null Beeld

Claudia de Breij: “We waren thuis niet joods, geen verzetshelden. We waren gewoon betrokken”

Claudia de Breij is cabaretière en schrijfster. Vrijheid en democratie zijn terugkerende thema’s in haar werk.

Claudia: "Als iets 75 jaar geleden is, denken we: dat is zó lang geleden, als we die herinneringen nou maar levend kunnen houden. Straks weet niemand meer wat er is gebeurd. Dan herhalen we onze fouten misschien.

Ik ben opgevoed met herdenken. Wij waren thuis niks van geloof, maar de dodenherdenking was heilig. Bevrijdingsdag ook. We waren ook niks van de oorlog. Geen joden, geen verzetshelden, geen NSB’ers in onze familie. We waren gewoon betrokken. Mijn ouders voedden mijn broer en mij op met een sterk besef van goed en fout en alle nuances daartussenin. De Tweede Wereldoorlog was daarin de belangrijkste metafoor, maar dat lag niet zozeer aan hen; opgroeien in de jaren 80 betekende heel veel kinderboeken over de oorlog. Ik heb ervan genoten. Meegeleefd met Jan Terlouws Oorlogswinter, gedweept met Anne Frank.

Al dat herdenken heeft ervoor gezorgd dat ik niet blind durf te vertrouwen op het ‘Dit nooit weer’ uit mijn jeugd. Ik zie de kleine stapjes gezet worden, wereldwijd. Kleine stapjes die van een verzwakte rechtsstaat via een uitgeholde democratie kunnen leiden tot een dictatuur, of erger. Als ik zeg ‘of erger’ dan bedoel ik: genocide. Als u dat hysterisch vindt, slaapt u vast beter dan ik.

102.000 Nederlandse Joden zijn ruim 75 jaar geleden vermoord. Hun hellereis begon meestal in Westerbork. Iedere 5 jaar worden daarom op die plek de 102.000 namen van al die mensen voorgelezen. Allemaal. Verdeeld over een paar dagen en nachten zijn steeds verschillende mensen een minuut of 10 aan het voorlezen. Rond de 150 namen kun je in die minuten kwijt, dan neemt de volgende het van je over. Dit jaar mocht ik ook voorlezen. Een vriendelijke vrijwilliger instrueerde me: “Je gaat straks daar staan, dan lees je de namen. Die rollen op het scherm voorbij, net als bij karaoke. Maar dan zonder zo’n bolletje. De naam kleurt mee, probeer die timing bij te houden, dan ga je niet te snel en niet te langzaam. Succes!” Voor mij las een mevrouw met een Amerikaans accent namen voor. We waren bij de C. David Cracau, 37 jaar. Engeltje Cracau-Frank, 63 jaar. Levie Credo, 45 jaar. Er waren eindeloos veel variaties. Ze las steeds de naam en dan de leeftijd. Ze was oud, deze dame. Veel ouder dan ik. Ze was misschien wel speciaal overgevlogen om de namen van haar vader, haar moeder, haar familie te lezen.

Ik was aan de beurt en las, zo professioneel mogelijk, ‘mijn’ namen. Niet verspreken, niet verspreken. Philipp Walter Cremer, 22 jaar. Israel van Crefeld, 38 jaar. Mirjam Hanna van Crefeld, 10 maanden. 10 maanden. Zoals een geur dat kan doen, rukte het noemen van die leeftijd me in een ander bewustzijnsniveau. 10 maanden. Ik weet precies hoe dat voelt, een kind van 10 maanden. Hoe zwaar dat weegt en dat het nog net lekker met 1 arm, leunend op je heup te dragen is. 10 maanden. Ik krijg tranen in mijn ogen. Dat is niet waarvoor ik hier sta. Die mevrouw voor mij, die mensen na mij, díe hebben verdriet. Ik mag hier niet gaan staan janken. Niet meer nadenken over 10 maanden. Woorden nu, letters, getallen, concentratie.

Ik redde het nét. “Je had het even te kwaad, hè?” zei mijn vrijwilliger. “‘Het gebeurt ze allemaal een keer. Allemaal. En altijd bij de jongsten.” Ik kreeg een kopje koffie en een gedicht van Tsead Bruinja. Het was prachtig geweest, het was verschrikkelijk geweest, het had niets voorgesteld en het had alles betekend.

Verdwaasd liep ik naar mijn auto. Een man en een vrouw spraken me aan. “Heb jij net namen gelezen? Ben jij Joods?” Nee, zei ik. En dat we niks zijn, thuis, maar wel betrokken. De man droeg een keppeltje. “Maar u gaat namen van uw familie lezen, denk ik?” Ja, zei de man. Hij beefde, zoals je doet wanneer je uit een auto-ongeluk komt, of iets anders heel schokkends nét hebt beleefd. Wanneer je midden in een trauma zit, dan doet je lichaam dat. “Ik lees de namen van mijn familie. De jongste was 1 jaar.” De man beefde niet om het verleden, dit was actueel verdriet.

Dat iets 75 jaar geleden is, maakt het soms helemaal niet moeilijk de herinnering levend te houden.

Je vindt deze column in onze prachtige bewaarspecial Libelle 75 jaar vrijheid.

Beeld: BrunoPress

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden