null Beeld

Arts Charlene (46) over discriminatie in de zorg: “Van binnen doet het pijn”

Charlene (46) is getrouwd en moeder van drie kinderen. Ze werkt als arts anesthesioloog en heeft geregeld te maken met discriminatie in de zorg.  

Online redactie Libelle

"Je zou denken dat het went. Dat je op den duur afgestompt raakt of een olifantenhuid ontwikkelt. Dat je die kwetsende, discriminerende opmerkingen niet meer hoort. Maar dat is niet zo.

Passieve-agressieve discriminatie

Ik werk bijna 15 jaar als arts anesthesioloog in een groot Randstedelijk ziekenhuis. Pijnbestrijding is een geweldig vak, om uiteenlopende redenen, maar de voornaamste is dat ik iets kan betekenen voor mensen die zorg nodig hebben. Daar haal ik enorm veel voldoening uit. Toch is er is één ding dat me dwars zit: als vrouw - en dan vooral als vrouw met een allochtoon uiterlijk - word ik regelmatig geconfronteerd met passieve-agressieve discriminatie. En dat verbaast mij. Ik bedoel, ‘zorg’ kent toch geen kleur? Stel je voor dat ík patiënten zou selecteren op basis van hun afkomst – jou help ik wel en jou help ik niet?!

Opboksen tegen vooroordelen

Ik ben geboren en getogen in een stadje in Zuid-Holland. Mijn moeder is Nederlands en mijn vader is van Surinaamse afkomst. Ik lijk vooral op mijn vader. Als klein meisje merkte ik al dat ik soms een andere behandeling kreeg dan mijn witte vriendinnetjes; een MAVO-advies bijvoorbeeld, terwijl mijn Cito-toets VWO uitwees, dat soort dingen. Misschien dat ik daarom onbewust een vorm van bewijsdrang heb ontwikkeld. Zo van, ik zal eens laten zien wat ik allemaal kan. Dat is ook wat mijn vader mij vroeger inpeperde: wil je iets bereiken in het leven, dan zul je er hard voor moeten werken. En dat deed ik. Op school was ik een ijverige leerling, daarna een serieuze student en weer later, als arts in opleiding, was ik meer wel aan het werk dan niet. Toch een beetje een soort opboksen tegen vooroordelen, denk ik. Ondertussen heb ik wel bewezen wie ik ben en wat ik waard ben. Ik heb een prachtige baan, een heerlijk gezin en een fijne vriendenkring. Waarom grijpen die discriminerende opmerkingen op het werk me dan toch nog steeds zo aan? Waarom kan ik die niet van me af laten glijden?

Kan ik de dokter spreken?

Hoe vaak gebeurt het wel niet dat ik aan het bed van een patiënt sta, me duidelijk voorstel als dokter en het behandelplan uitleg, en dat de patiënt vervolgens doodleuk vraagt ‘oké, maar kan ik dan nu de dokter spreken?’. Het enige wat ik op zo’n moment kan uitbrengen is ‘die staat voor u’. Nee, ik ga dan niet moeilijk doen, want wat heeft dat voor zin? Maar, dat neemt niet weg dat ik er soms moedeloos van word. En dan zijn er nog die keren dat ik in mijn artsenpak uit de wc kom en dat mensen mij verwarren met een schoonmaker en vragen of de wc schoon is.

Grove belediging

Het komt wel eens voor – niet heel vaak gelukkig – dat mensen weigeren om door mij geholpen te worden. Puur op basis van mijn allochtone uiterlijk – en misschien ook wel door mijn vrouw-zijn. Dat heeft dus niets te maken met mijn deskundigheid, visie, of een verondersteld gebrek daaraan, maar des te meer met mijn wezen, met wie ik ben. En dat voelt als een grove, persoonlijke belediging. Enorm kwetsend, maar eigenlijk reageer ik dan heel onderkoeld. Zelfs met collega’s praat ik daar niet over. Het lijkt dus alsof het mij niets doet, maar van binnen doet het pijn – en nee, daar heb ik de juiste bestrijding nog niet voor gevonden."

Beeld: iStock

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden