null Beeld

Sylvia Witteman: “Het stinkt thuis zo erg dat we met de balkondeuren open eten”

Sylvia Witteman (54) is getrouwd, heeft een dochter (22), twee zoons (18 en 16) en katten Lola en Siepie. Deze week kleunde ze flink mis met wasverzachter.

Mutsigheid kent geen tijd, maar het wordt wél erger als je ouder wordt. Ik had niet durven vermoeden dat ik me ooit zou bekommeren om de geur van wasmiddel, maar nu, op mijn 55e, is het toch echt zover. Een goede neus heb ik altijd gehad, trouwens. Mensen op straat kan ik vaak op afstand al ruiken, wat soms best jammer is. In het geval van een aangekoekte zwerver bijvoorbeeld. Maar soms ruiken mensen ook heel lekker. De meeste parfums vind ik te sterk, maar als iemand naar schone was ruikt, snuif ik nog eens extra. Ik houd van die geur. Ik heb weleens, en ik weet dat ik me nu op een hellend vlak begeef, op straat aan een wildvreemde gevraagd welke wasverzachter ze gebruikt. In de supermarkt draai ik van elk nieuw merk een fles open om aan te ruiken.

Ik dacht dat ik alles al kende toen van de week vriendin B. langskwam, die een heerlijke geur verspreidde. Hebberig vroeg ik om welke wasverzachter het ging.

“O, dat is echt wat voor jou”, zei ze. “Het is wasparfúm, veel beter dan wasverzachter. Ook voor je kleren en voor het klimaat. Probeer maar eens. Ze hebben proefpakketjes, dan kun je zelf ruiken welke je het lekkerst vindt.” Ze appte me een linkje.

Zo gezegd zo gedaan. Gisteren kwam er een pakketje met twaalf kleine sachets erin. Ze hadden zachte pastelkleuren, waren gevuld met vloeistof en hadden romantische namen: Perla, Dolce, Zirconia, Diamante, Smeralda, Aquamarina... Mooi hoor, maar hoe ruikt een diamant, een parel of een smaragd? Gewoon maar op goed geluk zo’n zakje openmaken en in het wasverzachterbakje van de wasmachine gooien?

Nieuwsgierig scheurde ik er eentje open. Er kwam een nare chemische bloemengeur uit. Dit wilde ik beslist niet bij mijn was doen. Brrr! Weggooien? Dan zou mijn hele vuilnisbak en dus mijn keuken ernaar gaan ruiken, want dichtmaken kun je zo’n zakje niet meer. Voorzichtig zette ik het rechtop in een leeg kwarkbakje op het aanrecht.

Ik opende een tweede zakje. Dat stonk naar oostbloktoiletverfrisser. Het derde zakje? Sigarenkistjes met B-merk frambozenlimonadesiroop. Het vierde rook naar de ‘odeklonje’ van mijn (reeds lang gestorven) tante Johanna. Ik zette ze allemaal voorzichtig rechtop in het kwarkbakje. Straks zou ik alles tussen duim en wijsvinger naar buiten dragen en in de vuilcontainer op de hoek laten verdwijnen.

Pas bij het negende zakje had ik beet. Het rook precies zoals vriendin B. had geroken. Heerlijk! Verheugd rende ik naar boven om een wasje te gaan draaien.

Toen ik de trap afkwam, dreunde me een mix tegemoet van al die vieze luchtjes door elkaar heen. Het kwarkbakje lag op de grond, de zakjes waren leeggelopen op de vloer. Mijn achterlijke kat Lola zat ernaast. Met haar domme gele knikkers staarde ze me aan. Haar staart was nat van het parfum.

Dat is nu 24 uur geleden. We hebben Lola zo’n beetje gewassen, maar het hielp niet. Het hele huis stinkt zo dat we eten met de balkondeuren open.

Lola heeft nergens last van. Ze spint.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden