null Beeld

Memoires van een Maîtresse – Deel 35: “Ik wil geen minnares meer zijn”

Net nu Sabine probeert om haar leven opnieuw richting te geven, zoekt de Kapitein weer contact. Wat moet ze daar nu weer mee?

Ik liet ‘m liggen. De hele nacht. Oké, ik las ‘m wel 12 keer. Of 20. Wat wil ik hiermee? Ik mis hem ook. Zijn ogen, zijn geur, zijn huid. Zijn handen, zijn grapjes, zijn stem. En – uiteraard – de goddelijke orgasmes. Als wij vrijen komt er applaus uit de hemel. Maar ja, ik weet dondersgoed dat hier geen toekomst in zit. Hij heeft zijn vrouw en ik ben bezig om mijn nieuwe leven met de meisjes in te richten. En dan heb ik het nog niet eens over die vraagtekens met Landford en Remco.

De volgende ochtend krijg ik een whatsappje van ‘m. Een plaatje, I carry your heart (in my heart) staat er. ‘Ik mis jou ook’ typ ik terug. Gauw douchen en naar kantoor. We brainstormen voor een nieuwe klant, een koffiemerk. Ik heb energie voor tien en het ene na het andere goede idee rolt mijn mond uit. Jorrit is naast me komen zitten en ik zie hoe hij naar me kijkt. Even later schuift hij een dubbelgevouwen briefje over tafel, zoals Eef en ik dat vroeger deden, op de middelbare school. Goeierd, staat erop. Met een beetje bloos lach ik terug.

Wanneer ik na de meeting op mijn telefoon kijk, appt de Kapitein: ‘Mag ik je bellen?’ ‘Jij wel’, typ ik terug. Zonder jas loop ik naar buiten. Op de parkeerplaats plant ik mijn billen op een muurtje. Trrrrr, trrrr. Een onpersoonlijk nummer licht op in mijn scherm. Oh ja, ik had zijn naam verwijderd. “Hi.” “Hi.” “Hoe is het?” “Ja, eh goed. Denk ik. En jij?” Ik ril ervan, een combinatie van zenuwen en kou. “Wat fijn om je weer te horen meis.”

“Ik mis je zo joh. Na je appje was ik eerst boos. Heel boos. En daarna dacht ik alleen maar aan hoe leuk we het hadden. Ik kon echt niks meer. Heb me zelfs een dag ziek gemeld hier aan boord. Die gasten hier begrepen er niks van. Ineens zag ik in hoe mooi we samen zijn. En dat dus los van de allerlekkerste sex ooit hè.”

Mijn hart golft en mijn hoofd duizelt. Ze ruziën met elkaar. “Dat waren we ook lieve,” zeg ik. “Maar jij hebt een gezin en ik moet een leven opbouwen. Ik wil geen minnares meer zijn. Jij plukt mijn haren van je jas als we elkaar hebben gezien en wast je handen driedubbel. Dat snap ik vanuit jou, maar ik wil uiteindelijk een relatie waarin ik er mag zijn. Met huid en haar, zeg maar.”

“Dat verdien je ook meis. Weet je wat ik dacht, vorige week, toen ik weer wakker lag? Ik realiseerde me dat ik me zó verbonden met je voel, dat ik zelfs een kind van je zou willen. Wat?! Een kind? “Echt?” “Ja. Echt. Zo gek als op jou ben ik nog nooit op iemand geweest. Daar ben ik inmiddels wel achter.”

Vanaf de parkeerplaats zie ik hoe Claire door het raam naar me zwaait. Ik moet ook wel weer naar binnen, natuurlijk. “Lieverd, je overvalt me nogal. En je maakt me ook heel blij. M’n baas staat al te loeren naar me, dus ik moet weer even aan de slag.” “Snap ik. Vannacht heb ik de hele nacht dienst, maar bel me gerust hoor. Wat ben ik blij dat ik je weer gesproken heb joh.” “Ik ook”, zeg ik zacht. “Tot later.”

“Nog één vraag meis. Wat denk jij? Worden we samen oud?”

Beeld: iStock

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden