null Beeld

Jörgen Raymann: “Het leven lacht me toe en ik lach keihard terug”

Er was een tijd dat succes hem deed vergeten waar het leven werkelijk om draait. Tegenwoordig is Jörgen Raymann (53) een stuk bescheidener, maar niet minder goedlachs. “Die moeilijke periode heeft me nederig en bescheiden gemaakt.”

We spreken Jörgen Raymann op een prachtig landgoed in Almere in Waterkasteel de Kemphaan, dat uitkijkt over een meer. Aan de overkant woont hij. Nog even, want de villa met tropisch zwembad en gym van 613 vierkante meter staat te koop. Nu zijn dochters Melody (26) en Jahlisa (22) op zichzelf wonen, verhuizen hij en zijn vrouw Sheila naar een appartement, ook in Almere. “Natuurlijk, Almere is geweldig! Wist je dat Almere 45 kilometer kuststrook heeft? We gaan binnenkort aan het water wonen. Heerlijk.”

En dat is niet het enige waarop de goedlachse Raymann zich verheugt. Vanaf 8 maart speelt hij 3 dagen per week in de musical Hello, Dolly!. Jörgen, die tot nu toe alleen in zijn eigen cabaretshows zong en met liedjes als de Bananenbootsong en Telkens weer optreedt voor de leden van een pensioenfonds, staat nu naast niemand minder dan Simone Kleinsma. “Dat voelt als een zaterdagamateur die voor Ajax 1 wordt gevraagd.”

Spelen in een musical stond al lang hoog op zijn verlanglijstje. Hij is gek op het genre. “Dat potsierlijke, dat meeslepende, die grote decors. Fantastisch! Les Misérables is mijn favoriet, Mamma Mia heb ik meerdere keren gezien, Tarzan een keer of 4. Met de kinderen ja, het hele gezin is musicalfan en iedereen zou wel in een musical willen spelen. Ik maak die droom namens ons allen waar.” Vrolijk: “Gelukkig hoef ik niet al te veel ingewikkelde liedjes te zingen. Mijn zangcoach zegt dat ik het kan.” Hello, Dolly! vertelt het verhaal over relatiebemiddelaar Dolly, die voor een klant de opdracht krijgt om een vrouw te zoeken, maar besluit om de selfmade miljonair die ze voor ogen heeft, voor zichzelf te winnen. Raymann vertolkt deze rijkaard, Horcus ten Gelder genaamd, samen met Paul de Leeuw. “Vanwege onze waanzinnig drukke agenda’s wisselen we elkaar af”, verklaart hij.

Is het een fijne rol?

“Zeker. Horcus is een lekkere chagrijn, zo’n echte bully aan wie je de pest hebt, maar van wie je toch gaat houden. Hij is kruidenier en de rijkste man van het dorp, wantrouwt iedereen en vindt dat vrouwen alleen goed zijn om de plee te poetsen.”

Ik wilde net vragen in hoeverre jij je herkent in die selfmade miljonair.

“Nou, ik ben geen chagrijn en zeker niet vrouwonvriendelijk. Ik ben vader van 2 dochters en opgegroeid met mijn moeder en zus. Ik kan slecht tegen machogedrag en ik geloof onvoorwaardelijk in de gelijkheid van mannen en vrouwen. Helaas doen we het in Nederland op dat gebied slechter dan Pakistan. Hoeveel vrouwen zitten er in de top van ons bedrijfsleven?! We hebben het er al 30 jaar over dat het er meer moeten worden, maar kennelijk komen die topvrouwen er niet vanzelf. Nou, dan moet je een keer maatregelen nemen: ik ben voor een vrouwenquotum. Ik durf wel te stellen dat ik een feminist ben.”

Jij was wel, net als Horcus, een rijk man tot je plotselinge ontslag als tv-maker in 2016.

“Het gevaar van succes is dat je een groot huis laat bouwen en je vervolgens vergeet waar het in het leven om draait. Dan kun je je soms, net als Horcus, als een schoft gaan gedragen. Ik vond op een gegeven moment dat alles wat ik wilde hebben, mij toekwam. Ik had er hard voor gewerkt en hé: ‘Ik ben Jörgen Raymann, weet je dat niet?’ Dat zei ik wel eens in een winkel als ik niet meteen werd geholpen.”

Riepen jouw 3 vrouwen je niet tot de orde?

“Ik hanteerde niet altijd de botte bijl en zeker thuis niet. Mijn vrouw en kinderen zijn heel kritisch. Zodra ik grappig probeer te zijn, roepen mijn meiden al: ‘Doe maar gewoon, papa. Wij hebben geen theaterkaartje gekocht.’”

Hoe gaat het nu dan?

“Ik heb een financieel moeilijk tijd achter de rug, maar we zijn weer lekker boven Jan aan het komen. Wat ik heb meegemaakt, heeft me nederig en bescheiden gemaakt. Ik heb 10 jaar lang als een koning gewoond, daarvoor ben ik dankbaar, maar nu is het voorbij en dat is ook goed. Gaan we lekker in dat appartementje wonen, huren Sheila en ik af en toe bootje om door Almere te varen, dat is waanzinnig leuk. We kunnen dan ook gemakkelijk de deur achter ons dichtrekken om met zijn tweeën te reizen.”

Heb je geen last van het legenestsyndroom?

“Helemaal niet. De meiden wonen ook in Almere en we zeggen zelfs wel eens: ‘Vandaag willen we lekker alleen zijn.’”

Klinkt romantisch. Jullie zijn al samen sinds jullie studietijd, toch?

“We waren op 31 oktober 32 jaar samen en we zijn 26 jaar getrouwd.”

Hoe krijg je dat voor elkaar?

“Het allerbelangrijkste is dat je elkaar niet probeert te veranderen. Meestal begint het kneden zodra de liefde is beklonken: ‘Ik wil niet dat je dit… Ik wil niet dat je dat...’ Laat de ander zijn wie hij of zij wil zijn, op die persoon ben je verliefd geworden. Het minder leuke gedrag is een onderdeel van de persoon van wie je houdt. Het perfecte plaatje bestaat niet. Er zijn ook genoeg dagen dat Sheila en ik elkaar achter het behang kunnen plakken.” Lachend: “Ik denk wel dat zij die gedachte iets vaker heeft dan ik.”

Je bedoelt, het is best pittig om naast jou te staan?

“Ik ben soms inderdaad een beetje een diva, maar zij staat haar mannetje wel hoor. Thuis is zij is de waakhond, ik de straathond. Van haar mag ik wat meer een waakhond zijn: mensen wat minder snel vertrouwen, wat geduldiger zijn. Het lukt al beter en ik weet dat ik haar blij maak als ik doe wat ik heb beloofd. Dat ik het vuil daadwerkelijk buiten zet als ik zeg dat ik dat zal doen.”

Wat bewonder je aan haar?

“Sheila is mijn soulmate, ze heeft me gepusht om tot de limit te gaan. Ze zei dat ik nooit een man moest worden die achteraf zegt: ‘Had ik maar...’ We runden samen een restaurant in Suriname, toen ik haar vertelde dat ik mooie kansen kreeg in Nederland. Zij had in Paramaribo haar zusje in de buurt en haar moeder, die op onze kinderen paste, maar Sheila vroeg meteen: ‘Wanneer moet ik inpakken?’ Dat onvoorwaardelijke bewonder ik in haar. Ik ga ook tot het einde van de wereld voor mijn vrouw.”

Wat mooi. Dat hoor je niet vaak meer.

“Er zijn nog genoeg duurzame relaties hoor, maar ze hebben geen nieuwswaarde, scheidingen halen de krant. Dat is een beetje de tragiek van onze samenleving, we focussen op negatieve dingen. Het leven is moeilijk en geluk niet maakbaar, maar als je benadrukt wat slecht gaat, kom je in een negatieve flow. In een samenleving kan dat leiden tot verharding en polarisatie. In de periode dat het niet zo goed met mij ging, heb ik coaching gehad en geleerd dat optimisme een keuze is. Als je je concentreert op wat goed gaat, krijgen de negatieve dingen minder gewicht en kom je in een positieve flow.”

Ben je van nature een optimist?

“Ja, daarom kwam ik ook in de financiële problemen. Je moet wel oppassen dat je geen blij ei wordt natuurlijk en helemaal geen beren meer op de weg ziet.”

Welke levensles heb jij je dochters meegegeven?

“Doe de dingen waarvan je gelukkig wordt en laat niemand je wijsmaken dat je iets niet kunt of niet kunt bereiken. Be your own leader. Neem dus ook verantwoordelijkheid en wees realistisch. Mijn oudste dochter is accountmanager, ik zou haar niet aanraden net als haar zusje een zangcarrière te ambiëren. Ik houd ze ook voor dat je de keuze hebt om te groeien naarmate je ouder wordt. Ouder worden gaat vanzelf, om te groeien moet je ervoor zorgen dat als je ’s avonds ietsje slimmer bent dan je die ochtend opstond.”

Leef jij bewuster dan voorheen?

“Ik doe alleen nog dingen waarvan ik positieve energie krijg. Ik meng me bijvoorbeeld niet meer in de zwartepietendiscussie. Die is omgeven met zo veel racistisch gewauwel, daar heb ik geen zin meer in. Ik kies nu andere kanalen om mijn stem te laten horen, zoals mijn theatershows.”

In Schudden aan die boom vertel je dat je afstamt van een Duitse meubelmaker, een Hollandse huisvrouw, een Hindoestaanse arbeidsmigrant, een Indiaanse sjamaan, een slaaf en een joodse slavenhouder.

Gekscherend: “Ik ben eigenlijk de enige echte afgezant van de Verenigde Naties, ik vertegenwoordig iedereen.”

Geeft je dat extra verantwoordelijkheid?

“O nee hoor. Vroeger dacht ik dat ik het vanwege mijn afkomst voor iedereen moest opnemen en mengde ik me in alle debatten, maar die tijd is voorbij, ik ben niemand wat verschuldigd. Ik ben wel blij om ambassadeur van Unicef te mogen zijn. Unicef verricht concreet en goed werk, zag ik in Zaatari, een opvangkamp in Jordanië waar 80.000 Syrische vluchtelingen woonden. Als je hun verhalen hoort, schaam je je trouwens diep voor de Nederlanders die deze mensen gelukszoekers noemen, want die mensen willen helemaal niet naar Europa komen, ze zoeken veiligheid voor hun gezin. Maar goed, Unicef zorgt er dus onder andere voor dat zij via techniekcursussen zelfredzaam worden en meteen iets kunnen betekenen in hun gemeenschap. Ik ben er trots op dat als ambassadeur te kunnen vertellen.”

Vind je het belangrijk om je stem te laten horen?

“Mijn vader zei tegen me: ‘Als jij het goed hebt, vergeet dan niet dat er altijd anderen zijn die het minder goed hebben.’ Het ís belangrijk iets voor een ander te doen, en dat vinden we als Nederland ook heel belangrijk. Ik ben bestuurslid van het Oranjefonds en ik weet hoe ongelooflijk veel vrijwilligers dit land telt. Dat bedoel ik met positief naar de samenleving kijken. Er gaat ook veel goed.”

En met jou gaat het ook goed, begrijp ik.

“Het leven lacht me toe en ik lach keihard terug. Ik het nog nooit zo druk gehad, maar het voelt alsof ik niet hoef te werken omdat ik dingen doe waarvan ik blij word. Ik presenteer dagelijks een radioprogramma en geef inspiratiecursussen. Daarnaast ben ik samen met een compagnon, enkele bedrijven en de SER bezig om de werkplek van de toekomst te ontwikkelen, die moet leiden tot minder files en meer werkplezier. Tante Es (Raymanns alter ego, red.) gaat Nederland verwennen met heerlijk tropische ijs. Ja, ik heb ook een handeltje erbij. En ik ga dus een jaar lang 3 keer per week spelen in Hello, Dolly!. Als ik me dan nog niet gezegend voel?!”

Staat er nog iets op je verlanglijstje?

“Ik wil graag opa worden, maar die meiden van me hebben al gezegd dat ik daar nog even op zal moeten wachten. Gelukkig heb ik Naima, dat is de dochter van mijn beste vriend op Curaçao, die 2 jaar met haar 2 kinderen bij ons in huis heeft gewoond. Zij zeggen nu opa Jur tegen mij en daar ben ik helemaal happy mee.”

De droom een Aston Martin te rijden, is verdampt?

“Geloof me, ik ga echt geen 3 ton meer aan een auto uitgeven.”

Niet meer?

“Ik heb een Porsche Cayenne gereden, die was ook niet goedkoop. Maar nee, mocht ik nog eens geld over hebben, weet ik daar zeker een mooi project voor te vinden, dat gaat niet naar een auto. Hoewel… Ik zou misschien ooit nog wel eens zo’n klassieke Mercedes-Benz willen rijden, met die ronde koplampen en een linnen dak.”

Denk aan het milieu!

“Ach, daar gooi ik dan gewoon een elektrische motor in.”

Tekst: Astrid Theunissen, beeld: Ester Gebuis

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden