Loslaten

Esther (45): “Mijn verstandelijk gehandicapte kind hoort niet op z’n 14e uit huis te gaan”

Loslaten wat moet Beeld Unsplash
Loslaten wat moetBeeld Unsplash

Tom, de zoon van Esther, heeft autisme en een verstandelijke beperking. Thuis wonen ging niet meer en Esther en haar man moesten de moeilijke beslissing nemen Tom ergens anders te laten wonen. “Het liefst wil ik hem voor altijd bij me houden, ik begrijp hem het beste.”

“Stel dat ik helemaal alleen met Tom zou zijn, dan zou ik hem alles geven, alles voor hem doen en altijd voor hem zorgen. Het zou geen gezonde situatie zijn. Ik heb een gezin, een dochter die aandacht verdient en ik heb zelf ook een leven. Natuurlijk gonst het door ons hoofd: ‘Is het echt nodig dat hij in een gezinsvervangende woonvoorziening gaat wonen?’ Maar we weten dat het een goede stap is. Ook dít is zorgen voor ons kind.”

Anders dan andere kinderen

“Tom is gezond geboren, maar toen hij ouder werd voelden we dat er iets niet klopte. Hij was ons eerste kindje, dus we hadden geen vergelijkingsmateriaal, maar hij was wat traag en in zichzelf gekeerd. Op het consultatiebureau zeiden ze: ‘Joh, dat komt wel goed, sommige kinderen zijn nou eenmaal wat langzamer.’ Toen Tom naar de peuterspeelzaal ging, werd ons gevoel bevestigd. De juf vond hem anders dan de andere kinderen. Hij maakte geen oogcontact en wilde niet in de kring zitten. Toen zijn we naar de huisarts gegaan en ging het heel snel. Op zijn derde kreeg hij de diagnose ‘klassiek autisme en een ontwikkelingsachterstand.’”

“Natuurlijk is zo’n diagnose heftig. Op dat moment weet je dat je leven totaal anders wordt dan je had gedacht. Tegelijkertijd gaf het ook een bepaalde ruimte: we hadden gelijk, er was iets mis. We konden om hulp vragen. Hulp die we nodig hadden, want ons kind is anders en we wisten niet hoe we hem het beste konden helpen.”

null Beeld Eigen beeld
Beeld Eigen beeld

Fulltime toezicht nodig

“Tom is uitgegroeid tot een beer van een vent, maar in zijn gedrag is hij nog een peuter. Hij praat bijna niet, op een paar vaste zinnetjes na. Hij kan aangeven wat hij graag wil doen, ‘stukje autorijden’, en wat hij lekker vindt om te eten en te drinken. Het kan zomaar zijn dat ik aan het eind van een dag besef dat hij nog niets heeft gezegd. Wel maakt hij dan geluid hoor, dus ik hoor hem, maar adequaat praten doet hij heel weinig. Tom is in alles afhankelijk van anderen en hij heeft fulltime toezicht nodig.”

Gestopt met werken

“Wat heel zwaar is, is dat hij vanaf zijn derde een extreme vorm van slaapproblematiek had. De helft van alle nachten werd hij om half twee wakker en was dan ook echt klaarwakker. Ik kon hem dan niet in zijn bed houden, anders ging hij herrie maken. Om het rustig te houden voor de rest van het gezin en de buren, nam ik hem dan mee naar beneden. Dat jarenlange gebrek aan nachtrust was slopend. Overdag ging hij wel naar school zodat ik enigszins kon bijkomen, maar werken was voor mij al snel van de baan. Al sinds 2010 werk ik niet meer en zorg ik volledig voor Tom. Gelukkig slaapt hij sinds een paar jaar wel beter.”

Het moment van loslaten

“En nu is hij sinds een paar dagen het huis uit. Dat is niet zoals we het ooit hadden bedacht toen we onze eerste kregen. Een kind hoort niet op z’n veertiende uit huis te gaan. Mensen om ons heen vroegen zich al veel eerder af of dit nog een goede situatie was. We hebben altijd gezegd dat hij het huis uitgaat op een moment dat het voor óns goed voelt. Echt goed voelen kan het nooit, maar dat moment was nu. Nu kunnen we loslaten wat we los moeten laten.”

Ik ken hem het beste

“We doen wat ons hart en ons verstand ons ingeeft, maar natuurlijk is er altijd die twijfel. Is hij niet veel gelukkiger als hij bij ons is? Al jaren leven we als gezin in een heel vaste structuur. Eentje waarin we meebewegen met Tom, om te zorgen dat het zo rustig mogelijk is in huis en hij zo min mogelijk boze buien krijgt. Hij is kwetsbaar. Omdat hij niet goed kan praten, kan hij gewoon niet vertellen wat hij nodig heeft. Daarvoor moet je hem kennen en ik ken hem beter dan wie dan ook. Als hij een woordje zegt of op een bepaalde manier kijkt, weet ik wat hij bedoelt.”

Brok in mijn keel

“Toen we thuiskwamen nadat we Tom hadden weggebracht naar zijn nieuwe woning was het raar, heel stil. Jarenlang was er die structuur, het constante vooruitdenken. Nu ineens kan ik dat loslaten. Dat is prettig, maar ook moeilijk. Ik kan lastig uitleggen hoe ik me voel. Het gaat goed met Tom, maar ik heb continu een soort krampachtig, nerveus en leeg gevoel. Al die jaren zorgde ik fulltime voor hem. Mensen vragen wat ik nu ga doen. Ik werkte als verpleegkundige, maar weet niet of ik de energie terugkrijg om dat weer op te pakken. Ik ben uitgeput en loop de hele tijd met een brok in mijn keel. Ik moet eerst uitrusten, tijd nemen, herontdekken wie ik ben.”

Hopen en bidden

“Nu ben ik vooral nog de moeder van Tom. Ik vind het moeilijk om dingen uit handen te geven. Ik kan niets anders doen dan hopen en bidden dat hij gelukkig is. Dat ze goed voor hem zorgen en weten wat hij nodig heeft. Ik heb veel over hem verteld, maar dan nog. Het duurt wel even voordat ze hem echt kennen en een band met hem hebben.”

De beste berichten van Libelle in je mailbox ontvangen? Meld je nu aan voor de nieuwsbrief!

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden