null Beeld

Lees voor gebruik de bijsluiter over de verborgen effecten van de pil

De pil maakt het leven van heel wat vrouwen (en mannen) een stuk eenvoudiger. Maar naast de voordelen kan dit voorbehoedsmiddel ook vervelende psychische bijwerkingen hebben, zoals stemmingswisselingen, verlies van libido en neerslachtigheid. Deze nadelen kregen tot nu toe weinig aandacht. Daar komt gelukkig verandering in.

Het was in 1963 het zetje in de rug dat de pil nodig had: de opmerking van bisschop Bekkers op televisie dat kinderen krijgen een persoonlijke aangelegenheid was en geboorteregeling een ‘zaak voor het eigen geweten’. Met toestemming van de kerk voelden vrouwen zich in het toen nog overwegend katholieke Nederland niet langer bezwaard het anticonceptiemiddel, dat twee jaar eerder redelijk geruisloos op de markt was gekomen, te gaan slikken. Drie jaar later, in 1966, gebruikten zo’n 300.000 vrouwen het anticonceptiemiddel. En dat was te zien in de geboortecijfers. Nu vrouwen de baas waren over hun eigen seksleven, kwamen ongewenste zwangerschappen veel minder voor. Medio jaren zestig was slechts 37 procent van de kinderen gepland, eind jaren tachtig steeg dat naar 92 procent. Het aantal geboortes daalde met 35 procent.

Hormonen in het hoofd

Want dat is, behalve helpen tegen acne en heftige menstruatieklachten, natuurlijk wat de pil in eerste instantie doet: op basis van kunstmatige hormonen een zwangerschap voorkomen. Maar hoewel na meer dan vijftig jaar gebruiks- en onderzoekservaring wel vaststaat hoe de voortplantingsorganen reageren en wat de gezondheidsrisico’s zijn, is er stukken minder bekend over hoe deze synthetische hormonen de rest van het lichaam beïnvloeden. Over veel tasten wetenschappers ook vandaag de dag nog in het duister; wél is inmiddels zeker dat de werkzame bestanddelen van de pil inwerken op gebieden in het brein die belangrijk zijn voor stemming, angst en plezier. Zo blijkt uit onderzoek dat een lichaam dat door pilgebruik zelf minder van het geslachtshormoon estradiol aanmaakt, ook minder serotonine produceert. En als zogenaamd ‘gelukshormoon’ bepaalt dat onze stemming en hoe lekker we in ons vel zitten. Het lagere estradiolniveau leidt ook tot verminderde activiteit in het deel van de hersenen dat over het controleren van angst gaat. Tenslotte is er bewijs dat door de pil de testosteronaanmaak afneemt. Dat zorgt ervoor dat het beloningsnetwerk in de hersenen minder signalen krijgt en we minder plezier ervaren.

Minder blij, minder zin

Zoals Romy (40) aan den lijve ondervond. “Ik ben van nature een blij, uitbundig en gevoelig mens,” vertelt ze, “maar dat werd nadat ik de pil begon te gebruiken minder en minder. Een fantastische auditie – ik werkte voorheen in het theater – deed me bijvoorbeeld weinig, terwijl ik het van de daken zou hebben kunnen schreeuwen. Op mijn ouders die gingen scheiden reageerde ik met een gelaten ‘Ach, het zal wel’, en mijn eigen relatie die werd verbroken kon me ook niet veel schelen. De emoties die ik nog wel voelde, schommelden bovendien enorm. Zonder aanleiding schoten ze van positief naar negatief en weer terug, hoewel ze over de hele linie steeds zwaarder en donkerder werden. Ik had nergens meer echt zin in, mijn zelfvertrouwen daalde en zelfs tegen de kleinste dingetjes zag ik als een berg op.”

Romy is niet de enige met zo’n soort ervaring, want volgens bijwerkingencentrum Lareb heeft één op de honderd vrouwen last van stemmingswisselingen en depressieve gevoelens als gevolg van pilgebruik. Daarnaast is minder zin in seks een veelgehoorde klacht. Er is immers geen estradiol-piek meer die normaal lustgevoelens aanwakkert, het testosterongehalte is lager waardoor seksuele interesse kan afnemen én het ‘knuffelhormoon’ oxytocine werkt onder pilsliksters minder goed. Zoals bij Monika (50), die beide keren dat ze zwanger wilde worden met de pil stopte. Ze zegt: “Eigenlijk merkte ik onmiddellijk dat ik spontaan veel meer behoefte aan seks had. Destijds dacht ik dat het aan mijn kinderwens lag: misschien wilde ik zo graag vrijen vanwege mijn verlangen naar een kind. Want zodra ik de pil weer begon te gebruiken, nadat mijn kinderen waren geboren, daalde mijn libido weer.”

Stress en partnerkeuze

Ook de Amerikaanse hoogleraar evolutionaire psychologie Sarah Hill merkte dat ze opgewekter, positiever, energieker en met meer seksuele gevoelens in het leven stond als ze de pil niet slikte. Nieuwsgierig naar eventuele andere effecten ging ze op onderzoek uit, en stuitte daarbij op studies die lieten zien dat in een acute stressvolle situatie vrouwen aan de pil geen of minder cortisol afgeven dan mannen en natuurlijk menstruerende vrouwen. Omdat dit gebrek aan zogenaamd ‘vrij’ cortisol de hersenen belemmert in het opslaan van zulke stresssituaties en de regulatie van bijbehorende emoties verstoort, zijn pilgebruiksters mogelijk minder goed in staat het hoofd koel te houden. Tegelijkertijd is het totale cortisolgehalte van pilslikkende vrouwen stukken hoger dan dat van niet-slikkende. Dat wil zeggen dat ze zich in een constant hogere staat van paraatheid bevinden, alsof er continu gevaar dreigt, wat op de lange termijn geheugenproblemen, diabetes, gewichtstoename en aandoeningen aan hart en vaten kan veroorzaken.

Wat Hill ook ontdekte, is dat vrouwen aan de pil een andere partner kiezen dan ze zouden doen als ze het anticonceptiemiddel niet zouden gebruiken. Om een sterke soort te verzekeren, bepalen in een natuurlijke cyclus de geslachtshormonen dat we ons aangetrokken voelen tot iemand die over andere genen beschikt dan wijzelf: een mechanisme dat in een door de pil gereguleerde kunstmatige cyclus wegvalt. Ook blijken vrouwen aan de pil op minder mannelijke mannen te vallen en laten ze zich minder door seksuele aantrekkingskracht sturen bij hun keuze. Dat is niet per se goed of slecht, maar wel iets om bij stil te staan. Want deze invloed van de pil op de partnerkeuze kan natuurlijk doorwerken op wat voor relaties we hebben. En heeft misschien zelfs wel gevolgen voor de kans op echtscheiding of ontrouw.

Meer aandacht

Nu is er geen reden tot paniek. Veel pilsliksters zijn heel tevreden, en klachten hangen helemaal af van de persoonlijke gevoeligheid voor hormonen, en ook van genen, leeftijd en algehele gezondheid. Maar het is natuurlijk wel goed als er meer aandacht zou komen voor eventuele emotionele en mentale bijwerkingen van de pil. Een goed begin zijn wat dat betreft de herziene richtlijnen voor anticonceptie waar het Nederlands Huisartsen Genootschap vorig jaar mee kwam. Die adviseren huisartsen om behalve oog te hebben voor lichamelijke klachten als hoofdpijn, misselijkheid of bloedingen, ook te vragen naar psychische effecten.

Romy besloot vier jaar geleden op eigen initiatief gewoon eens te kijken wat er zou gebeuren als ze met de pil zou stoppen. “Al na een maand merkte ik verschil,” zegt ze, “aangezien ik zichtbaar blijer, zelfverzekerder, socialer en minder negatief was. Toen dat in de periode daarna zo bleef terwijl er in mijn leven verder niets was veranderd, wist ik dat mijn klachten met de hormonen in de pil te maken hadden.” Ook Monika is er inmiddels achter dat haar verlaagde libido daardoor werd veroorzaakt. Ze zegt: “Nadat mijn man zich had laten steriliseren, was anticonceptie niet meer nodig en stopte ik met de pil. Vrijwel onmiddellijk nam mijn zin in seks toe. Ook zonder kinderwens dus, en zelfs nu ik in de overgang begin te komen.”

De pil verandert ons hormoonprofiel, luidde de conclusie van Hill aan het eind van haar speurtocht, waardoor we een andere versie van onszelf worden. Of dat een betere of slechtere versie is, kan ieder alleen voor zich beoordelen. Maar erbij stilstaan of dat kleine pilletje, naast zwangerschap voorkomen, misschien ook andere, minder gewenste bijwerkingen heeft, kan nooit kwaad.

Meer lezen

Sarah Hill schreef naar aanleiding van haar onderzoek een boek. In Je brein aan de pil (2020, Nijgh & Van Ditmar) legt ze toegankelijk uit hoe lichaam, hormonen én de pil werken en welke – soms vérstrekkende – gevolgen dat kan hebben.

Kwestie van hormonen

In een natuurlijke menstruatiecyclus schommelen de geslachtshormonen gedurende circa 28 dagen. Om de ontwikkeling van een eitje te bevorderen, produceert het lichaam in de eerste helft van de cyclus bijvoorbeeld veel estradiol. Zo rond dag twaalf, na de eisprong, wordt in de tweede fase juist de productie van progesteron opgevoerd. Daardoor verdikt de baarmoederwand, zodat het eitje zich kan innestelen. In afwachting van of er een bevruchting gaat plaatsvinden, gaat het lichaam op dit moment in de ruststand. Pas als twee weker later een menstruatie optreedt, het teken dat er geen sprake is van een zwangerschap, komt het weer in actie en begint met de aanmaak van estradiol om een nieuwe eicel tot ontwikkeling te brengen. De pil verandert deze gang van zaken door ervoor te zorgen dat de hormoonspiegel elke dag hetzelfde is. De kunstmatige hormonen die erin zitten houden het progesteronniveau in verhouding tot estradiol constant hoog. Dat betekent geen eitje en dus geen baby.

Welke is de beste?

Er zijn allerlei verschillende soorten anticonceptiepillen verkrijgbaar. De meest voorgeschreven is de combinatiepil. Daarin zijn, afhankelijk van tot welke zogenoemde generatie de pil behoort, verschillende doseringen oestrogeen (meestal ethinylestradiol) en progestageen de werkzame bestanddelen. Om een pil te vinden die past, is het verstandig samen met de huisarts te kijken naar welke generatie een bepaald merk is en hoeveel oestrogeen en progestageen erin zit. Probeer het vervolgens een paar maanden uit. Houd in die periode eventueel een dagboek bij en schrijf eventuele veranderingen in humeur, eetlust, energie, slaap en libido op.

Liever het spiraaltje

De anticonceptiepil is in Nederland al jaren het meestgebruikte anticonceptiemiddel. Van de seksueel actieve vrouwen slikt 30% de pil, hoewel de populariteit ervan onder vrouwen tussen 40 en 49 jaar de afgelopen jaren is afgenomen tot 17%. Deze groep schakelt steeds vaker over op het spiraaltje, dat volgens cijfers van kenniscentrum seksualiteit Rutgers in 2017 in deze leeftijdsgroep door 19% werd gebruikt. Sommigen hebben daar betere ervaringen mee: de psychologische klachten die ze van de pil ondervinden, geeft het spiraaltje niet.

Tijdens de overgang

Pas als de menstruatie een jaar is uitgebleven, staat vast dat zwanger worden niet meer mogelijk is. Maar bij pilgebruik is moeilijk vast te stellen of dat het geval is, omdat er ondanks de overgang nog kunstmatig opgewekte bloedingen kunnen optreden. Er zijn daarom vrouwen die rond hun vijftigste stoppen, ook omdat pilgebruik op hogere leeftijd het risico op trombose en hart- en vaatziekten verhoogt. Als ze dan nog wel anticonceptie willen gebruiken, schakelen ze bijvoorbeeld over op een spiraaltje of anticonceptiestaafje, omdat die alleen progestageen bevatten. Deze middelen helpen alleen niet tegen overgangsklachten als heftige menstruatie, opvliegers en zweetaanvallen. Overleg daarom met de huisarts wat het beste is.

Tekst: Carlijn Simons. Illustratie:

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden