vindt, 
doet er slim aan goed na te denken over de erfenis. Want zeker als er kinderen in het spel zijn, kan dat best ingewikkeld zijn.

Bijna één op de 10 gezinnen met kinderen onder de 18 jaar in Nederland is een samengesteld gezin. Daarbij heeft minimaal één ouder een kind uit een vorige relatie. Samen een nieuwe start maken, klinkt heel romantisch. Maar zo’n ‘stiefgezin’ runnen is ook een behoorlijke uitdaging: verschillende opvoedstijlen, loyaliteitsconflicten en te hoge verwachtingen kunnen roet in het eten gooien. Ook de financiën zijn vaak een mijnenveld. Ruzies over de erfenis liggen bij stiefgezinnen helaas meer op de loer dan bij traditionele gezinnen, al was het maar omdat er meer partijen bij betrokken zijn. Want: van wie is het huis? De spullen? Het geld? Dit zijn valkuilen die vermeden kunnen worden.

Valkuil 1:

Denken dat alles geregeld is via erfrecht

Omdat een stiefkind geen bloedverwant is, is er in het erfrecht niets voor geregeld. Dat is een belangrijk verschil met een geadopteerd kind. Dat wordt voor het erfrecht wel als eigen kind gezien omdat met de adoptie de bloedverwantschap met de biologische ouders is verbroken. Stiefouderadoptie is een optie, maar daarvoor moet de ‘familierechtelijke band’ met de andere ouder wel worden doorbroken. In praktijk komt dat dus weinig voor.

Wie wil nalaten aan zijn stiefkinderen, moet daarvoor stappen zetten, zoals het opstellen van een testament of samenlevingscontract. Veel stiefouders doen dat niet, stelt filosoof Corrie Haverkort, auteur van het zojuist verschenen boek Van woede naar redelijkheid over dilemma’s en emoties bij de komst van een nieuwe partner. Volgens haar geldt dat vaker voor mensen die in de jaren tachtig zijn gescheiden. “Toen was de eerste grote scheidingsgolf. Er was toen nog weinig informatie over het vormen van een samen-gesteld gezin. Mensen deden het gewoon. Dat zijn inmiddels zestigers en zeventigers die vaak nu pas over hun testament gaan nadenken. In sommige gevallen is dat te laat.”

Wanneer er niets geregeld is, kan dat voor een stiefkind heel pijnlijk zijn. “Er zijn samengestelde gezinnen waar het heel goed gaat, en waar de band tussen de ouders en stiefkinderen net zo warm is als die met de biologische kinderen. Als een kind er dan na het overlijden van de stiefouder achterkomt dat die niets heeft geregeld, kan dat heel verdrietig zijn.”

Valkuil 2:

De impact van een huwelijk onderschatten


Toch kan een kind, zonder dat er een testament is, indirect van een stiefouder erven. Namelijk als de ouders in gemeenschap van goederen trouwen of kiezen voor een geregistreerd partnerschap. Als de stiefouder als eerste overlijdt, gaat zijn of haar vermogen eerst naar de langstlevende partner, de biologische ouder. Heeft de stiefouder zelf geen kinderen, dan gaat het totale vermogen van beide partners bij overlijden van de biologische ouder alsnog naar zijn of haar kinderen. Het wordt dan als het ware van de ene naar de andere familie overgeheveld. Maar als andersom de stiefouder het langste leeft, dan kunnen de stiefkinderen alleen aanspraak maken op de erfenis van hun ouder.

Het is goed denkbaar dat iemand wil voorkomen dat zijn of haar nalatenschap naar de stiefkinderen gaat. Bijvoorbeeld wie zijn partner op latere leeftijd is tegengekomen, toen de kinderen al uit huis waren. Trouwen onder huwelijkse voorwaarden is dan een goede oplossing. Ook in een samenlevingscontract kun je opnemen dat de stiefkinderen geen erfgenaam zijn.

Valkuil 3:

Stiefgezin te snel opnemen in testament

Wie stiefkinderen wél als erfgenaam wil aanwijzen, kan ze in het testament opnemen. Een stiefkind krijgt dan dezelfde positie als een eigen kind, inclusief de gunstige vrijstelling (€ 20.616 in 2019) en het lage belastingtarief (10% tot € 124.727 en 20% daarboven). Dit heet de assepoesterclausule. Hoewel eigen kinderen geen bezwaar kunnen maken, is het verstandig dit met hen te bespreken. Hun erfdeel wordt kleiner. En: wees er niet te snel mee. “Dat jullie een nieuw gezin gaan vormen, wil niet zeggen dat je elkaars kinderen meteen als erfgenaam moet aanwijzen. Veel ouders met een samengesteld gezin wachten daar even mee. Kijk eerst een hoe het samenwonen uitpakt”, zegt notaris Lot Gijzen. “Het tempo van de partners is niet per se het tempo van de kinderen. Zij zijn niet verliefd”, stelt ook Haverkort. “Het kan pijnlijk zijn voor biologische kinderen om er na de dood van hun ouder achter te komen dat de stiefkinderen meedelen in de erfenis. Zeker als de relatie nog pril was, valt dat rouw op hun dak.”

Ook een nieuwe partner te snel als erfgenaam toewijzen, kan bij de eigen kinderen kwaad bloed zetten. Wanneer iemand hertrouwt, of een langstlevende testament opstelt, gaat de nalatenschap dan eerst naar de nieuwe partner en pas als die overlijdt naar de kinderen. De kinderen moeten dus wellicht nog lang wachten op hun erfenis. Zeker als de nieuwe partner veel jonger is. Al die tijd blijven ze financieel verbonden aan deze partner, ook als hun wegen allang zijn gescheiden. “De kinderen zijn ineens hun hele leven verbonden aan ‘ene Anneke’ met wie papa voor zijn dood misschien nog maar een jaartje getrouwd was”, zo verwoordt Haverkort het.

Omdat je nooit weet hoe het leven loopt, raadt Gijzen aan niet te ver vooruit te kijken. “Ik neem meestal een periode van zeven jaar als basis, daarna maken we steeds een nieuw ‘tussentestament’. Bijvoorbeeld: de eerste zeven jaar beschouw je als proef-samenwonen. Daarna neem je je partner op als erfgenaam, weer zeven jaar later ook de stiefkinderen. Een testament staat, als het goed is, nooit stil.”

Valkuil 4:

Onbegrensd vertrouwen in je nieuwe partner

Blijf kritisch op die nieuwe liefde. “Ik ken uit mijn praktijk een schrijnend geval van een man met Alzheimer die een vriendin kreeg. De kinderen dachten dat ze op zijn geld uit was”, vertelt financieel planner en mediator bij scheidingen en nalatenschappen Iris Brik, tevens auteur van de Financiële Schijf van 5. Uiteindelijk stonden stiefouder en kinderen voor de rechter om hun erfdeel veilig te stellen. Een levenstestament had in dit geval volgens Brik verschil gemaakt. Daarin staat wat er gebeurt op het moment dat je nog leeft, maar niet meer in staat bent om beslissingen te nemen. Bijvoorbeeld door een hersenbloeding of dementie. In een levenstestament worden afspraken vastgelegd over financiën, bijvoorbeeld wie het vermogen beheert en hoe. Ook kan worden bepaald welke vormen van medische zorg gewenst zijn. “Omdat bij samengestelde gezinnen vaak sprake is van conflicterende belangen, raad ik stiefouders aan om zo’n levenstestament op te stellen.” Ook zijn er manieren om te voorkomen dat een nieuwe partner de erfenis van de kinderen erdoorheen jast. “Het is zo te regelen dat de erfenis direct wordt verdeeld tussen partner en kinderen”, zegt notaris Gijzen. Bij wie dat niet heeft gedaan, kunnen de kinderen een beroep doen op het Wilsrecht. Een stiefkind geeft aan dat het een vordering heeft op de langstlevende partner en laat deze omzetten in goederen ter waarde van zijn deel van de erfenis. Wat het ingewikkeld maakt, is dat de langstlevende partner gebruik mag blijven maken van de goederen. Zo kun je een deel van het huis van een overleden ouder vorderen, maar de stiefouder mag er blijven wonen. Er wordt pas uit-betaald als de stiefouder verhuist of hertrouwt.

Nog een doemscenario: jullie hebben allebei in je testament opgenomen dat alle (stief)kinderen aanspraak maken op de erfenis. Zodra jij overlijdt, past je partner het testament aan en maakt de eigen kinderen de enige erfgenamen. Om dit te voorkomen moet er een ‘voorwaardelijke making’ worden opgenomen in het testament waarin staat dat de kinderen van de ene partij alleen aanspraak op de erfenis mogen maken als de kinderen van de andere partij dat ook doen.

Valkuil 5:

Geen goede afspraken over de woning

Een dak boven het hoofd is een eerste levensbehoefte. Het is belangrijk om goed na te denken over wat er gebeurt met de woning als je partner overlijdt. Stel, de partner die als eerste overlijdt, is eigenaar van het huis waarin het stel samenwoont. In dat geval gaat de woning naar de kinderen en staat de langstlevende partner op straat. Om dat te voorkomen, is het aan te raden om in een testament of samenlevingscontract op te nemen dat je lief nog enige tijd in je huis mag blijven wonen, als jij overlijdt. “Het is dan ook mogelijk om in het testament op te nemen dat de nieuwe partner in die periode de hypotheeklasten betaalt, zodat de kinderen daar niet voor opdraaien”, zegt Gijzen.

Een levensverzekering voor je nieuwe partner kan een slimme keuze zijn, tipt de notaris. Zo’n verzekering keert uit aan hem of haar op het moment dat je overlijdt. Met dat geld kan zij of hij dan bijvoorbeeld tijdelijk de hypotheeklasten blijven betalen. Gijzen: “Het voordeel van zo’n levensverzekering is dat de erfenis onaangetast blijft. En je kunt hem ook voor een bepaalde periode afsluiten, bijvoorbeeld vijf of tien jaar. Als jullie relatie die periode heeft overleefd, dan kun je je nieuwe partner alsnog in je testament opnemen.”

Een levensverzekering kan overigens ook verstandig zijn als je nieuwe partner wel erfgenaam is, maar jij je vermogen vooral binnen een eerder huwelijk hebt opgebouwd. Het erfdeel van de kinderen kan dan zo groot zijn dat er nauwelijks nog iets voor de nieuwe partner overblijft.

“Mijn vriend vond de gesprekken over de erfenis best lastig”

Susan Stijnen:

“Toen ik drie jaar geleden met mijn kinderen bij mijn vriend en zijn zoon introk, hebben we meteen een samenlevingscontract en een testament opgesteld. Vooral voor het huis. Ik vind het belangrijk dat wij niet meteen op straat komen te staan als mijn vriend zou overlijden. Ook wilde ik graag wat geld in zijn huis steken, maar alleen als zwart op wit zou komen te staan dat dat mijn investering is.

Mijn kinderen blijven mijn erfgenaam, en de zoon van mijn vriend die van hem. Mijn vriend erft alleen onze gemeenschappelijke spullen, het geld van de gezamenlijk bankrekening en de meubels. Ook ben ik de bewindvoerder van zijn zoon op het moment dat mijn vriend overlijdt. Zijn zoon is nog maar tien jaar. Ik zie dit als een tussentestament. Als we over tien jaar nog steeds bij elkaar zijn, dan wil ik wel alles op één hoop gooien. Dan laten we in ons testament opnemen dat alles naar de langstlevende en daarna alles naar alle drie de kinderen gaat. Zijn zoon wordt dan dus ook mijn erfgenaam. Ik denk dat het dan ook veel logischer voelt. Nu willen we wel één gezin zijn, maar we zijn het nog niet.

Mijn vriend vond de gesprekken over het huis en de erfenis best lastig. Het waren ook niet de meest romantische gesprekken. Vooral de afspraak over mijn investering in het huis, vond hij getuigen van weinig vertrouwen in onze relatie. Ik draaide het om: hoe zou jouw zoon het vinden als jij een groot bedrag in mijn huis zou investeren en ik er binnen een jaar vandoor zou gaan? Dan zou hij het jou later wellicht kwalijk nemen dat je een deel van zijn erfenis had verbrast. Daarna begreep hij het wel. Ik geloof dat duidelijke afspraken over geld bijdragen aan het fundament van een relatie. Wanneer helder is van wie wat is, is de kans veel kleiner dat daar ruzie over komt.”

“Er lijken nu dingen te 
gebeuren die niet in de geest van mijn vader zijn”


Anoniem:

“Mijn vader is ruim een jaar geleden overleden en mijn broer en ik weten nog steeds niet of we ook recht hebben op een deel van de erfenis. Mijn ouders zijn gescheiden toen ik nog tiener was. Mijn vader is daarna hertrouwd, in gemeenschap van goederen. Mijn relatie met zijn tweede vrouw is prima, zij is altijd goed voor hem geweest. Maar ik heb met haar niet die onvoorwaardelijke band die ik met mijn familie heb. Ik heb haar ook nooit beschouwd als stiefmoeder.

Nadat mijn vader overleed, bleef het stil over de erfenis. Zijn tweede vrouw wilde er niets over zeggen. Mijn broer en ik hebben de overlijdensakte van mijn vader opgevraagd en we kwamen erachter dat mijn vader geen testament had opgesteld. Dat betekent dat nu alles naar zijn tweede vrouw gaat, en dat wij pas erven op het moment dat zij overlijdt. Ik ben bang dat de band verwatert en ik vraag me af wat er dan gebeurt met de erfenis. Krijgen wij dan een seintje als ze doodgaat? Ik zou nu al graag aanspraak maken op mijn kindsdeel, maar ik weet niet of daar mogelijkheden voor zijn. Dat zijn we nu aan het uitzoeken.

Het gaat me niet eens om het geld. Ik vraag me vooral af of hij het zo allemaal wel gewild heeft. Dat knaagt aan mij. Ik zou er vrede mee hebben als hij tegen mij had gezegd: ‘Zij heeft zo goed voor mij gezorgd. Alles gaat naar haar.’ Maar nu lijken er dingen te gebeuren die niet in zijn geest zijn. Dat maakt het ook lastig om te rouwen. Ik heb het gevoel dat er nog open eindjes zijn. Ik denk dat ik daar pas echt aan toe kom als de nalatenschap van mijn vader goed geregeld is.”

Tekst: Irene van den Berg. Beeld: iStock.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden