José Rozenbroek Beeld Libelle
José RozenbroekBeeld Libelle

Column

José: “De vrouw van de wereld in mij verschrompelt tot een verlegen provinciemeisje”

Bladenmaker en journalist José Rozenbroek is een nieuwsjunk. Elke week schrijft ze voor Libelle een column over wat haar opvalt en waarover ze zich opwindt. Deze week schrijft ze over het alleen betreden van een restaurant.

Vrouw van de wereld

Voor de buitenwereld mag ik dan misschien een vrouw van de wereld lijken – zelfstandig, onafhankelijk, fijn werk, mooi huis – zelf weet ik wel beter. Zo word ik al van het pakken van een koffer bijna depressief, zo lastig vind ik dat. Echte-vrouwen-van-de-wereld stellen moeiteloos perfecte setjes samen, geschikt voor alle klimaatsveranderingen, rollen die in vloeipapier, stoppen vijf paar schoenen in speciale schoenenzakken en verschijnen toch met een elegante kleine koffer ten tonele. Ik begin ook altijd verstandig en weloverwogen, maar op ’t laatst kieper ik er nog een trui en nog een boek en een paar regenlaarzen bij waardoor ik zelfs voor een vierdaagstripje bepakt ben alsof ik drie maanden in den vreemde zal verblijven.

Verlegen provinciemeisje

De vrouw van de wereld in mij verschrompelt helemaal tot een verlegen provinciemeisje als ik in mijn eentje een restaurant moet betreden. En dat moet je helaas wel eens als je alleen op reis gaat, voor werk of op vakantie. Ik verschuil me dan achter een boek of telefoon, lach af en toe mysterieus, doe alsof ik het reuze naar mijn zin heb, eet naarstig een gerechtje en verdwijn dan weer rap naar mijn hotelkamer of naar de straat voor een avondwandeling.

Nee, dan de man die ik ooit zag dineren in de altijd drukke en lawaaiige Parijse brasserie Le Grand Colbert. Hij had een groot wit servet voorgeknoopt en bestudeerde uitgebreid de menu- en wijnkaart. Liet een goede fles aanrukken, foie gras als voorgerecht, daarna een plateau fruits de mer. Kaas, dessert, koffie met een digestief, de hele rataplan. Hij lachte met de obers, maakte een babbeltje met zijn buren, at en dronk met smaak, keek tevreden om zich heen. Deze man was weliswaar alleen, maar hij had overduidelijk een fijne avond. Zielig was hij allerminst. Waarom voel ik me dan altijd sneu als ik alleen in een restaurant zit? Waarom denk ik dat mensen zullen denken: dit is een treurige eenzame vrouw, zonder vrienden of familie?

Slaperige tent

Ik zou willen zijn als die man in Le Crand Colbert, een vrouw die lekker uit eten gaat als zij daar zin in heeft. Op weg naar vrienden in Zuid-Frankijk overnacht ik in een pittoresk stadje, waar ik ga eten in een restaurant dat me met klem is aangeraden. In mijn fantasie zag ik lange tafels op een binnenplaats voor me, vol rumoerige mensen die me in hun midden opnamen. In werkelijkheid is het een slaperige tent waar oudere stellen achter witgedekte tafels zitten en die zo uitgepraat zijn met elkaar dat elke slok en elke hap zwijgend en met minutieuze aandacht wordt geconsumeerd. Ze kijken nieuwsgierig naar me, naar die vrouw die geen familie en geen vrienden lijkt te hebben. Ze heeft alleen een telefoon waarachter ze zich verschuilt. Dapper slaat ze zich door het driegangenmenu en drinkt een glaasje wijn. Glimlacht naar de ober, loert naar de zwijgende mensen op haar heen. Nee, koffie hoeft ze niet. Ze betaalt, vlucht dan het restaurant uit, die stoere dame met dat kleine hartje.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden