null Beeld

Mara: “Mijn kleinzoon was bij de oppas gestopt met ademen”

Freddy, (de jongste kleinzoon van Mara) stierf vlak voor zijn eerste verjaardag. Sindsdien worstelt zij met het gemis én met het verdriet van haar zoon en zijn gezin.

“Ik zal nooit de blik in de ogen van mijn zoon Bas vergeten toen hij het me kwam vertellen. Ik kwam thuis en zag hem in de hoek van onze keuken staan, lijkbleek en ontredderd. ‘Mama, Freddy gaat dood’, zei hij. Het was alsof ik een klap met een hamer kreeg. Mijn kleinzoon, dood? Mijn oogappel, het jongetje dat ik elke maandag verwende en dat mij zo veel vreugde schonk?

Mijn kleinzoon Freddy was bij de oppas in zijn slaap gestopt met ademen. Ze hadden hem in allerijl gereanimeerd en naar het ziekenhuis gebracht, Bas kwam mij en de moeder van zijn vrouw Denise ophalen om mee te gaan naar het ziekenhuis. Daar bleek dat hij te lang geen zuurstof had gehad. Wiegendood, hij was pas elf maanden en twee weken oud. Ik wist niet dat zoiets op die leeftijd nog kon gebeuren.”

Geen hoop meer

“Immens verdriet was het eerste wat ik voelde. En pijn, fysieke pijn. Ik heb lang geleden mijn moeder en onlangs mijn vader verloren, dus ik wist wat rouw en verdriet was. Maar bij Freddy was het toch anders. De gedachte dat ik hem niet zou zien opgroeien, was ondraaglijk. Dat hij nooit meer zijn mollige armpjes naar me zou uitstrekken. Dat zijn prille leven zo abrupt gestopt was, nog voor het goed en wel was begonnen. Het raakte me tot in het diepst van mijn ziel. Ik voelde me leeg en verloren. Maar los van mijn eigen verdriet dacht ik ook aan mijn zoon en schoondochter. Zij maakten het ergste mee dat je kunt meemaken in je leven: je kind verliezen.

Al had ik zelf ongelooflijk veel pijn, ik wist dat het voor hen nog erger moest zijn. Ik wilde hen beschermen, hun verdriet wegnemen. Mijn lieve, stoere zoon en mijn sterke schoondochter, het was zo oneerlijk dat zij dit moesten meemaken. Maar hoe kon ik hen troosten als ik zelf zo veel verdriet had?We werden meteen overal bij betrokken. We voelden dat onze kinderen ons nodig hadden. Ze gaven het ook aan: ‘Dit kunnen wij niet alleen.’

Hersendood

Vrij snel kregen we te horen dat er geen hoop meer was, Freddy werd hersendood verklaard. Het afscheid was heel sereen. Om beurten stonden we aan zijn bedje, om beurten hielden we zijn handje vast, streelden zijn wangetjes. Soms huilde ik, soms huilde Bas, soms Denise, soms de moeder van Denise, soms wij allemaal. Ik heb nooit het gevoel gehad dat ik mijn verdriet moest verstoppen, of dat ik sterk moest zijn voor mijn zoon en schoondochter. In hun verlies stond ik aan de zijlijn, maar in het verlies van mijn kleinzoon waren we allemaal samen, ieder met ons eigen verdriet. Toen de machines afgekoppeld werden, mochten we hem nog een laatste knuffel geven. Hij lag daar zo mooi, met een glimlach op zijn lipjes. Hartverscheurend.”

Brieven aan mijn kleinzoon

“Toen we buiten kwamen, volgde de gruwelijke realiteit: dit was echt gebeurd en nu moesten we verder. Ik werd overrompeld door een heftig moedergevoel. Ik wilde voor mijn zoon en zijn gezin zorgen, ik kon de gedachte niet verdragen dat ze hier alleen doorheen zouden moeten. Met z’n allen reden we naar ons huis en van daaruit regelden we de praktische zaken. Die eerste dagen en weken vluchtten Bas en Denise vaak naar ons huis en naar het huis van haar ouders. Bij hen thuis herinnerde alles aan kleinzoon Freddy. Zijn speelgoed lag overal, zijn kleertjes, het was te confronterend. Slapen deden ze in hun eigen huis, maar bij hun ouders konden ze min of meer tot rust komen. Het was alsof ons gezin weer het kerngezin werd.

De afscheidsceremonie was een liefdevol groepswerk. We schreven allemaal een brief aan Freddy, die werd voorgelezen tijdens de dienst. Het was een warm afscheid, er kwamen meer dan vijfhonderd mensen. Niemand van ons heeft die dag bewust meegemaakt. Daarvoor was het verdriet te groot en de realiteit te onwezenlijk.

Eerste verjaardag

De week na de crematie zouden we Freddies eerste verjaardag hebben gevierd. Bas en Denise had een feest willen geven met alles erop en eraan. In plaats daarvan zijn de twee families bij ons thuis gekomen. Het werd een onvergetelijke dag. Een dag om te koesteren, net als het leven van Freddy. Er was een taart met één kaarsje dat Daan, zijn broertje van zes, mocht uitblazen. We lieten gekleurde ballonnen met wensen op, naar ons sterretje in de hemel. Er werd gehuild, maar ook gelachen. Er was vooral heel veel liefde. Vanaf nu zullen we altijd de verjaardag van Freddy samen vieren, met beide families. Dat heeft mijn kleinzoon gedaan: ons dichter bij elkaar gebracht. Dankzij hem is er nog meer liefde in ons gezin, nog meer verbondenheid.”

Overweldigende liefde

Voordat ik kleinkinderen had, dacht ik altijd dat ik van niemand zo veel zou kunnen houden als van mijn eigen kinderen. Tot Menno werd geboren, het eerste kind van Bas en Denise. De liefde die ik voor hem voelde, was zo overweldigend dat het bijna pijn deed. Toen Bas en Denise me vertelden dat ik nog een kleinkind zou krijgen, was ik weer bezorgd. Zou ik van dit tweede kleinkind wel net zo veel kunnen houden als van Daan? Maar wat blijkt: als moeder en grootmoeder heb je een onuitputtelijke bron van liefde voor elk nieuw kind en kleinkind. Nu waarschuw ik vriendinnen en collega’s die op het punt staan grootmoeder te worden: je gelooft me nu nog niet, maar de liefde voor je kleinkind zal je overweldigen.’ Achteraf geven ze me allemaal gelijk.

Oma

Oma zijn is anders dan moeder zijn. Met mijn eigen kinderen heb ik nooit zo veel gespeeld als met kleinzoon Freddy. Als moeder had ik altijd wel wat te doen: het huishouden, mijn werk, de tuin. Bij Freddy was al mijn aandacht voor hem. Ik heb hem zien opgroeien van hulpeloze baby tot kleine ontdekker. De laatste weken van zijn leven waren zo veelbelovend. Hij stapte al rond aan mijn hand, sprak zijn eerste woordjes en kende me zo goed. Ik zal nooit vergeten hoe hij kon schateren als we kiekeboe speelden, hoe hij kon genieten van zijn eten, van de wandelingen die we samen maakten.

Ik had nooit gedacht dat je zo close kon zijn met een kleinkind. Als oma kon ik puur genieten. Ik hoefde hem niet op te voeden, dat was de taak van zijn ouders. Voor mij was het alleen maar plezier. Dat die vreugde me zo bruusk werd ontnomen, raakt me dieper dan ik ooit had durven denken. Het fysieke gemis had ik niet verwacht. Het feit dat ik zou smachten naar zijn knuffels, dat ik ’s nachts wakker zou worden omdat ik hem ruik – om daarna te beseffen dat hij er echt niet meer is.

Toekomst verdwenen

Het klopt ook gewoon niet. Met Freddy is een stukje van de toekomst verdwenen. Ik ben het verleden, ík heb het grootste deel van mijn leven gehad. Mijn kinderen zijn het heden, zij leven nu. En de kleinkinderen zijn de toekomst. Hoe vaak heb ik niet naar hun foto’s staan kijken, fantaserend hoe ze er over tien jaar uit zouden zien? Bij Freddy zal ik het nooit weten. Ik kan moeilijk bevatten dat hij voor altijd een baby zal blijven. Vaak denk ik aan wat hij nu al zou kunnen. Maar Freddy zal nooit naar school gaan, zal nooit versjes opzeggen, zal nooit honderdduizend keer ‘waarom’ vragen…”

Hun eigen verdriet

“Het is niet eenvoudig om je rol te vinden in het verlies van een kleinkind. Toen het pas was gebeurd, had ik moeite om mijn zoon en schoondochter alleen te laten. Ik wilde voor hen zorgen, de pijn wegnemen. Maar ik heb mezelf gedwongen om hen de ruimte te geven. Ik weet dat ze het samen moeten verwerken, dat ze samen door dit verdriet moeten en elkaar moeten troosten. Ze houden zich zo sterk.

Ik heb me wel zorgen gemaakt om mijn zoon. Met mijn schoondochter en haar moeder kan ik goed praten, maar mijn zoon sloot zich in het begin af. Als kind al liet hij zijn gevoelens niet graag blijken. Ik was bezorgd, maar wilde ook niet te dicht op zijn huid zitten. Het was een zoektocht, waarbij ik hem van een afstandje duidelijk maakte dat we er zijn voor hem, dat we meeleven. Dat hij een warm thuis heeft waar hij altijd welkom is. Het heeft even geduurd, maar onlangs hebben we een goed gesprek gehad. Een doorbraak. Toen hij uitsprak dat hij zo veel verdriet had, brak mijn hart. Hem zien huilen, is hartverscheurend. Maar ik weet ook dat het goed komt. Hij moet door dat verdriet heen, samen met Denise en Daan, hoeveel pijn het ook doet.”

Dit artikel verscheen eerder in Libelle.

Niks meer missen? Schrijf je in voor de Libelle nieuwsbrief!

Interview: Lisa Gabriëls. Beeld: iStock.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden