null Beeld

Tessel denkt terug aan Wim waarmee ze een affaire had

Om tien uur stipt belde ik bij Wim aan. Even later stond ik in zijn smalle keukentje. Op het aanrecht stond een enorm bord met croissantjes klaar. Wim was bezig koffie te zetten. Hij gooide bonen in een koffiemolentje en draaide aan de hendel.

Alles in het huis van Wim was een beetje ouderwets. Het zeil op de keukenvloer, de enorme Lundia-kasten propvol boeken, de versleten leren fauteuils in de voorkamer. In de erker stond zijn enorme contrabas op een standaard.

Wim was wat je noemde een echte intellectueel. Hij werkte aan de universiteit, hij had nooit een langdurende relatie gehad en had ook geen kinderen. Ik had hem ontmoet op een datingsite. Bij onze eerste ontmoeting vond ik hem meteen aantrekkelijk ondanks zijn verschoten zwarte T-shirt en suffe bruine schoenen. Maar hij had lieve verlegen blauwe ogen en stug grijsblond haar waar ik met mijn vingers doorheen wilde woelen. En hij bleek intelligent en geestig. Toen we na dat eerste afspraakje samen een stukje fietsten naar huis, zoende hij me bij de stoplichten bij de Stopera. ‘Even proeven’, zei hij lachend.

Dat was het begin van onze affaire. In bed bleek Wim helemaal geen intellectueel, daar was hij meer een rauwe zeeman die van een stevig potje seks hield. Hij had veel vrouwen gehad, dat was duidelijk, ondanks zijn stuntelige loopje, zijn boeken en zijn contrabas. Hij kon me zeer vakkundig neuken en likken en me tot hevige orgasmes brengen. Tussendoor hield hij hele verhalen: over muziek, over boeken, over de landen waar hij had gewoond, over zijn wetenschappelijk onderzoek. Hij was een nerd en een man van de wereld ineen.

Ik stond op het punt mijn hart te verliezen aan deze blonde kerel die in zijn blote kont op mijn bank kon liggen, zijn ogen gericht op mijn boekenkast, luidkeels neuriënd en zingend. Er was alleen één struikelblok: zich echt, écht verbinden kon hij niet. Als we een middag of avond samen waren, hadden we veel plezier en verrukkelijke seks en goeie gesprekken, maar ik voelde dat hij mij op afstand hield. Als ik een gesprek over ons wilde voeren, keek hij van me weg, ontweek hij mijn vragen, snoerde hij me de mond met een kus en schonk hij haastig het laatste restje wijn uit de fles in zijn glas.

‘Wil je wel een relatie?’ vroeg ik hem na een paar maanden.

Hij zuchtte.

‘Weet je’, zei hij toen. ‘Ik kan perfect een weekend alleen zijn. Helemaal niemand spreken. Beetje lezen, beetje op mijn bas krassen, naar muziek luisteren. Ik verveel me dan geen moment en ik ben totaal tevreden met mijn eigen gezelschap. Maar ik realiseer me dat zo’n leven ook wel eenzaam is. Dat een relatie voordelen biedt. Ik kan met jou ook naar een museum en het over een boek hebben. Bovendien hebben we lekkere seks.’

‘Dat vind ik wel een heel verstandelijke benadering,’ zei ik koel, terwijl mijn hart in mijn keel schoot en ik de tranen voelde branden. ‘Ben je wel verliefd op mij?’

Weer zuchtte hij. ‘Eerlijk gezegd: nee. Maar is dat nodig? Verliefd zijn levert alleen maar lastige emoties op die je niet in de hand hebt. Ik denk dat we goed bij elkaar passen. Is dat niet voldoende?’

Nee, dat vond ik niet voldoende. Liefde is toch meer dan de rationele optelsom van twee mensen die allebei van boeken en muziek houden. Ik werd gaandeweg onzekerder. Wim voelde zich bekneld door mijn hunkering naar meer. Hij trok zich terug in zijn schulp, in zijn jongensappartement vol boeken. Onze prille relatie werd na een half jaar gesmoord in een gezamenlijk besluit dat het geen zin had om samen door te gaan.

Een jaar lang hadden we nauwelijks contact gehad. Tot ik vorige week in een opwelling dat appje naar hem had gestuurd, of hij met me mee wilde naar Spa Zuiver, de sauna in het Amsterdamse Bos, waar we samen verschillende keren waren geweest.

Nu stond ik weer in zijn woonkamer die er nog precies zo uit zag als een jaar geleden. Wim kwam binnen met de koffie en de croissants. ‘Zo’, zei hij opgewekt, terwijl hij het blad op de tafel zette. ‘Hup, gauw die koffie opdrinken en een croissantje eten. Kunnen we daarna beginnen aan een lange, hete januaridag. Ik heb er zin in.’

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden