null Beeld

De Dag Nadat 14 – Ik een ongeluk kreeg met mijn e-bike

Ingrid (56): “Zondagochtend. Ik hoef er nog niet uit maar ik heb lang genoeg wakker gelegen, wat een rotnacht! Onder het gips van mijn hand begint het nu al te jeuken. Een beetje stijfjes loop ik de trap af. Ik wil douchen, dat is er gisteren niet meer van gekomen.

Met een plastic zak en wat sporttape maak ik het geheel provisorisch waterdicht. In de badkamer zie ik m’n gezicht en ik schrik me wezenloos. Wat zie ik eruit! De ene kant van mijn gezicht is blauw, mijn lip is één rauw, rafelig, bloederig geheel. En dan die afgebroken tand… Morgen meteen maar de tandarts bellen.

Weer beneden pak ik een kop thee en zucht diep. Voor de zoveelste keer vervloek ik mezelf om de haast die ik gisteren had. Ik zie mezelf weer met een noodgang door Haarlem sjezen, op weg naar mijn koor. Uit mijn tas hoor ik appjes binnenkomen waarin ongetwijfeld staat: ‘Waar blijf je nou?’ Met zo’n 25 kilometer per uur rijd ik door de Lange Veerstraat.

Omdat ik iets achter me hoor, kijk ik snel even achterom. Niets te zien. Maar als ik weer voor me kijk, fietst daar opeens een jonge moeder met een kindje voorop. Onze sturen raken elkaar en ik begin te slingeren. Ik word gelanceerd en als mijn hoofd de straatstenen raakt, hoor ik mijn tanden kraken. Ik ga rechtop zitten en zie bloed op mijn handen. Wat staat die pink raar! Zonder nadenken pak ik ’m vast en buig hem recht. Mijn hoofd! Ik tril, huil en van alle kanten komen mensen om me heen staan. Aan een van hen vraag ik of ze mijn telefoon wil pakken om iemand uit het koor te bellen dat ik een ongeluk heb gehad. Blijkbaar heeft iemand 112 gebeld, want niet veel later stopt een broeder op een ambulancemotor naast me. Hij spreekt me streng toe: of ik wil stoppen met huilen en kan vertellen wat er precies is gebeurd, anders kan hij me niet helpen.

In shock

Ik hoor mijn dochter Milou de trap afkomen. ‘Hi mam, ik maak een lekker ontbijtje voor ons.’ Terwijl we aan de keukentafel zitten, laat ze me de foto’s zien die zij en haar zus gisteren in het ziekenhuis hebben gemaakt. We hebben daar wel vier uur gezeten. We moesten telkens zo lang wachten dat we er helemaal melig van werden en een hilarische fotoserie hebben gemaakt van al mijn verwondingen. Daarna installeer ik me op de bank en beantwoord ik de appjes van de koorleden. Opnieuw voel ik de opluchting dat de moeder en haar kindje ongedeerd zijn gebleven.

Het koorlid dat gisteren met me meeging naar het ziekenhuis belt me. Ze vertelt dat ik echt in shock was, dat ik aan een stuk door kermde, huilde en trilde. Ze vraagt hoe het is met de verwondingen en ik vertel over de zwarte plek op mijn heup ter grootte van een ontbijtbord, over mijn afgebroken tand, de gebroken vinger, kapotte lip en de door mijzelf rechtgezette pink. ’s Middags komt mijn andere dochter om me verder te verzorgen. Rond een uur of drie post ik een Facebook-bericht: ‘Dit gebeurt dus als je te hard fietst, niet doen.’ Ik heb er expres een beetje jolig verhaal van gemaakt, het leven is al zwaar genoeg. De rest van de dag gaat in een waas aan me voorbij.

Die avond lig ik er vroeg in. Hoe moet ik morgen in ’s hemelsnaam werken? Nou ja, ik ga gewoon naar kantoor en zie wel wat er gebeurt. Voor de zoveelste keer draait de film zich af in mijn hoofd. Wat een geluk dat in de Lange Veerstraat geen stoep ligt. De arts vertelde dat er laatst iemand met haar e-bike was gevallen en met haar hoofd op de stoeprand was gekomen, zij had het niet overleefd. Ik heb echt een engeltje op mijn schouder gehad.”

Lees hier het vervolg van dit verhaal.

Interview: Christien Jansen. Beeld: Getty Images.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden