null Beeld

Interview met Astrid Holleeder: “Ik heb geen zielig leven, maar wel een rotleven. Ik ben alles kwijt”

Sinds haar broer vanuit de gevangenis opdracht gaf haar te vermoorden, is Astrid Holleeder 24 uur per dag op haar hoede. Het was het begin van een ondergronds leven waarin ze nooit iets gezelligs met de kleinkinderen zal kunnen doen.

Interview: José Rozenbroek.

Van Judas, Astrids eerste boek, werden ruim een half miljoen exemplaren verkocht. Nu is er een tweede boek, Dagboek van een getuige, dat gaat over de jaren nadat ze besloten heeft te getuigen tegen Willem Holleeder. Over haar leven ondergronds, maar ook over haar gevecht met Justitie, die hen weliswaar als belangrijke getuigen ziet, maar nauwelijks maatregelen treft om de veiligheid van Astrid, Sonja en Sandra te garanderen. Tot grote woede en frustratie van Astrid. Ze vertelt over de gesprekken die ze moet voeren met hoge ambtenaren om ze ervan te overtuigen hoe groot het gevaar is dat ze lopen.

Ik vond het vooral een verdrietig boek. Zo’n leven dat tot stilstand is gekomen.

”Nou, ik heb geen zielig leven, hoor. Maar het is wel een rotleven. Ik ben alles kwijt. Toen mijn dochter tegen me zei dat ze een gastouder ging inhuren om op mijn kleinkind te passen, moest ik echt vechten tegen een depressie.”

Je neemt geen antidepressiva, zoals je zus Sonja?

“Nee, ik houd niet van pilletjes. Als ik in schijnemoties moet gaan zitten, nou, dan kan ik beter dood zijn.” Ze veegt haar tranen weg. “Maar goed, ik leef nog, wie had dat gedacht? Ik heb dit boek ook geschreven voor al die mensen die de moeite hebben genomen om mijn eerste boek te lezen. Zij willen weten hoe het nu met me is. Dat verdriet heb ik een beetje van me afgeschreven. Dat zit in kleine dingen, hè. Je kleinzoon die zegt: ‘Oma, we liepen met school langs de boekwinkel en toen zag ik je boek staan. Maar ik heb niks gezegd hoor, want het is toch geheim dat jij mijn oma bent?’ Die last voor zo’n jongetje… De geschiedenis sijpelt door, van generatie naar generatie. Je wilt dat het stopt, en toch gaat het door.”

Is dat ook waarom je jeugdherinneringen ophaalt?

“Ja, ik wil laten zien wat mij gevormd heeft. Die armoede vroeger thuis, dat is een schrikbeeld. Nooit mee kunnen doen met vriendjes en vriendinnetjes, rijst met bruine suiker en boter. Nooit nieuwe kleren als het nodig was, geen nieuwe schoenen als ze te klein waren. Het was financiële armoede, maar ook sociale armoede. Er kwam nooit iemand over de vloer. Daarom kan ik dit leven ook aan, het is voor mij niet vreemd om veel alleen te zijn.”

Die opa van je, die aan je zat en je zoende in zijn schuurtje… Ze rilt.

“Alle mannen in mijn familie zijn verschrikkelijk, een ernstig gestoord zooitje. Dat heeft invloed op hoe ik met mensen omga. Ik houd liever afstand. Ik geef ook altijd een hand, nooit een zoen. Zeker mannen niet.”

Houd je niet van mannen?

“Jawel, ik heb heel mooie vriendschappen, met vrouwen én mannen. Maar relaties, dat lukt niet. Dat gaat altijd mis.”

Waarom niet?

Zacht: “Omdat ik gek ben. Beschadigd. Getekend. Het is gewoon hopeloos met mij. In een relatie word ik eerst mijn moeder en daarna mijn vader. Eerst word ik heel onderdanig, en vervolgens krijg ik zo’n bloedhekel aan mezelf dat ik wraak ga nemen.”

Probeer je het nog wel?

“Nou, als jij een wapenvergunning hebt, mag je een sollicitatiebrief schrijven.” Ze lacht. “Nee joh, in deze situatie heb ik daar geen ruimte voor.”

MEER ASTRID

Dagboek van een getuige, is hier te koop (€19,99, Lebowski Publishers).

Elke dag de beste berichten van Libelle in je mailbox? Meld je aan voor onze nieuwsbrief!

Beeld: familie Holleeder.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden