null Beeld Getty Images/iStockphoto
Beeld Getty Images/iStockphoto

Anne-Wil: “Als ik tegenover Dorien sta, weet ik niet wat ik moet zeggen”

De familievakantie in de door Dorien gehuurde villa is weer afgelopen. 
Han en Anne-Wil reizen door naar Spanje, naar Anne-Wils broer en schoonzus.

Zaterdag

De beelden van de afgelopen zondag krijg ik niet uit mijn hoofd. We hebben voor het laatst met z’n allen ontbeten, maar de stemming is bedrukt. De bagage zit al in de auto’s, alles is klaar voor vertrek. Voor de laatste keer de vaat doen, de stapels borden terugzetten in de grote servieskast. Het bestek in de lades leggen. Broodkruimels van tafel vegen.

Wie wil het overgebleven stokbrood mee voor onderweg? Dorien laat zich niet zien. Pas als we allemaal voor het grote huis staan, komt ze naar buiten. Martin draagt haar bagage, Marianne loopt naast haar. Nu moeten we afscheid nemen. Ik zie dat ze liever meteen in de auto stapt om weg te rijden, maar zo kun je niet uit elkaar gaan, dat begrijpt ze zelf ook wel. Als ik tegenover haar sta, weet ik niet wat ik moet zeggen. Ik leg mijn handen op haar schouders. “Kom gauw bij ons als we terug zijn”, zeg ik. “Ga dit alsjeblieft niet in je eentje verwerken.” Ze kijkt langs me heen en als ik haar op allebei haar wangen zoen, voelt het alsof ik een pop aanraak. Alleen als Han zijn armen om haar heen slaat en “Sterkte zus!”, tegen haar zegt, zie ik iets in haar gezicht wat op emotie lijkt. Ze loopt naast Marianne naar de auto en als ze wegrijden met Martin in Doriens auto erachter, blijft ze voor zich uit kijken, terwijl wij aarzelend naar haar zwaaien. “Pfft”, zegt Robbert. “Ik vind het zo zielig!”, zegt Wil. Ze staan met hun rugzak naast zich op Manon en Boy te wachten. Die hebben een heerlijke week samen gehad, zoals Manon om de dag in haar appjes vertelde. Het lucht een beetje op dat Dorien vertrokken is, het afscheid van de familie van Han wordt er een stuk gezelliger door. Daarna wachten Han en ik tot de auto van Boy de oprit op komt rijden. Weer omhelzingen en zoenen. Maar veel tijd om te praten is er niet, Manon en Boy zijn van plan om in één stuk naar huis te rijden en het is nu al niet meer vroeg.

Als ik tegenover Dorien sta, weet ik niet wat ik moet zeggen

Dat was nog geen week geleden. We weten dat Marianne en Martin Dorien veilig thuis hebben afgeleverd, maar ze reageert niet als Han haar een appje stuurt. “Misschien moeten we maar even niets van ons laten horen”, opper ik. “Misschien”, zegt hij. “Maar misschien ook wel. Ik weet gewoon niet hoe ik hiermee om moet gaan, Anne-Wil. Ik heb er best begrip voor als ze even helemaal niets met andere mensen te maken wil hebben. Maar ik wil ook niet dat ze zich in de steek gelaten voelt omdat ik niets van me laat horen.” “Ze weet dat jij haar nooit in de steek zult laten”, zeg ik. Han knikt, maar het ziet er niet erg overtuigend uit.

Dinsdag

We zitten in het vliegtuig naar Alicante. Nog even en ik zal Jaap en Anja weer zien, in dat heerlijke huis dat ze verkocht hebben en waar ik na deze laatste keer nooit meer zal komen. Ook iets wat een beetje verdrietig is, al is het niet te vergelijken met de treurige manier waarop we uit het grote vakantiehuis in Frankrijk zijn vertrokken. Het is verrukkelijk koel in het vliegtuig en mijn drankje smaakt heerlijk. Onder mij glijdt het laatste stukje Frankrijk voorbij. Vanaf nu wil ik van iedere dag genieten, neem ik me voor. En proberen om niet meer zo vaak aan Dorien te denken. Ik voel de hand van Han op de mijne en als ik naar hem kijk, lacht hij naar me op de manier waar ik nog steeds verliefd op ben.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden