null Beeld

Anneke Hölsgens is kind van een onbekende Britse soldaat: “Ik hoop nog steeds mijn Britse familie te vinden”

Geen oorlog zonder liefde. Tussen bezetter en bezette, tussen bevrijder en bevrijde. Anneke is daar het levende bewijs van. Ze vertelt hoe het was om op te groeien als kind van een (onbekende) Engelse soldaat. 

Anneke (74): “‘Kijk, daar staat het!’ Mijn pleegvader zei het vaak als hij ruzie met mijn moeder had. Dan wees hij naar mij terwijl hij haar sloeg en haar bij haar haren pakte. Rond mijn kleutertijd kwam ik erachter dat het negatief was bedoeld, dat ik deels schuldig was aan hun ruzies omdat hij niet mijn echte vader was.

"Zorg ervoor alsof het je eigen kind is"

Mijn moeder Hubertina was een prachtige vrouw met donkere haren en dito ogen. Ze kwam uit België en werd als een vreemde gezien in Baexem, een klein boerendorp in Midden-Limburg. Uit het huwelijk met mijn pleegvader werden 2 kinderen geboren. Toen Baexem eind november 1944 werd bevrijd, was hij tewerkgesteld in Duitsland. Moeder was inmiddels 35. In januari 1945 werden Britse soldaten in het dorp ingekwartierd. Mijn moeder wilde geen vreemden in huis, maar het moest. Toen mijn pleegvader die zomer terugkeerde, was ze 4 maanden zwanger, heel het dorp wist het. Hij was gelovig en vroeg de pastoor om raad. ‘Zorg ervoor alsof het je eigen kind is’, zei de pastoor. ‘God zal je belonen.’ Daar heeft hij zijn best voor gedaan, hij gedroeg zich over het algemeen niet anders naar mij dan naar mijn oudere broer en zus. Maar hij heeft ook fouten gemaakt, dat is menselijk.

Tijdens een ruzie rond mijn achtste verjaardag ging hij voor me staan, keek omlaag en riep heel hard tegen me: ‘Ik ben je vader niet. Je vader is een Engelse soldaat.’ Ik keek hem met opengesperde ogen aan; ik wilde niet laten merken hoe veel pijn me dat deed – het is een traumatische herinnering. Wat hij zei verwarde me, want mijn moeder kwetste hem er vaak mee dat zijn broer Ton mijn vader was. Ik heb haar gevraagd: ‘Wie is het nu?’ ‘Oom Ton’, zei ze. Dat heeft ze tot haar dood in 2000 volgehouden.”

Vader of oom?

“Oom Ton was getrouwd en had kinderen, dus de familie vond dat verschrikkelijk. Hij meed mij altijd. In 2001 heb ik een DNA-test laten doen. Tot grote opluchting van zijn gezin bleek mijn oom niet mijn vader te zijn. Maar ik vond het vreselijk. Wie is het dan? Toch die Engelsman waar mijn vader over sprak? Ik heb toen een oude buurman opgezocht. Hij wist te vertellen dat er in de winter van 1944-1945 6 weken lang een Britse militair, Jim, bij ons in huis zat en die had verteld dat hij iets met mijn moeder had. Ik leek op hem in mijn manier van doen, zei hij.

"Mijn moeder had abortus laten plegen, één foetus werd over het hoofd gezien"

Ik ben naar Jim op zoek gegaan, tot nu toe tevergeefs. Ik kwam er wel achter dat ik een van een tweeling was. Mijn moeder had abortus laten plegen, één foetus werd over het hoofd gezien. Ik was dus een vergissing; als ik daar lang bij stil sta, krijg ik weer een brok in mijn keel. Ik ben jong getrouwd omdat ik veiligheid zocht, maar mijn eigen huwelijksleven ging spijtig genoeg ook niet over rozen. Ik heb daarna allerlei manieren gezocht om toch gelukkig te zijn en dat heb ik gevonden in mijn geloof in God. Daardoor heb ik ook leren vergeven, al ging dat heel langzaam. Door te vergeven, kreeg ik ruimte voor andere dingen, zoals goede vriendschappen. Ik schreef ook een boek over mijn ervaringen, Kind in mist, en dat luchtte zo op. Ik ben nu blijer, zelfverzekerder en in balans. Een gelukkig mens.”

Bang en alleen

“Ik kan ook begrip opbrengen voor wat mijn moeder heeft meegemaakt en neem haar niets meer kwalijk. Tijdens de gevechten bij Baexem was door een granaat haar huis deels ingestort en ze zat met haar kinderen in een geblokkeerde kelder opgesloten. De buren hoorden haar geschreeuw en hebben haar bevrijd. Ze was daarna bang, alleen en had de zorg voor 2 kleine kinderen. Ze zocht warmte en veiligheid. En toen was daar Jim. We zijn maar mensen, niemand is volmaakt. Ook de abortus begrijp ik nu: ze wilde haar man niet kwetsen, dus liet ze het kind weg halen. Dacht ze. Ik heb nog wel eens stille hoop mijn Britse familie te vinden. Mijn vader zal inmiddels overleden zijn; hem ontmoeten heb ik inmiddels losgelaten. Ik heb geleerd de dingen te accepteren die ik zelf niet kan veranderen. Maar het belangrijkste is het vergeven. Dat maakt een mens pas echt vrij.”

Interview: Bram de Graaf Beeld: Esmée Franken

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden