null Beeld

Sylvia Witteman: “Rijden? Ik heb al 10 jaar geen stuur meer in mijn handen gehad”

Sylvia Witteman (54) is getrouwd, heeft een dochter (22), 2 zoons (18 en 15) en katten Lola en Siepie. Sylvia koopt deze week een voertuig waar ze later alweer spijt van krijgt.

Als we dan toch niet naar het buitenland gaan deze zomer, dan kunnen we van het uitgespaarde geld misschien een oude camper kopen. Het was maar een gedachte die in mijn hoofd floepte, maar ik had het blijkbaar hardop gezegd. Aan het ontbijt. Waar mijn kinderen bij waren. Mijn jongens sprongen op en begonnen te dansen en juichen als in een oubollig kinderboek. Huisgenoot P. schudde zijn hoofd, en sprak: “Een camper? Dat gaat toch zomaar niet...”

Nu ben ik allergisch voor de uitdrukking ‘Dat gaat zomaar niet’. Mijn moeder zei het te pas (en vooral te onpas) toen ik klein was. Na het eten een Italiaans ijsje halen in de stad? Dat ging zomaar niet, want dat kostte geld en het was slecht voor je tanden. Een dagje naar het strand? Nee, een andere keer, als het niet zo heet/winderig/druk was. Een jong poesje uit het nestje van de buren? Nee, want stel dat het wegloopt of onder een auto komt. Nooit mocht er eens gewoon spontaan iets.

“Dat gaat zomaar wél!”, gromde ik dus tegen huisgenoot P. en wierp hem een onverzettelijke blik toe. De jongens, intussen, zaten al op Marktplaats te kijken met blosjes op hun wangen en glanzende ogen. “Waar wil je hem neerzetten?”, zei P. spottend. “Hier voor de deur?” Ja, dat was wel even een dingetje, maar er ging me een licht op. Mijn zus heeft een buitenhuisje met een grote tuin. Ik belde haar, en ja hoor, hij kon bij haar staan. Prima! Alles raakte in een stroomversnelling. “Kijk, mam, deze!”, hijgden mijn zoons. “Hij is oud, maar alles doet het nog! Hij kost maar...”

Nog diezelfde dag, ik verzin het niet, was ik de eigenares van een 27 jaar oude camper. Een schatje, met alles erop en eraan. Mijn jongens waren hem gaan ophalen, en daar stond hij. Zelfs de verzekering hadden ze al geregeld. Ik kreeg 5 minuten om verliefd mijn nieuwe aanwinst te bekijken, daarna namen de kinderen hem mee ‘voor een ommetje’. Mijn oudste zoon wierp me, voordat hij optrok, een boekje toe. “Hier, dat zat erbij”, zei hij achteloos. “Daar staat in hoe alles werkt en zo.”

Ik sloeg het boekje open. Het was best een dik boekje, zeg maar gerust een boek. Er stond wat je allemaal wel en niet moest doen, in die camper. Met de waterkraan. En de gasfles. En het bed. En het wc’tje. En de douche moest altijd dit en nooit dat. En als het warm was moest de bandenspanning zus, en als het koud was zo. En dat ene piefje mocht niet bevriezen, en dat andere palletje mocht niet in de zon. En in de winter moest hij in de stalling. Stalling?! En bij het rijden moest ik er te allen tijde voor zorgen dat...

Rijden? Ik kan helemaal niet autorijden! Ja, ik heb een rijbewijs, maar ik heb al 10 jaar geen stuur meer in mijn handen gehad. Ik weet niets van piefjes en palletjes en gasflessen en bandenspanning. Wat moet ik in godsnaam met een camper? Waar ben ik aan begonnen? Dat gaat zomaar niet... Mijn moeder had gelijk.

Beeld: iStock

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden