Heleen (37) viel 35 kilo af, maar weegt nu meer dan ooit: “Op m’n slankst was ik diep ongelukkig” Beeld Getty Images/iStockphoto
Heleen (37) viel 35 kilo af, maar weegt nu meer dan ooit: “Op m’n slankst was ik diep ongelukkig”Beeld Getty Images/iStockphoto

PREMIUM

Heleen (37) viel 35 kilo af, maar weegt nu meer dan daarvoor: “Op m’n slankst was ik diep ongelukkig”

Toen Heleen door een streng dieet tientallen kilo’s verloor, vond iedereen dat ze er fántastisch uitzag. Maar zo voelde ze zich niet. “Ik hoopte dat mijn relatie beter zou worden als ik slanker werd.”

Sanne Eva DijkstraGetty Images/iStockphoto

“Ik was negen toen de schoolarts zei dat ik te zwaar was. Hoeveel ik woog, weet ik niet meer, maar wel dat ik niet veel zwaarder was dan mijn klasgenootjes. En als ik naar foto’s uit die tijd kijk, denk ik: dat valt toch wel mee? Maar goed, die arts vond van niet, ik moest direct op dieet. Ik heb mijn moeder later weleens gevraagd waarom ze daarin meeging – ik was nog zo jong en in de groei – maar dertig jaar geleden twijfelde je niet aan het advies van een dokter. Bovendien was mijn moeder zelf erg onzeker en bezig met wat anderen dachten, dus zij deed ook maar gewoon wat de arts zei dat ze moest doen.

Ben ik niet goed genoeg?

Elke dag kreeg ik te horen: ‘Dit mag je niet, dat mag je niet.’ Als mijn broertje een snoepje of koekje kreeg, mocht ik niets. Daardoor was ik ineens heel erg bezig met hoe ik eruitzag. Ik was een gevoelig kind en de nadruk op mijn gewicht maakte veel indruk op me. Ik dacht: blijkbaar ben ik niet goed genoeg zoals ik nu ben, dus ik moet veranderen. Mijn zelfvertrouwen brokkelde steeds verder af.

Toen ik naar de middelbare school ging, waren de meisjes in mijn klas erg bezig met afvallen en slank zijn. Ik zat als veertienjarige op judo en mocht vooral niet zwaarder worden, anders moest ik naar een andere gewichtsklasse. In die tijd was het appeldieet populair. Ik at per dag twee appels en werd een meester in het doen alsof ik normaal at, terwijl ik amper iets binnenkreeg. Gaf mijn moeder boterhammen mee, dan gooide ik ze op weg naar school in de prullenbak. En at ik toch eens chocola of snoep, dan voelde me daarover vreselijk schuldig.

Ik ging weer gewoon eten

Het gekke was: hoewel ik op de meeste dagen nauwelijks at, viel ik niet af. Maar ook in die tijd was ik hooguit mollig, en door judo vrij atletisch. Toen ik daar rond mijn achttiende mee stopte, voelde ik minder druk om op gewicht te blijven of af te vallen. Ik ging weer gewoon eten en kwam binnen een paar jaar heel veel aan. Terwijl ik een prima eetpatroon had, met drie maaltijden per dag en slechts af en toe een tussendoortje. Toch woog ik toen ik een jaar of drieëntwintig was 109 kilo. Bij een lengte van 1.73 meter wel echt veel te zwaar, maar ik zag er nog steeds niet moddervet uit.

Een ongezonde relatie

Op mijn zesentwintigste ging ik weer streng op dieet. Mijn toenmalige partner tikte regelmatig op mijn buik en zei dan: ‘Je bent wel wat te dik.’ Op een gegeven moment hoefde hij alleen maar te tikken en dan begon ik al te huilen als een afgetrainde hond. Het was geen gezonde relatie, maar ik hoopte dat het beter zou worden als ik slanker werd. Ook in andere situaties werd ik soms geconfronteerd met mijn gewicht. Ik zal nooit vergeten dat ik met een dunne collega naar een beurs ging, waar we afspraken moesten zien te bemachtigen met potentiële klanten. Dat lukte mij niet. ‘Toch jammer dat mensen jou op je omvang afwijzen’, beet ze me toe. Dat hakte erin.

Kotsmisselijk en rillerig

In die tijd las ik in een tijdschrift over een eiwitdieet. Een journaliste was daarmee veel afgevallen, dus dat wilde ik wel proberen. Mijn dagelijkse menu bestond uit omeletten en shakes gemaakt van zakjes eiwitpoeder, heel vies. Fruit was uit den boze en zelfs de meeste groenten mochten niet. Ik was voortdurend kotsmisselijk en rillerig, maar het werkte wél. In een jaar tijd viel ik 35 kilo af. Maar ik voelde me niet goed. Mijn dieet was een wedstrijd, ik móest elke week weer wat lichter zijn van mezelf, heel stressvol. Nu zie ik in dat ik het om de verkeerde redenen deed. Dat dieet volgde ik alleen maar omdat ik dacht dat het van mij werd verwacht, en ik hoopte dan wel te worden geaccepteerd.

Slank zijn leek het enige dat telde

Omdat ik wel wat meer zelfvertrouwen kreeg, begon ik in te zien dat mijn partner me kleineerde. Die relatie ging uit en ik belandde in een depressie. Toch hoorde ik voortdurend: ‘Je ziet er zo gewéldig uit.’ Dat ik diepongelukkig was, deed er blijkbaar niet toe. Zelfs de psycholoog die ik bezocht voor mijn depressie, was meer bezig met hoe ik eruitzag dan hoe ik me vanbinnen voelde. Ik was slank, of in elk geval dunner dan eerst, dat leek het enige dat telde.

Gelukkig had ik een goede vriendin die mij wél echt zag. Zij liet me inzien dat mijn obsessie met gewicht en diëten me kapotmaakte. ‘Marloes, dit is heel schadelijk, kies voor jezelf’, drukte zij me op het hart. En ik zag aan haar: je kunt ook dik én gezond zijn. Ik begon weer wat normaler te eten, overigens nog steeds amper meer dan 1500 kilocalorieën op een dag volgens een uitgebalanceerd patroon, en zat binnen drie jaar weer op mijn oude gewicht.

Gestopt met wegen

Inmiddels zijn we ruim tien jaar verder en weeg ik meer dan 110 kilo, schat ik. Exact weet ik het niet, want ik weeg mezelf niet meer. Na bijna dertig jaar van diëten en een complexe relatie met eten, wil ik er niet meer constant mee bezig zijn. Het is het niet waard. Zou ik liever dunner zijn? Ja, natuurlijk. Als ik een keer door de McDrive ga, kijken mensen naar me van: zou je dat nu wel doen? Tenminste, ik dénk dat zij dat denken. Ben je dik, dan gaan mensen er toch al snel vanuit dat je die kilo’s er zelf wel zal hebben aangegeten. Dat is niet fijn. Toch heb ik ook het idee dat de maatschappij inmiddels meer begint te accepteren dat we allemaal andere lijven hebben. Al kan het ook zijn dat ik zelf gewoon ouder en wijzer ben geworden en me daardoor minder aantrek van anderen.

Ik heb nu een partner die van me houdt zoals ik ben en laat mijn leven niet langer beheersen door diëten en afvallen. Mijn BMI is veel te hoog, maar ik ben volgens de huisarts kerngezond en wandel regelmatig lange afstanden. Dat gaat prima, ook met een zwaar lijf. Niemand kan precies uitleggen waarom ik zo zwaar ben, terwijl ik relatief weinig eet en voldoende beweeg. Een arts heeft eens gezegd dat het mogelijk komt doordat ik zo jong al moest afvallen en mijn metabolisme daardoor verstoord is. Maar of dat echt de oorzaak is, blijft gissen.

Onzekerheden projecteren op anderen

Ik heb zelf geen kinderen en ook geen kinderwens, maar vind het naar om te zien hoe sommige ouders hun eigen onzekerheden op hun kinderen projecteren. Hoor ik iemand tegen een kleuter zeggen: ‘Als je veel eet, krijg je een dikke buik hoor!’, dan moet ik me inhouden. Wat je tegen kinderen zegt, kunnen ze hun hele leven met zich meedragen, dat weet ik als geen ander.

Als ik terug kon in de tijd, dan zou ik mijn negenjarige zelf van elk dieet afhouden. Misschien had ik dan nu een minder zwaar lijf gehad. Maar goed, dat gaat niet. Dus geniet ik vooral van het leven. En ook van eten. Mijn lichaam is niet meer het thema van de dag. Ik ben vooral dankbaar dat ik een gezond lijf heb, en mensen om me heen heb die me goed vinden zoals ik ben. Er is meer in het leven dan proberen te voldoen aan een bepaald plaatje.”

De naam Heleen is om privacyredenen gefingeerd.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden