null Beeld

Hugo Borst: “Oom Ab was de levenslijn naar mijn vadertje. Die is nu weg”

Hugo Borst (57) en Iris Koppe (35) zijn beiden schrijvers, maar daar houdt de gelijkenis wel op. Toch zijn ze vrienden en gaan ze geen onderwerp uit de weg. Over oud worden, sex, politiek, corona en meer: Hugo en Iris stellen brutale vragen én geven openhartig antwoord.

I: En welke vraag heb je je oom dit jaar gesteld over je vader?

H: Daags voor zijn 102e verjaardag heb ik hem met zijn zoon en dochters, zijn kleinkinderen en achterkleinkinderen begraven.

I: Nee!

H: In een paar dagen tijd gleed-ie weg. Geboren in het jaar van de Spaanse griep, 1918. Gestorven in het jaar van corona.

I: Aan corona?

H: Er is nog een test gedaan – maar nee. Hij heeft de Spaanse griep en corona doorstaan. Heel, heel sterke man. Anders word je ook geen 101. Weet je wat zijn recept was: regelmaat. Vaste tijd opstaan, vaste tijd naar bed, gezond eten, alles met mate, en daar zat ook 1 alcoholische versnapering bij. Een toonbeeld van beschaving, mijn ome Ab.

I: Je dacht tijdens de uitvaart natuurlijk aan je vader?

H: Bij elke dode die je begraaft, herdenk je vanzelf andere doden. Dus ja. Pa kwam voorbij. Oom Ab was de levenslijn naar mijn vadertje. Die is nu weg. Het was een prachtige dienst, trouwens. In corona-tijd, dus we zaten en stonden er met zijn dertigen. Ik hoorde een geweldige anekdote over oom Ab die altijd heel verantwoord met geld is omgegaan.

I: Bedoel je zuinig of gierig?

H: Kijk, als kind maakte hij zich zorgen. Ze hadden het thuis niet breed. Aan het begin van de maand pikte hij centen uit zijn moeders portemonnee, spaarde die op en stopte ze aan het eind van de maand terug, zodat ze dan een extraatje had.

I: Ontroerend. Zo jong al verantwoordelijkheidsgevoel. Wat is-ie geworden? Controller?

H: Ja. Soort van. Boekhouder.

I: Haha. Heb jij gesproken bij zijn begrafenis?

H: Het werd me gevraagd en ik vond dat zo’n eer. Oom Ab was nuchter en pragmatisch, maar hij vermoedde dat er meer was tussen hemel en aarde. Ik heb het verhaal verteld van de mei-dagen van 1940. Mijn oma, oom Abs moeder, werd wakker van een onrustige droom. Zij had in haar slaap gezien dat haar zoon, die als soldaat was gelegerd bij de Grebbeberg, in doodsnood verkeerde. De Duitsers maakten bij het krieken van de dag jacht op hem. Zij hoorde een kogel die afketste op metaal. Het laatste beeld was een hooiberg waarin haar zoon zich had verstopt. De beelden stelden haar gerust en tegelijkertijd verontrustten ze haar. Toen mijn oom Ab na de capitulatie terugkeerde in Rotterdam vertelde hij over de stellingen buiten Renswoude waar hij de eerste oorlogsdagen een mitrailleursnest bemande. De Heinkels namen het erbarmelijk uitgeruste Nederlandse leger zwaar onder vuur. Mijn oom Ab en zijn maten raakten er niet een. Toen hij op de derde dag bij een boerderij eten ging halen, doemden er honderden Duitse infanteristen op. In paniek vluchtte hij een hooiberg in. Er werd geschoten. Het liep hem dun door de broek. Een kogel sloeg in een emmer naast de hooiberg. Uren heeft hij daar gelegen, zo stil dat een kip een ei legde op het hooi boven zijn hoofd.

I: Mooi zeg. Prachtig.

H: Hoeveel mensen heb jij eigenlijk al verloren?

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden