null Beeld

Jenny’s zoon was drugsdealer: “De tweede keer wilde hij zélf naar de afkickkliniek”

Het is de nachtmerrie van iedere ouder: je kind dat in de drugswereld verstrikt raakt.  Toen Jenny (63) in de kamer van haar toen vijftienjarige zoon wiet en een zakje wit poeder vond, begreep ze waarom hij zich zo vreemd gedroeg.

“Het was een doodgewone ochtend, ik poetste het huis en maakte ook de kamer van mijn jongste zoon Maarten schoon. Opeens had ik een zakje wiet en een zakje wit poeder in mijn handen. Mijn hart bonsde in mijn keel. Dus toch. Ik vroeg me al maanden af wat er met hem aan de hand was, hij deed zo raar. School vond hij ineens stom en hij was met geen stok meer naar de tennisclub te krijgen terwijl hij altijd zo fanatiek was. Zelfs zijn vrienden vond hij niet meer leuk, hij had ze ingeruild voor een stel hangjongeren. Maarten was vijftien, een echte puber dus, maar zijn gedrag was zó extreem dat ik bang was dat er meer aan de hand was. Misschien werd hij gepest? Mijn vragen vond hij gezeur. Nu wist ik wat er aan de hand was: hij zat aan de drugs.”

Ongure types

“Maarten ontkende. Die zakjes waren niet van hem, maar van een vriend, hij moest ze even bewaren. Ik geloofde niets van zijn smoesjes. Hij werd boos, zei dat ik hem niet vertrouwde, dat ik hem nooit gewild had en dat ik zijn broer en zus voortrok. Nu weet ik dat dit typisch het gedrag was van een verslaafde die alles doet om niet betrapt te worden. Destijds zag ik dat niet in, zijn woorden deden me ongelooflijk veel pijn. Het ging van kwaad tot erger. Ik bleef vragen stellen, hij werd steeds harder. Tijdens een ruzie sloeg hij zelfs een gat in de deur. Ook bedreigde hij me met een mes. Het was afschuwelijk. Om aan geld te komen, dealde hij. Voor ons huis in een rustige woonwijk stonden steeds ongure types. Ze kwamen boos aan de deur omdat Maarten iets niet had afgeleverd of omdat hij de grote dealers geld schuldig was. Ook werden er soms eieren tegen de ramen gegooid. Ik schaamde me voor de buren. Maartens gedrag had ook invloed op mijn huwelijk en ons gezinsleven – voor de andere twee kinderen was het pittig. Maarten vroeg veel negatieve aandacht. Zodra hij weg was, was er rust in huis en ik zag hoe fijn dat voor de andere twee was. Een goede sfeer en alle aandacht voor je kinderen, dat is toch wat je wilt als moeder.”

Taakstraf

“Mijn man wilde de situatie zelf oplossen, ik wilde aangifte doen. Ik had contact gezocht met MIND Korrelatie en Moedige Moeders en daar geleerd dat ik Maarten los moest laten. Ook de psycholoog die ik bezocht, zei dat. Maarten moest verantwoordelijkheid nemen voor zijn daden en niet meer op ons terugvallen. Dus zochten we een studentenkamer voor hem en ging hij op zijn zeventiende uit huis. Ik vond het moeilijk, maar we hadden geen keus. Wij konden hem niet redden, dat moest hij zelf doen. De bodem raken en weer naar boven zwemmen, dat was zijn enige kans op herstel.

Drie keer deed ik aangifte tegen mijn eigen zoon wegens agressie en dealen. Je zoon aangeven, dat is eigenlijk niet te doen. Maar ik deed het uit liefde. Ik hoopte dat de politie hem zou oppakken, dat hij daardoor bij zinnen zou komen en dat er een hulpplan zou komen. Dat gebeurde allemaal niet. Toen er drugs in zijn auto werden gevonden, kreeg Maarten een taakstraf van een week. Na twee dagen stond hij alweer voor de deur. Hij had degene bij wie hij de werkstraf uitvoerde geld geboden en mocht weer naar huis. Ik kon wel huilen.”

Ervaringsdeskundige

“Maarten is van zijn dertiende tot zijn 26e verslaafd geweest. Ik schrok toen hij vertelde dat hij al zo jong was begonnen met drugs. Ik had geen idee. Twee keer ging hij naar een afkickkliniek, de eerste keer op mijn aandringen, de tweede keer wilde hij zelf. Dat was beter, toen kwam hij van de drugs af. Eindelijk realiseerde hij zich dat zijn leven als verslaafde slechts drie opties had: gevangenis, de dood of de kliniek. Hij had de bodem geraakt en besloot te knokken. Nu is hij 33, hij heeft een vrouw en twee kindjes en werkt als ervaringsdeskundige in een kliniek waar jongeren met een verslaving worden behandeld. Hij vindt het erg dat hij ons zo veel verdriet heeft gedaan, daar hebben we veel gesprekken over gehad. Het gaat nu goed tussen ons. Ik denk niet dat ik het ooit zal vergeten, maar vergeven kan ik hem zeker. Hij was zichzelf niet. Het waren de drugs die hem die domme dingen lieten doen.”

PS. Van de jongeren tussen de 12 en 16 heeft 9,2% cannabis geprobeerd. 1,3% ging een stap verder en heeft ervaring met cocaïne. Kijk voor meer informatie op trimbos.nlInterview: Deborah Ligtenberg. Fotografie: Karlien van der Geest.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden