null Beeld

De kunst van een goed gesprek: “Vaak praten we langs elkaar heen, zonder echt te luisteren naar de ander”

We praten heel wat af, toch hebben we zelden gesprekken die daadwerkelijk tot meer begrip en verbinding leiden. Waar gaat het mis? En vooral: hoe kan het beter?

“De arts zei gisteren dat mijn moeder echt hulp nodig zal hebben als ze uit het ziekenhuis komt”, vertelt Annelies een vriendin met tranen in haar ogen. “Heb je er al aan gedacht een verpleegster in te huren? De vrouw die wij voor mijn vader hadden was heel goed”, reageert die, waarop Annelies haar verdriet voor nu maar even opzijzet.

“Hoe was jullie vakantie?” vraagt de collega van Marja de eerste dag terug op het werk. “Ontzettend leuk”, begint Marja te vertellen. “Ik wist niet dat Duitsland zo mooi was. We waren in…” Maar voordat ze haar zin kan afmaken, onderbreekt de collega haar: “Duitsland is hartstikke mooi! Ik was er vorig jaar, in het Zwarte Woud, om te wandelen. Het weer zat niet helemaal mee, toch hebben we een paar prachtige tochten kunnen maken. Jaap wilde er dit jaar weer heen, alleen wilde ik per se naar de zon”, hoort Marja de collega verplicht aan terwijl ze haar computer maar alvast aanzet.

“Waarom heb je nou alweer niet gestofzuigd”, zegt José tegen haar man als ze thuiskomt. “Ik ben net binnen”, antwoordt die vanaf de bank. “Mag ik even een paar minuten rust, ik heb een zware dag gehad.” “Ik doe het zelf wel”, zegt José en ze pakt de stofzuiger. De rest van de avond zitten ze chagrijnig zwijgend naast elkaar voor de tv.

Slechte gewoontes

Zomaar wat alledaagse gesprekken die eindigen in teleurstelling, irritatie en onbegrip. Komen ze bekend voor? Of het nu een conversatie is met een gezinslid, collega, vriendin of zomaar een willekeurig iemand: vaak praten we langs elkaar heen, zonder echt te luisteren naar wat de ander zegt. In plaats daarvan onderbreken we hem of haar, ratelen we dwars door diens verhaal heen of beginnen we over onze eigen ervaringen. “Uit onderzoek blijkt dat gemiddeld zestig procent van onze gesprekken over onszelf gaat”, zegt praktisch filosoof Elke Wiss. Ze schreef het boek Socrates op sneakers, over het stellen van de juiste vragen om tot een goed gesprek te komen. “Meer geïnteresseerd in onze eigen belevingswereld dan in het verhaal van de ander, willen we diegene overtuigen, meekrijgen of beïnvloeden en leggen we direct een relatie met ons eigen leven. Daarom zijn we meestal al bezig met wat we gaan antwoorden, zonder echt te horen wat de ander zegt, en reageren we met een advies, mening of suggestie.” Allemaal niet slecht bedoeld, maar wel met averechts effect. Want hoewel we met deze typische gespreksgewoontes vaak onze betrokkenheid willen tonen, voelt onze gesprekspartner zich waarschijnlijk niet gezien en gehoord en haakt af.

Oog voor de ander

Dat is jammer. Want een goed gesprek kan helderheid brengen, misverstanden oplossen en wijzer maken. Je leert de ander en diens ideeën en opvattingen kennen, ontdekt tegelijkertijd meer over je eigen standpunten en creëert verbinding en verdieping. Dit lukt volgens Wiss alleen door echt goed te luisteren. “Zónder eigen invulling, aannames en meningen”, legt ze uit. “Wie goed luistert is niet bezig met zijn of haar eigen gevoelens, gedachten of ervaringen, maar wil alleen het denken en de logica van de ander begrijpen.” Vanuit zo’n luisterpositie, waarin de ander centraal blijft staan, komen dan vanzelf de goede vragen voort. Let wel, dat zijn geen als vraag verkapte zinnen; persoonlijke hypotheses, opinies, stellingen of adviezen met een vraagteken erachter. Wiss: “Stel, een vriendin vertelt dat ze ruzie heeft met haar man omdat die voor de zoveelste keer zonder overleg een dure aankoop heeft gedaan. Dan kun je reageren met: ‘Je denkt er nu zeker over om bij hem weg te gaan?’ Maar die vraag gaat meer over jouzelf dan over je vriendin. Góede vragen laten oprechte nieuwsgierigheid naar de ander zien. Er zit geen hoop of verwachting in ten aanzien van het antwoord. Bijvoorbeeld: ‘Wat deed de ruzie met je? Wat dacht je? Wat voelde je?’ Hiermee geef je aan dat je dichterbij wil komen. Als je bovendien het denken in beweging wil zetten en je vriendin wil uitnodigen tot informatie geven, aanscherpen en onderzoeken, kun je verder vragen. Bijvoorbeeld met: ‘Waarom is het onacceptabel dat hij zonder overleg dingen koopt?’, ‘Hoe denken jullie beiden over geld?’, ‘Vind je dat je uitgaven altijd moet overleggen?’”

Verwondering

Toch biedt alleen goed luisteren nog geen garantie voor een goed gesprek. Ook belangrijk is een gezonde portie verwondering. Dat betekent: niet direct labelen, oordelen of in een hokje plaatsen als een verre neef op een verjaardag roept dat corona een geschenk uit de hemel is, omdat we nu in een klap van alle zwakkeren en ouderen zijn verlost. Wiss: “In plaats daarvan kun je jezelf afvragen: Waarom zegt hij dit? Welke gedachten heeft hij bij zo’n opmerking? Wat levert het hem op? Je moet daarvoor je eigen oordelen, ervaringen en meningen even opzijzetten, en oprecht openstaan voor wat er in de ander omgaat, je voortdurend realiserend dat je dat eigenlijk helemaal niet weet.” Daar komen soms frustratie en irritatie bij kijken. Bij onszelf, omdat we het liefst meteen in discussie gaan als iemand zoiets extreems zegt. Maar ook bij de ander, als we vragen waarom hij vindt dat we beter af zijn zonder ouderen en zwakkeren. Want misschien ontstaat er vervolgens een ongemakkelijke situatie, of voelt hij zich in verlegenheid gebracht. “Je kunt je gesprekspartner aan het wankelen brengen, uitdagen of verrassen,” stelt Wiss, “en mogelijk krijg je dan het deksel op je neus. Wat dat betreft vraagt deze houding moed en kwetsbaarheid. Maar voor hetzelfde geld leg je de basis voor een mooi, waarachtig gesprek.”

Bruggen bouwen

Je eigen reactie in de ijskast zetten betekent overigens niet dat je het met de ander eens bent. Wiss vergelijkt een goed gesprek met een brug bouwen. “Die is zo stevig als de oevers aan beide kanten. Daarom investeer je eerst in het uitpluizen van hoe de ander denkt. Wanneer die oever stevig staat, kun je de ander uitnodigen om jouw kant van het verhaal aan te horen en te onderzoeken. Bijvoorbeeld door te zeggen: “Zal ik je vertellen hoe ik het zie?” Een grondige aanpak, die tijd, aandacht, concentratie en discipline vergt. En laten we daar in onze snelle, moderne tijd nu juist vaak gebrek aan hebben. Toch is het de moeite van het opbrengen waard: “Want uiteindelijk leidt een gehaast gesprek nergens toe, terwijl een goede dialoog diepgang, helderheid en effectieve oplossingen oplevert”, aldus Wiss.

Hoe anders zou het zijn gegaan als de vriendin van Annelies haar met aandacht had aangehoord, Marja haar collega’s rustig over haar leuke vakantie had kunnen vertellen en José haar man had gevraagd wat zijn dag zo zwaar had gemaakt. Dan hadden ze waarschijnlijk alle drie het fijne gesprek gehad dat we uiteindelijk allemaal het liefst voeren.

Vragen aan jezelf

Zodra we weten wat onze eigen gespreksgewoontes zijn, kunnen we die veranderen om tot betere conversaties te komen. Denk eens na over de volgende vragen:

  • Onderbreek ik de ander om mijn eigen verhaal te vertellen?
  • Stel ik vragen die in me opkomen soms niet? Waarom?
  • Hoe reageer ik als iemand iets wat ik zeg ter discussie stelt?
  • Ben ik tijdens een gesprek in mijn hoofd vaak ergens anders?
  • Wat voor gedachten heb ik als ik naar de ander luister? Heb ik een oordeel over wat hij of zij zegt? Denk ik al aan wat ik wil antwoorden?

Tips:

Mag ik?

Vind je het lastig om de ander uit te nodigen om ideeën, gedachten en gevoelens te delen? Wat helpt is een inleiding creëren en eerst toestemming vragen. Bijvoorbeeld: “Er komt iets in me op, maar ik twijfel of ik het zal delen, want ik vind het een beetje spannend. Vind je het goed als ik het bij je neerleg?” De ander snapt nu dat er een potentiële uitdaging op komst is en kan ervoor kiezen die aan te gaan. Door ‘ja’ te antwoorden, gaat hij of zij akkoord met het voeren van een gesprek en neemt daar mede de verantwoordelijkheid voor.

Van bovenaf

Soms loopt een gesprek vast. In zo’n geval kan het helpen boven het gesprek te gaan zweven. Registreer hoe jullie erbij zitten, hoe de sfeer van het contact is en let ook op non-verbale communicatie. Benoem die observaties. Zeg bijvoorbeeld: “Het valt me op dat je de antwoorden op mijn vragen steeds begint met ‘ja maar’. Wat betekent dat?” Of: “Ik zie dat je steeds wegkijkt als ik aan het woord bent. Wat gaat er dan in je om?”

Tekst: Carlijn Simons. Beeld: iStock

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden