Dagboek van Anne-Wil: “Zelden zag ik een man zó bezig met zijn aanstaande vaderschap als Boy”

Anne-Wil heeft twee kinderen, zes kleinkinderen, is getrouwd met Han en werkt in een exclusieve boetiek. Eindelijk praten dochter Manon en zij weer bij op de hei.

Vrijdag

“Mam, wat vind je ervan als we zondag weer eens een eindje gaan lopen met Arie? Het is Pasen, maar behalve een lekker ontbijtje, hebben wij verder geen plannen. Jullie toch ook niet?” “Nee”, zeg ik lachend. “Eieren zoeken is heel ongezellig met zijn tweeën.” “Ik neem Arie dan daarna weer mee naar huis”, zegt Manon. “Ik mis haar nu ik weer meer op ben.” “Ik zal haar ook missen,” zeg ik, “maar ik vind het fijn dat je weer aan wandelen toe bent.” “Het had eigenlijk al wel eerder gekund”, zegt ze. “Ik was er gewoon nog wat te lui voor. Dat krijg je als alles voor je wordt gedaan. Nu Philomena niet meer komt, moet ik wel in actie komen. Eindelijk weer baas in eigen huis! Ik ben om elf uur bij je, oké?”

Zondag

“Straks komt het vrouwtje”, zeg ik tegen Arie als ik haar borstel. Daar geniet ze van. Zodra ik de borstel tevoorschijn haal, komt ze kwispelend naar me toe. Ik vind het niet gek. Ik houd ook van dat gefrummel aan mijn haar bij de kapper, dus waarom zou het voor een hond anders zijn? Ik heb goed voor haar gezorgd. Haar vacht glanst, haar neus is vochtig en ik ben drie keer per dag met haar op stap geweest. Dat laatste was vooral ook goed voor mezelf. In de boetiek haalde ik makkelijk tienduizend stappen op een dag, maar toen ik thuis kwam te zitten, gaf mijn stappenteller heel andere getallen aan. Door Arie ging mijn conditie wat minder snel achteruit. Wie een hond heeft, moet de deur wel uit, weer of geen weer. Bovendien is het ook nog eens leuk om met een hond te lopen. Dat is dan nu jammer genoeg weer voorbij. “Mam, neem nou toch een hond!” heeft Manon gezegd. Het is verleidelijk, maar ik weet ook waarom Han en ik hebben besloten om het niet te doen; zo’n dier beperkt je vrijheid ook behoorlijk. Toch heb ik er moeite mee dat ik Arie na vandaag niet meer om me heen heb.

Maandag

Het voelde zo goed om samen met Manon over de hei te lopen. Arie als vanouds weer een heel eind voor ons uit. Regelmatig kwam ze even naar ons toe voor een aai van Manon. Haar voorkeur was duidelijk en dat stak toch even. Lopend over smalle zandpaadjes vertelde Manon hoe het thuis heel anders is geworden sinds Titia er is. Hoe Wil over haar moedert, hoe Robbert de hele dag foto’s van haar maakt. En Boy… die aanbidt zijn dochter. Iets in haar stem deed me haar bezorgd aankijken. “En dat vind je niet fijn, dat Boy zo dol is op zijn dochter?” vroeg ik. “Natuurlijk vind ik dat wel fijn. Het enige is…” Ze aarzelde even. “Hij is heel lief voor me, maar toch voelt het soms alsof ik er minder toe doe, nu ik Titia heb afgeleverd. Ik weet niet hoe ik het precies moet uitleggen. Misschien overdrijf ik, maar het voelt alsof ik hem ineens een stuk minder interesseer.”

Dinsdag

Ik denk steeds aan de woorden van Manon. Op een bepaalde manier verbaast het me niet wat ze vertelde. Ik heb zelden een man gezien die zó bezig was met zijn aanstaande vaderschap. Het leek alsof Boys leven alleen nog maar draaide om de baby in Manons buik. Nu Titia er is, is al zijn liefde geconcentreerd op haar. Het draait vanzelf weer bij, als iedereen aan de nieuwe huisgenoot is gewend.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden