null Beeld

Dagboek Maud 08: “Voor me staat een vrouw die meer weg heeft van een geestverschijning”

Nadat Koen zijn affaire heeft opgebiecht en bleek dat die andere vrouw ook nog zwanger is van hem, heeft Maud hem de deur uitgezet. Maud heeft zich nu voorgenomen de vrouw te ontmoeten met wie Koen een affaire heeft.

“Vertel het maar, waar woont ze?”

Ik sta tegenover Koen, die net is binnengekomen met een grote weekendtas. “Maud… ik weet niet of het verstandig is. Ze is nogal… instabiel.”

Ik ben niet van plan me te laten afschepen. “Dan zal ik op heel stabiele wijze een gesprek met haar aangaan.”

Het is mijn werk om mensen te kalmeren, dat zal ook wel met mijn rivale lukken. Koen laat de tas met een doffe klap op de grond vallen. Nerveus wrijft hij met zijn handen over zijn gezicht.

“Maud, ik snap dat je dit wilt doen, maar alsjeblieft… het maakt alles alleen maar gecompliceerder.”

Haat

“Ik weet niet hoe dit nog gecompliceerder kan worden.” Ik voel me opvallend rustig.

Koen wendt zijn blik af en kijkt verslagen naar de vloer. “Ik ben gekomen omdat ik dacht dat je bereid was met mij te praten. Waarom wil je met háár praten?”

“Omdat ik verwacht meer te zullen begrijpen van jou, als ik haar heb ontmoet.”

Nu pas kijkt hij me weer aan. “Dat is niet zo. Je zult me nog meer gaan haten.”

“Hoe kom jij erbij dat ik je haat?” Ik vraag het met oprechte verbazing.

Hij haalt krachteloos zijn schouders op. “Omdat ik mezelf haat.”

“Wat maakt een ontmoeting met haar daar erger aan?”

Ineens pakt hij me bij mijn armen. Ik kan de neiging om zijn handen van me los te schudden maar net onderdrukken. Ongemakkelijk blijf ik tegenover hem staan.

“Zij zal je…” Het is alsof hij de woorden niet uit kan spreken. “Zij zal je laten zien hoe erg ik ben.”

Nu maak ik me van hem los. “Het is aan mij om dat te beoordelen, Koen.”

Lot

Ik stap de steiger op. Gek eigenlijk, dat het gevaar altijd zo dichtbij was. De boot van deze vrouw ligt nog geen twintig meter van Koens boot. Onze boot. Wat ik precies van haar wil, zou ik niet eens kunnen zeggen, maar ik wil aanvoelen wie deze vrouw is. Misschien om meer zicht te hebben op de situatie en te begrijpen waarom het zover is gekomen. Koen heeft me verteld dat hij niet bij haar woont sinds ik hem eruit heb gegooid, maar bij Maarten, zijn vriend, die onlangs is gescheiden. Ik weet niet of dat waar is. De boot ziet er onbewoond uit, binnen is het donker. Ik twijfel, ik zie nergens een bel hangen om mijn komst aan te kondigen. Hoewel ik er bijna zeker van ben dat Koen haar heeft geappt en dat ze mij verwacht. Met zenuwen in mijn buik stap ik het dek op. Ik loop naar de kajuit, ook op het deurtje geen bel. Ik klop hard op het hout en zet me schrap. De boot deint op het bewegende water. De mast kraakt zacht. Het lijkt uitgestorven in de haven.

“Hallo? Is daar iemand?”, roep ik met een stem die steviger klinkt dan ik me voel. Ik bonk nog een keer op de deur. Net als ik besluit weg te gaan, zwaait de deur open. Ik schrik me rot. Voor me staat een vrouw die meer weg heeft van een geestverschijning. Uitgemergeld en bleek. Met holle ogen kijkt ze me aan.

“Jij bent Maud.”

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden