null Beeld

Anne-Wil: “We weten nog steeds niet hoe we kerst gaan vieren”

Anne-Wil heeft twee kinderen, vijf kleinkinderen, is getrouwd met Han en werkt in een exclusieve boetiek. Dochter Manon maakt zich druk om haar ex Joris.

Zaterdag

“Wat doe jij hier?”, vraag ik verbaasd als Manon de keuken binnenkomt. “Je ging toch met Boy een weekendje naar vrienden?” “Dat zou ik ook”, zegt Manon terwijl ze gaat zitten. “Robbert en Wil zouden dit weekend bij Joris zijn, maar dat gaat niet door. Carice ligt in het ziekenhuis. Ze heeft een zware epileptische aanval gehad en het ziet er niet goed uit. Joris is meteen naar Jitske vertrokken.”

Ik ben tegenover Manon gaan zitten. “En nu?” Ze haalt haar schouders op. “Geen idee. Ik denk dat hij daar voorlopig wel zal blijven. Misschien ook niet. Met Joris weet je nooit iets zeker. Ondertussen hebben de kinderen er de pest in dat ze niet een weekend alleen thuis mogen zijn.” “Daar hebben ze zo langzamerhand toch wel de leeftijd voor?”, vraag ik voorzichtig.

“Niet zolang ze nog van die idiote dingen uithalen, zoals Wil met haar milieuclubje. Een beetje ’s nachts op pad gaan om tegels uit tuinen te graven, zodat de regen de grond in kan.” “Waren Boy en jij toen niet gewoon thuis?”, vraag ik. Manon kijkt me woedend aan. “Hè ja, begin jij ook eens!” Ze is even stil. “Sorry mam, het gaat even allemaal niet zo lekker. Ik moet steeds aan Joris denken. Eerst laat hij iedereen barsten en vervolgens zit hij vol schuldgevoel. Alsof hij nog iets kan goedmaken door naast Jitske aan het bed van Carice te zitten. Toch heb ik ook met hem te doen. Ik wil hem troosten én ik ben kwaad op hem. Het is zo dubbel!”

Als ze weer is vertrokken, denk ik aan Manons woorden. Dubbel… ik ken die tegenstrijdige gevoelens, het zijn de moeilijkste gevoelens om mee om te gaan. Ik stel me Joris voor, die nu bij het bed zit van zijn ernstig zieke kind. Wat denkt hij? Wat voelt hij? En vooral: wat als hij Carice moet missen? Denkt hij er dan aan dat hij al die tijd haar vader had kunnen zijn, maar het liet afweten?

Maandag

Over vijf dagen is het Kerstmis en nog steeds weten we niet hoe we het gaan vieren. Sinterklaas splitsen was nog te doen, maar met kerst willen we als familie toch het liefst samen zijn. De familie van Han heeft de knoop al doorgehakt: iedereen viert kerst in eigen huis en volgend jaar zien ze wel weer.

Mijn familie is er nog steeds niet uit. Manon is met een behoorlijk avontuurlijk voorstel gekomen: eerst met z’n allen een lange wandeling maken en daarna een kerstbarbecue in haar achtertuin, met vuurkorven als verwarming. “Ik peins er niet over!”, zei Engelien meteen. “Ik haat wandelen en ik haat kou.

Ik wil met een glas glühwein bij de open haard zitten, met de kinderen een kerstfilm kijken en ondertussen een heleboel kerstkransjes eten.” Dat was duidelijke taal, waarop Manon reageerde met de mededeling dat Engelien het hele jaar door een saaie tut kan zijn, dus waarom dan die ene dag niet gewoon meedoen met de anderen?

Bij ‘die anderen’ hoor ik dus ook. De wandeling trekt mij wel, maar op een tuinstoel bij een vuurkorf een naar rook smakend kippenboutje naar binnen werken, vind ik een stuk minder. Ik zeg het alleen niet tegen Manon, want ik begrijp dat ik zelf met een ander idee moet komen als ik haar plan afkeur. En dat heb ik jammer genoeg niet.

Tekst: Tineke Beishuizen. Beeld: iStock

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden