null Beeld

José Rozenbroek schrijft een brief aan minister Grapperhaus

Bladenmaker en journalist José Rozenbroek (59) schrijft columns voor Libelle. Deze week schrijft ze een brief aan minister Grapperhaus.

Online redactie Libelle

Beste minister Grapperhaus,

Dit moeten wittebroodsweken from hell zijn. Mijn hart gaat uit naar u en naar uw Liesbeth. Het ene moment sta je dolgelukkig op het bordes van het snoeperige stadhuis van Bloemendaal en houd je stevig de hand vast van je nieuwe echtgenote, het andere moment blijkt er een vileine fotograaf in de bosjes te hebben gelegen en duikt de ene na de andere foto op waaruit klip en klaar duidelijk wordt dat u en uw gasten de coronaregels met voeten hebben getreden. U heeft uw arm geslagen om uw 91-jarige schoonmoeder. U lijkt handen te schudden. De mensen staan heel gezellig, maar veel te dicht op elkaar. Al dat geluk en al die gezelligheid leidden tot maatschappelijke commotie waarbij uw positie hevig aan het wankelen werd gebracht.

Gisteravond hebben we vlug gegeten om maar niks te missen van het debat in de Tweede Kamer waarin u onder handen werd genomen door de fractievoorzitters van de oppositie. Na uw emotionele betoog waarin u het niet droog hield en ik eerlijk gezegd ook een brokje weg moest slikken, kwamen ze aangeslopen. De ‘wilde beesten’, zoals Hans van Mierlo ze noemde, op weg naar hun prooi.

Natuurlijk hadden Wilders, Baudet, Klaver, Marijnissen en Asscher een punt. Niet zozeer dat u de regels met voeten heeft getreden - dat doen we namelijk allemáál, de hele dag door, meestal per ongeluk en soms een heel klein beetje expres. Nee, het heikele punt waar het hele debat om draaide, was dat uitgerekend ú de regels aan uw huwelijkslaarzen had gelapt. De minister die het meest strak in de coronaleer is, die het volk al maanden vermanend zo niet donderend toespreekt. De minister die anderen zo streng de maat neemt. Die boetes en aantekeningen op je strafblad laat uitdelen alsof het warme broodjes zijn. Die minister heeft te hoog van de toren heeft geblazen. En je kunt nu eenmaal niet met twee maten meten: eentje voor het ‘klootjesvolk’ zoals Wilders ons zo liefhebbend noemt, en eentje voor de minister die zijn straf denkt te kunnen afkopen met een gift aan het Rode Kruis. Dan raak je je morele gezag kwijt, of dat gezag moet dan op z’n minst weer flink worden uitgedeukt. Het is maar de vraag of dat kan gebeuren zonder blijvende littekens of butsen.

Toch ben ik blij dat u mag blijven. Dat vrijwel niemand de messen zo scherp had geslepen dat u ten val moest worden gebracht. Het was overduidelijk dat u de sympathie heeft van uw collega’s in de Kamer. Dat die respect hebben voor de wijze waarop u de afgelopen jaren uw rol als minister van Justitie heeft vervuld.

Mijn romantische ziel denkt ook dat zij over hun hart hebben gestreken omdat het uw huwelijk betrof. Dat u, weduwnaar, opnieuw het geluk heeft gevonden. Dat was namelijk óók zichtbaar op die gewraakte bordesfoto, dat u en uw kersverse echtgenote en uw gasten het leven en de liefde wilden vieren, en dat dat nou eenmaal niet kan op anderhalve meter afstand van elkaar. Uw huwelijk en die foto’s maken weer eens te meer duidelijk dat wij mensen elkaar hard nodig hebben, dat we niet kunnen zonder een arm om ons heen, de warmte van de ander, dat we elkaar wel moéten aanraken, omdat dat nu eenmaal ons instinct is.

Dat besef maakt ons, kamerleden én klootjesvolk, week en vergevingsgezind.

Kortom, het is de liefde die u in de hel heeft gestort, maar er ook weer heeft uitgetakeld.

Ik wens u en uw Liesbeth een lang en gelukkig leven.

José

Beeld: Tamar Ottink

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden