null Beeld

PREMIUM

Suzanne kreeg na 9 jaar eindelijk een zoon: “Ik heb meer dan honderd zwangerschapstesten gedaan”

Suzanne Beentjes Sanchez (40) wilde maar één ding: moeder worden. Na negen jaar in de medische molen en een loodzware zwangerschap kreeg ze een zoon. “Het was alle ellende meer dan waard.”

Als ik een trotse moeder onder aan de glijbaan zag staan om haar kind op te vangen. Als ik een vader met zijn dochtertje aan de hand zag in het park. Als ik oppaste op de baby’s en peuters van vriendinnen. Als ik in de dierentuin blije opa’s en oma’s zag lopen met hun kleinkinderen. Altijd voelde ik een steekje in mijn hart. Waarom was het al deze mensen wel gegund een kind te krijgen en mij niet? Het betekende veel voor mij als vriendinnen mij vroegen op hun kind te passen, anders had ik me helemaal een mislukkeling gevoeld, iemand die blijkbaar echt niet voor kinderen kan zorgen. Diep vanbinnen deed het pijn. Niet omdat ik mijn vriendinnen het geluk niet gunde, maar ik wilde het zelf ook zo graag ervaren. Meer dan wat dan ook ter wereld.”

Geen eisprong

“Van kleins af aan wist ik dat ik later moeder wilde worden. Ik vind kinderen geweldig, was altijd aan het oppassen op kindjes uit de buurt en toen ik ouder werd, ging ik in de kinderopvang werken. Heel leuk, maar het allermooiste, dat wist ik zeker, zou een kindje van mezelf zijn.

Toen ik op mijn 27e Richard leerde kennen, leek die droom dichterbij te komen. Al snel hadden we een fijne, stabiele relatie en woonden we samen. Richard wilde net zo graag een kind als ik. Ik had hem wel gewaarschuwd: waarschijnlijk zou zwanger worden niet vanzelf gaan, want op mijn zeventiende was er PCOS bij mij vastgesteld, een

aandoening waardoor er geen normale eisprong kan plaatsvinden. De gynaecoloog had destijds al tegen mij gezegd: ‘Als je ooit zwanger wilt worden, moet je hier maar terugkomen.’ Maar na ons trouwen wilden we eerst proberen natuurlijk zwanger te worden. Een jaar lang probeerden we het, zonder resultaat. Ik was eigenlijk best opgelucht toen dat eerste jaar voorbij was: nu konden we tenminste actie gaan ondernemen.

Door omstandigheden duurde het nóg een jaar voordat ik kon beginnen met mezelf elke avond een injectie in mijn buik te geven om een eisprong op te wekken. En dat werkte! Op echo’s was te zien dat er een eitje zat. Dan zei de arts: ‘Morgenavond moeten jullie het samen gezellig gaan maken.’ Vrijen op commando was gek, maar ook mooi. Eindelijk wisten we dat de kans er was dat ik zwanger zou raken. Het duurde vervolgens steeds twee weken voor ik een zwangerschapstest mocht doen. Dat wachten duurde zó lang en telkens was er weer die teleurstelling van een negatieve test. Dan baalden we even enorm, maar elke keer gingen we er weer positief tegenaan: volgende keer beter. Ik werd ook zowaar een keer zwanger. We waren voorzichtig blij, maar op de dag dat ik mijn eerste echo zou hebben, kreeg ik een miskraam.”

Honderd keer teleurstelling

“In negen jaar tijd heb ik meer dan honderd zwangerschapstesten gedaan. Honderd keer teleurstelling, honderd keer verdriet. Naarmate de tijd vorderde, stapten we over op andere, ingrijpendere behandelingen, die een grote impact op mijn lichaam hadden. Vaak was ik moe en had ik vreselijke buikpijn. Na al die jaren wist ik helemaal niet meer hoe mijn lichaam functioneerde zonder hormonen. Ik ben nog twee keer heel kort in verwachting geweest, maar beide keren kreeg ik al heel vroeg een miskraam.

Intussen werden steeds meer vriendinnen zwanger. Ik was steeds oprecht blij voor hen, maar het deed ook pijn. Het hielp dat iedereen heel begripvol was en dat ze bij babyshowers en kraambezoeken altijd even liet weten hoe naar ze het voor mij vonden. Toch werd positief blijven steeds moeilijker. Gelukkig werd ik op een gegeven moment door mijn arts doorverwezen naar een psychologisch verpleegkundige. Hoe goed ik ook met mijn vriendinnen en Richard kon praten, zij was de enige bij wie ik volledig mezelf kon zijn en bij wie ik al mijn wanhoop, tranen en twijfels eruit gooide. Dat was ontzettend fijn. Ik begon me erbij neer te leggen dat het niet zou gaan lukken. Ik deed álles om zwanger te worden, leefde supergezond, was twintig kilo afgevallen, en toch ging het niet. We hadden het steeds vaker over een leven zonder kinderen: dan zouden we maar extra vaak op vakantie gaan en veel oppassen op kinderen van vrienden. Adoptie hebben we nooit serieus overwogen, dat past niet bij ons en we hoorden ook behoorlijk wat negatieve verhalen.”

Ellendig én dolgelukkig

“Ik stond op het punt met alle behandelingen te stoppen, omdat ik lichamelijk en geestelijk helemaal op was, toen ik ineens zwanger bleek te zijn. Ik maande mezelf rustig te blijven: oké, leuk voor nu, maar we zien wel hoe het loopt. Hoewel ik niet echt blij durfde te zijn, voelde het deze keer anders. Ik had meteen allerlei zwangerschapskwaaltjes, was moe, moest vaker plassen. Nadat ik voor het eerst had overgegeven, heb ik blij mijn moeder gebeld: ‘Mam, ik heb overgegeven!’ Zolang ik me niet lekker voelde, was dat voor mij een teken dat ik nog steeds in verwachting was. Maar al snel hield ik niets meer binnen, hing ik dertig keer per dag en nacht boven de wc. Toen ik vijf weken zwanger was, moest ik worden opgenomen in het ziekenhuis, voor een infuus met vocht. Ik was blij, want ik wist: nu krijg ik ook al een echo, eerder dan gepland. Toen ik het hartje zag kloppen, was ik dolgelukkig, hoe ellendig ik me ook voelde. Ik bleek HG te hebben, extreme zwangerschapsmisselijkheid. Negen maanden lang ben ik doodziek geweest. In totaal heb ik vier keer in het ziekenhuis gelegen, omdat ik was uitgedroogd. Ik kreeg sondevoeding, maar ook dat slangetje spuugde ik met net zo veel kracht weer uit, zelfs toen die helemaal tot in mijn darm werd ingebracht. Geen zwangerschapskilo’s voor mij: ik viel elf kilo af.

Ik maakte me ontzettend veel zorgen. Zou mijn kindje wel genoeg groeien daarbinnen? De artsen stelde me steeds opnieuw gerust: de baby bleek het prima te doen. Maar van mijn zwangerschap genieten kon ik niet, ik lag alleen maar doodziek op de bank. Ik kon niet lekker winkelen en schattige babypakjes door mijn handen laten gaan of met collega’s en vriendinnen kletsen over mijn zwangerschap. Van die gewone dingen waarop ik me juist zo had verheugd. Ook kreeg ik nog zwangerschapsdiabetes en een hoge bloeddruk en moest ik insuline spuiten en medicijnen slikken voor mijn bloeddruk. Nóg meer zorgen over de baby. Maar steeds weer bleek dat die vrolijk groeide in mijn buik.”

Geweldige bevalling

“Met 37 weken werd de bevalling ingeleid, ik was helemaal op. Ik wist niet waar ik de kracht vandaan moest halen om zelf te bevallen, maar wilde het toch proberen. Een keizersnede kan altijd nog, dacht ik. Wonder boven wonder had ik een geweldige bevalling. Ik voelde zo’n oerkracht in me naar boven komen, binnen tien minuten was Dani er. Dat gevoel toen hij op mijn buik werd gelegd is onbeschrijfelijk. Ik was zo in- en ingelukkig, zó trots. Dani woog 3200 gram en bleek kerngezond. Hij had zo naar huis gemogen, maar ik was lichamelijk enorm verzwakt en moest een week in het ziekenhuis blijven. Ik kende bijna elke gynaecoloog en verpleegkundige van de fertiliteitsafdeling, iedereen kwam langs om me te feliciteren. De misselijkheid was als sneeuw voor de zon verdwenen, ik hoefde alleen nog maar te genieten van onze prachtige zoon.

Het moederschap is alles wat ik me ervan had voorgesteld. Het was alle ellende meer dan waard. Dani is nu anderhalf. Het is soms nog steeds onwerkelijk dat hij gewoon echt van ons is. Als hij bij me kruipt en zijn armpjes om me heen slaat, moet ik mezelf gewoon knijpen. Hoe leuk ik de kindjes van vriendinnen en op mijn werk ook vind, een kind van jezelf is zo bijzonder, soms zou ik het wel van de daken willen schreeuwen. Richard en ik hebben besloten niet voor een tweede te gaan, al liggen er nog twee bevruchte embryo’s van ons in de vriezer van het ziekenhuis. De kans is heel groot dat alles terugkomt: de HG, de zwangerschapsdiabetes, de hoge bloeddruk, die ik overigens nu nog steeds heb. Tijdens een tweede zwangerschap zou ik waarschijnlijk niet zelf voor Dani kunnen zorgen, dat is het mij niet waard. Hoe jammer ik het ook vind dat Dani geen broertje of zusje krijgt, het is goed zo. We zijn een gezin. Mijn droom is uitgekomen.”

Interview: Krista Izelaar. Fotografie: Petronellanitta.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden