null Beeld

Tracey’s hartoperatie werd uitgesteld door corona: “Volgens artsen zou ik nog maar 6 tot 12 maanden leven”

Tracey de Vroedt (53) zou begin vorig jaar worden geholpen aan haar hart, maar die operatie werd door de coronacrisis uitgesteld. Het lange wachten werd haar bijna fataal.

“Zes jaar geleden werd bij toeval hartruis ontdekt. De klep van mijn aorta bleek niet helemaal in orde, maar daar hoefde toen nog niets aan te gebeuren. Eind 2019 kreeg ik opeens klachten. Ik was sneller moe en had geregeld last van hartkloppingen, ook als ik gewoon rustig in mijn stoel zat. Uit de onderzoeken bleek dat ik dringend geopereerd moest worden, anders zou ik volgens de artsen nog maar zes tot twaalf maanden te leven hebben. Maar net voordat de operatie kon worden ingepland, brak de pandemie uit en werd de reguliere zorg uitgesteld.

Ik ging razendsnel achteruit. In maart fietste ik nog zonder problemen naar het winkelcentrum op negenhonderd meter van mijn huis. Een paar weken later moest ik voor en na het boodschappen doen eerst buiten op een bankje op adem komen en eenmaal thuis meteen gaan liggen. Daarna lukte zelfs het fietsen niet meer, het voelde alsof ik trapte met de rem erop. Ik ben afgestapt en hangend over het stuur naar huis gestrompeld. Vanaf dat moment zijn mijn vrienden – ik ben alleenstaand – boodschappen voor me gaan doen of ik liet het bezorgen. Dat voelde tijdens de pandemie ook veiliger, want steeds als er in de winkel iemand dicht achter me kwam staan om iets uit het schap te pakken, werd ik nerveus. Ik wist: als ik nu ook nog corona krijg, overleef ik het waarschijnlijk niet.”

Pessimistisch

“Mijn wereld werd heel klein, al voelde ik me nooit écht alleen. Mijn vrienden belden elke dag.

Achter mijn huis ligt een grasveld met een bankje waar ik af en toe met een goede vriendin afsprak. Niet lang en natuurlijk op afstand, maar van die momenten genoot ik echt. Vrienden zijn misschien niet hetzelfde als een partner, maar voor mij komt het wel in de buurt. Weten dat er mensen zijn die van je houden – ook al zijn ze niet letterlijk bij je – geeft veel steun.

Ook denk ik dat ik me er deze zware maanden doorheen heb geslagen omdat ik van nature vrij pessimistisch ben. Omdat ik uitga van het ergste – in dit geval dat ik het niet zou overleven – valt de realiteit vaak mee. Psychologen zullen vast zeggen dat dit een heel ongezond beschermingsmechanisme is, maar het heeft me wel geholpen. Daarbij kón ik door mijn lichamelijke toestand helemaal niet in paniek raken, dan zou ik binnen een paar seconden geen lucht meer krijgen en van mijn stokje zijn gegaan. Misschien besefte ik dat onbewust en heb ik mezelf daartegen beschermd.”

Rechtop slapen

“In de zomer werd de reguliere zorg langzaam opgeschaald. Even leek het erop dat ik eindelijk kon worden geopereerd, maar op het laatste moment ging het toch niet door. De reden is me niet verteld, maar ik denk dat er gewoon te veel wachtenden voor me waren. Toen brak ik en heb ik vreselijk gehuild.

Het ging zo slecht met me dat het onleefbaar werd. Zodra ik bukte werd ik duizelig en elke stap die ik zette, kostte enorm veel energie. Als ik een vuilniszak wegbracht, moest ik tegen de container leunen om op adem te komen. Toen ik binnen een week acht kilo aankwam, besefte ik dat het écht misging. Ik hield veel vocht vast en dat is een teken van hartfalen. Mijn hart kon mijn bloed niet goed rondpompen en daardoor lekte er vocht naar mijn buik, benen, enkels en longen. Zodra ik ging liggen, kreeg ik geen lucht meer en stikte als het ware in mijn eigen vocht. Slapen deed ik rechtop met een stapel kussens achter me. Ik kon geen zin meer zeggen zonder te hoesten of benauwd te worden.”

Opluchting

“Ondertussen stond het Malieveld vol met knuffelende gekken, zo noem ik ze maar gewoon. Het deed echt pijn om dat te zien. Ik begrijp niet hoe je zo kunt denken en hoop oprecht dat deze mensen niet ziek worden. Niet alleen voor hen, maar vooral voor patiënten zoals ik. Dankzij dit soort mensen stromen de ziekenhuizen vol en moeten operaties zoals die van mij eindeloos worden uitgesteld. Gelukkig kon ik vanwege mijn kritieke toestand uiteindelijk tóch terecht. Toen ik het verlossende telefoontje kreeg, voelde ik van alles tegelijk: opluchting, hoop én zenuwen.

Het is nu een paar weken geleden dat ik geopereerd ben en het is allemaal goed gegaan. Mijn borstbeen voelt nog beurs, alsof er iemand tegenaan heeft getrapt, maar verder heb ik geen pijn. En hoewel ik nog altijd buiten adem ben als ik naar het toilet loop, krijg ik als ik daarna weer rustig zit wel weer normaal lucht. Dat is voor mij een ontzettend groot verschil, het gevoel te stikken is hierdoor verdwenen.”

Lieve gebaren

“Hoelang het herstel gaat duren en of ik ooit weer helemaal de oude word, weet ik niet. Ik start binnenkort met een revalidatietraject van drie maanden waarin ik lichamelijke, psychische en sociale hulp krijg, dus ik hoef het gelukkig niet allemaal alleen te doen. De emoties van het afgelopen jaar komen langzaam los en soms word ik overvallen door tranen. Die maandenlange onzekerheid is onder mijn huid gekropen. Vooral lieve gebaren raken me nu extra. Een vriend die tijdens mijn operatie en herstel op mijn kat paste, een vriendin die twintig maaltijden in mijn vriezer legde: van zulke dingen schiet ik vol. Waar ik het meest naar uitkijk, is eindelijk weer naar buiten kunnen. Ik heb een rollator gekregen en zodra ik iets meer kracht heb, hoop ik daarmee een rondje om het blok te kunnen lopen – steeds een paar stapjes of een straat erbij. Gewoon kunnen lopen zonder buiten adem te raken of altijd bang te zijn dat er geen bankje staat om op uit te kunnen rusten voelt voor mij als de grootste luxe die er is. Veel meer hoef ik op dit moment niet. Als het dan in de lente lukt om naar de landgoederen van Amelisweerd te fietsen om daar de sneeuwklokjes te bewonderen, ben ik een gelukkig mens.

Als ik eerder was geopereerd, was de kans op volledig herstel groter geweest. Toch heb ik er begrip voor dat er voor mij geen plaats was. God weet hoeveel mensen er nog meer op die wachtlijst stonden, of nog steeds staan. Wel hoop ik dat de groep die de coronaregels aan zijn laars lapt voortaan twee keer nadenkt, want deze mensen bepalen uiteindelijk of er straks nog een bed vrij is in het ziekenhuis.”

Interview: Manon de Heus.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden