null Beeld

Drie moeders vertellen over hun criminele kind: “Gelukkig zijn er nooit doden gevallen”

Nooit hadden Daphne, Lisa en Mathilda kunnen denken dat ze op een dag 
hun zoons zouden opzoeken in de gevangenis. Maar dat gebeurde wel. Ze werden opgepakt voor gewapende overvallen, handel in harddrugs en zware mishandeling. "Ik ben zo bang dat hij het op een dag niet overleeft."

Mitchell (21) heeft een laag IQ en is al regelmatig veroordeeld voor inbraken, mishandeling en rijden onder invloed. Zijn moeder Mathilda (48): “Als iemand zegt: ‘Kom, we gaan een bank beroven’, antwoordt hij waarschijnlijk: ‘Dat is goed’.

“Wat heeft hij niet op zijn geweten? Eén keer sloeg Mitchell een man echt het ziekenhuis in. Het had niet veel gescheeld of het was fataal geweest. Ook is hij ooit onder invloed in een auto gestapt – hij kan helemaal niet rijden, heeft niet eens een rijbewijs – vervolgens twee paaltjes geramd en is tegen een lantaarnpaal tot stilstand gekomen. Gelukkig raakte hij daarbij niemand. De auto was total loss, hij is uitgestapt en weggerend.

Dat hebben omstanders gefilmd. De politie had hem zo gevonden en toen heeft hij ook nog met agenten gevochten. Ik ben zó blij dat er nooit doden zijn gevallen. Voor deze zaken en nog wat dingetjes is hij veroordeeld tot twee maanden cel.

Die straf heeft hij, amper achttien jaar oud, in een gevangenis voor volwassenen uitgezeten. Dát heeft zijn ogen geopend. Hij was daar echt bang voor zijn medegevangenen. Als ik op bezoek kwam, zag ik de angst in zijn ogen, hij zei: ‘Mama, dit wil ik echt nooit meer.’ Ondanks alles was hij nog altijd geïnteresseerd in mij en zijn twee broers, vroeg hij hoe het met ons ging. Hartverwarmend en hartverscheurend tegelijk.”

Onhandelbaar

“Het was niet de eerste keer dat Mitchell vastzat. Er gingen al veel rechtszaken en jeugdinstellingen aan vooraf. Inbraak, diefstal en vernielingen… ik heb geen idee hoeveel zittingen ik al bijwoonde. Het begon in groep 8. Hij was pas elf jaar toen hij werd gepakt voor een poging tot inbraak. Op de middelbare school werd het steeds extremer. Hij zat op een speciale school waar ze wilden uitzoeken wat er met hem aan de hand was, maar al na drie maanden was hij daar niet meer welkom. Vechtpartijen, agressie, hij was onhandelbaar. Thuis viel het nog wel mee. Mij heeft hij nooit wat gedaan. Ik sta er alleen voor, ben gescheiden toen onze drie zoons nog heel jong waren. Alles probeerde ik om hem op de rit te houden: huisarrest, straf, praten. Niets hielp. Zijn broers waren soms wel bang voor hem. Ik nooit, mij deed hij niets. Hij heeft diep respect voor mij. En we hebben ondanks alles wat er gebeurde, altijd een liefdevolle band gehouden. Maar steeds vaker werd ik op mijn werk gebeld door de politie of de buren. Dan moest ik direct naar huis komen omdat er weer van alles aan de hand was.”

“Gelukkig zijn 
er nooit doden 
gevallen”

Gesloten inrichting

“Mitchell heeft een laag IQ. Als iemand zegt: ‘Kom, we gaan een bank beroven’, antwoordt hij waarschijnlijk: ‘Ja, dat is goed’. Hij is heel impulsief en snel agressief. Eén keer heb ik iets voor mijn ogen zien gebeuren. Hij liep vlak voor me, werd getriggerd door iemand en viel die ander aan. Er waren vier mannen nodig om hem te overmeesteren, echt afschuwelijk.

Op een gegeven moment ging hij drank en drugs gebruiken en liep hij rond met een nepwapen op zak. Dat zagen ze op school. De politie zei: ‘Voor hetzelfde geld hadden we op hem geschoten als we dat onverwacht hadden gezien’. Ik voelde me machteloos en ben naar de rechtbank gegaan om te vragen of Mitchell in een gesloten jeugd-instelling geplaatst kon worden. Dat leek mij de enige manier om hem van de drugs af te krijgen, want mij lukte het niet. De rechter ging akkoord en daarop zat Mitchell zes maanden in een gesloten inrichting. Toen hij thuiskwam was hij van de drugs af, maar ging hij toch weer snel de fout in.”

Vrijgesproken

“Gelukkig is het nu al een paar jaar rustig. Mitchell heeft een baan, gebruikt geen drugs en neemt geen risico’s meer met drank. De laatste keer dat hij voor de rechter moest verschijnen was in 2017. Hij was opgepakt in Rotterdam, bij de rellen rond Feyenoord. Drie dagen zat hij vast, maar hij had echt niks gedaan en is ook vrijgesproken. Hij valt nu nog onder de jeugdreclassering, zit in therapie en het gaat heel goed. Hij heeft veel berouw over wat hij in het verleden mensen aandeed. Ik denk dat hij in de gevangenis het licht heeft gezien.”

De zoon van Lisa dealt drugs

Lisa (54) zag haar zoon Max (20) veranderen van rustige havoleerling in een drugsgebruiker en dealer. Het begon met wiet, ze vermoedt dat hij nu (ook) handelt in coke. “Ik vrees dat hij niet meer kan stoppen, hij zit er te diep in.”

“Als ik sirenes hoor of een helikopter van de politie zie vliegen, slaat mijn hart over van schrik. Ik probeer het los te laten, mijn eigen leven te leiden maar ik ben ontzettend bang dat het een keer echt fout gaat. Een vriend van mijn zoon Max raakte ooit ernstig gewond bij een steekpartij vanwege een drugsroof. Max zelf wist te ontsnappen. Het is een gevaarlijke wereld waarin hij zich bevindt, maar hij waant zich onaantastbaar.

Het begon met het gebruik van wiet en later ging hij er ook in handelen. Inmiddels is hij ‘opgeklommen’ tot coke-dealer, althans dat vermoed ik, dat weet ik niet zeker. Snel geld verdienen, op z’n dertigste binnen zijn, dat is zijn motivatie. Telkens belooft hij: ‘Nog even, dan stop ik.’ Maar dat gebeurt niet. Ik vrees dat dat niet meer kan, hij zit er te diep in. Hij heeft nu tijdelijk een woning. Als ik daar ben om samen te eten – uiteraard moet ik dan koken – wordt hij altijd minstens vijf keer weggeroepen. Hij heeft vier telefoons, krijgt constant berichten.

Ik zit met een enorm schuldgevoel. Ook schaam ik me en vraag ik me af: wat heb ik fout gedaan? Waarom heb ik het niet op tijd gezien? Komt het door de scheiding? Gaf het co-ouderschap hem ruimte om tegen ons allebei te liegen? Ik zou zo graag trots op hem willen zijn.”

“Mensen riepen: ‘Ik had hem al op straat gezet’. Ja, tot het 
je zelf overkomt”

Neppistool

“Toen ik voor de eerste keer iets ontdekte, was Max een jaar of vijftien. Ik vond zakjes wiet in zijn jaszak. Daar heb ik hem op aangesproken. Zonder succes, want niet veel later vond ik grote hoeveelheden wiet, enorm veel contant geld, een neppistool en een mes in zijn kamer. We schakelden de huisarts in, smeekten, dreigden – niets hielp. Het ging van kwaad tot erger. Er kwamen allerlei rare figuren aan de deur. Ik vond het moeilijk grenzen te stellen. Het is heel makkelijk om van een afstandje te zeggen wat je moet doen. Veel mensen riepen: ‘Ik had hem al op straat gezet’. Ja, tot het je zelf overkomt. Gelukkig waren er ook goede vrienden, vriendinnen en familieleden die wel begrip hadden.”

Liegen en bedriegen

“De eerste keer dat Max werd gepakt voor handel in wiet, zat hij drie dagen vast op het politiebureau. Pas een jaar later kwam de zaak voor. Hij werd veroordeeld tot een taakstraf van 120 uur en een geldboete. Ondertussen moest hij van mij in behandeling. Hij ging naar therapie en cursussen om te kunnen stoppen met dealen, maar het hielp niet. Duizenden keren heb ik gezegd dat ik die zooi niet in huis wilde hebben, dat ik het liegen en bedriegen niet meer trok. Dan was hij weer even mijn lieve mannetje en knuffelde hij me, maar vervolgens ging hij gewoon door. Soms was hij agressief, liep hij te dreigen en te stampen. Ik denk dat hij meer van geld houdt dan van mij. Uiteindelijk heb ik hem een ultimatum gesteld: stop of je moet hier weg. Er veranderde niks en ik moest hem wel de deur uitzetten. Het kon niet anders, ik ging er kapot aan.”

Gevangenisstraf

“Vrij snel daarna werd Max gepakt met een enorme hoeveelheid drugs in een grote sporttas. Hij had alles bij zich omdat hij geen kamer meer had en noodgedwongen bij verschillende vrienden logeerde. Het voelde alsof het mijn schuld was. Hij kreeg er drie maanden gevangenisstraf voor. In die tijd kreeg ik veel steun van Gevangenenzorg Nederland. Zij luisterden naar me en dachten mee over praktische zaken. In totaal ben ik vier keer bij Max op bezoek geweest in de gevangenis. De eerste keer voelde ik me totaal ontredderd. Ik wist niet hoe het werkte, had geen euromunt bij me om mijn spullen in een locker te kunnen doen – van die dingen. Vervolgens zit je dan, onder bewaking aan tafel met je eigen kind. Hij zei: ‘Mama niet huilen, het gaat goed. Ik zit hier best.’ Hij vindt het heel erg dat ik eronder lijd. Gelukkig heeft hij nog wel gevoel. Ik blijf hopen dat het goed zal komen.”

De betrokkenen in dit verhaal heten in het echt anders.

null Beeld

Daphnes zoon pleegde een gewapende overval

Midden in de nacht stond de politie voor de deur: Pim (17), de zoon van Daphne (48), zat in de cel omdat hij betrokken was bij een gewapende overval. Naast ongeloof was er ook schaamte bij Daphne. “Overdag durfde ik de straat niet op.”

“Begrijp me niet verkeerd. Ik praat niet goed wat hij heeft gedaan. Maar toen ik die nacht na lang zeuren heel eventjes bij hem in de cel mocht en hij zei: ‘Oh mam, wat heb ik gedaan?’, brak mijn moederhart. Hij had het zo koud in die cel, ik vond het toch ook zielig voor hem.

Ik wist niet wat ik hoorde. Een gewapende overval? Pim? Onbegrijpelijk. Hij was zeventien, zat in zijn eindexamenjaar op het vmbo. Nooit eerder in aanraking geweest met de politie. We hebben nooit problemen met hem gehad, ook niet met zijn broer. We zijn gewoon een fijn gezin, hebben alles goed voor elkaar. Mijn man en ik zijn binnenkort 25 jaar getrouwd. Pim ging goed op school, speelde voetbal, had een bijbaantje en… verkeerde vrienden.

Met z’n drieën belden ze aan bij een woning hier in de wijk, en een van hen zou de bewoner met een mes hebben bedreigd om geld te krijgen. Meteen daarna kwamen ze nog bij ons thuis. Ze deden erg druk, maar ik zocht er niks achter. Toen de politie ’s nachts Pim’s kamer doorzocht, zag ik meteen dat die overval echt had plaatsgevonden. De agenten vonden een tasje met een mes erin en natte kleding. De jongens bleken op de vlucht door een diepe plas te zijn gegaan.”

“Pim is een lieve 
jongen, maar had verkeerde vrienden”

Lieve jongen

“Pim zat eerst drie dagen vast op het politiebureau. Daarna is hij overgebracht naar een jeugdgevangenis aan de andere kant van het land. Daar heeft hij wel een week of vier gezeten. Om de dag ging ik op bezoek. Ik wilde hem per se zien, even aanraken. Hij werd stiller en stiller, witter en witter, viel af. Hij is echt een lieve jongen, eentje die van gezelligheid houdt, die vraagt: ‘Mam, zal ik een kopje koffie voor je maken?’. Ik was niet boos op hem, maar ik was wel verdrietig en totaal verbouwereerd. Mijn man was verslagen, vol ongeloof. Natuurlijk vroegen we aan Pim: ‘Waarom?’ Daar kon hij eigenlijk geen antwoord op geven. Zelf zoek ik een verklaring bij al die filmpjes die ze op YouTube bekijken. Daarop zijn jongens te zien die hun grenzen verleggen, die van alles uitproberen om te kijken hoever ze kunnen gaan. Zoiets was het misschien.

Uiteindelijk mocht ik hem ophalen en kreeg hij een enkelband om. Die moest hij nog maandenlang dragen. Vreselijk. Pas een jaar na de overval kwam de zaak voor de rechter. Hij is schuldig bevonden en naast het voor-arrest veroordeeld tot zestig uur taakstraf, met drie maanden voorwaardelijk. Ook kreeg hij een proeftijd van twee jaar en moest hij schadevergoeding betalen aan het slachtoffer.”

Gestolen scooter

“Ondertussen was er van mij niet veel meer over. Op een gegeven moment woog ik nog amper 45 kilo. Ik was er gewoon ziek van, misselijk, niet in staat te eten. Toen Pim vastzat, kon ik amper slapen en stond ik regelmatig ’s nachts in zijn kamer om te zien of het echt waar was dat hij er niet lag. Het was een hel. Overdag durfde ik de straat niet op. Niet naar de supermarkt, niet naar het voetbalveld om te kijken naar het team van mijn man of mijn andere zoon. Ik schaamde me kapot. De honden deed ik in de auto en dan reed ik naar afgelegen natuurgebieden om lange wandelingen te maken. Verder kwam ik bijna nergens.

Het is nu anderhalf jaar geleden en inmiddels gaat het wel beter met me, maar ik vind het nog steeds doodeng als Pim ’s avonds weggaat. Vooral omdat er nog een keer iets is gebeurd: hij is aangehouden omdat hij op een gestolen scooter reed. Hij had hem niet gestolen, maar toch... Zat-ie wéér vast. Dit keer stortte hij zelf in: huilen, huilen. Toen viel eindelijk het kwartje bij hem. Sindsdien is er rust, doet hij niks raars meer. Ik hoop van harte dat dat zo blijft en daar heb ik ook vertrouwen in.”

Interview: Angela Jans. Fotografie: Petronellanitta


Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden