null Beeld

PREMIUMcolumn

Hanneke: “‘Kom ’s ff kroelen meisje’, zei meneer Emans toen ik nieuwe frikadellen kwam halen”

Redactie

Columnist Hanneke vertelt over het seksueel overschrijdende gedrag dat ze tijdens een van haar eerste baantjes meemaakte.

Met zes kwartjes uit mijn spaarpot maakte ik zes kopieën. Vol vertrouwen hing ik ze aan het prikbord in de supermarkt, die toen nog Super De Boer heette. Ik was elf en vond dat een prima moment om met oppassen mijn geld te verdienen. Opmerkelijk wel, want ik zie mijn elfjarige Freek nu zoiets niet doen. Andersom zou ik mijn baby ook niet zo snel een avond aan een kind uit groep zeven overlaten, maar destijds had ik toch beet. Een aardige vrouw met twee peuters kwam aan de deur om kennis te maken en niet lang daarna verdiende ik mijn eerste rijksdaalder. Uiteindelijk had ik drie oppasadressen waarbij ik tv keek voor geld en die kinderen altijd de hele avond sliepen. Prima deal wel. Eén van die adressen was bij de zus van de vrouw des huizes. Ze woonden in een andere wijk, of ik dat een probleem vond. Nee dus. Mijn vader bracht me er iedere dinsdagavond heen en de vader van de oppaskinderen bracht me drie uur later weer van Breda-zuid naar Breda-noord. De hele rit zaten we zwijgend naast elkaar. Ik keek strak voor me uit en kneep wat in mijn nagelriemen. Bij het uitstappen mompelden we allebei: “Tot volgende week” en dat was het wel. Och, wat voelde ik me sociaal gehandicapt. Wellicht voelde hij hetzelfde.

Na drie jaar was dat oppassen wel klaar en zocht ik een baantje op zaterdag. Iedere zaterdag hees ik me in een witte sweater en een rood schort, en vulde ik de muur met kroketten, frikadellen en nasiballen. Ik was vijftien jaar en groen als gras. Nog steeds drukte de verlegenheid als een te groot stuk stokbrood in mijn strot. Naast de automatiek was de toonbank, waar de dochter van de baas en twee andere twintig-minners friet verkochten aan het winkelend publiek. Ze geinden en kletsten de hele dag, en ik stond erbij en keek ernaar. Dit werd de plek waar ik leerde wisselgeld terugtellen, softijsjes draaien en mijn eerste kennismaking met het belazeren van consumenten. Huisgemaakte kroketten kwamen namelijk gewoon uit een doos van Van Dobben, maar dat mocht ik niet zeggen. Die schaal met witte kroketten mocht ik alleen beneden bijvullen. Achter de wand met frituurovens was een pauzeruimte en een trap naar beneden, waar de grote koelcellen stonden. Hier stond meneer Emans, de eigenaar van vader op zoon, zelf satésaus te roeren en filet americain te maken. Hij noemde me ‘zonnestraaltje’ als ik binnen kwam, of Hanneke Panneke Peperkoek. En ik, als nietskunnend wezen, was blij dat ik gezien werd. En dus blijkbaar niet teleurstelde, ondanks alle onhandigheid. Ik wist namelijk ook dat ik, als ik het goed zou doen, achter die muur vandaan mocht en bestellingen mocht opnemen en frieten mocht verkopen. Zelfs afrekenen, zoals de rest van mijn oudere collega’s. De ambities logen er niet om in die tijd.

“Kom ’s ff kroelen meisje”, zei meneer Emans eens toen ik nieuwe frikadellen kwam halen. De armen wijd, de dikke buik strak in de witte slagersjas. Leesbril in zijn haar gezet, sloeg hij zo die bonkige armen om mijn schouders. “Ach, meidje toch”, zei hij de week daarop, “ik kroel toch zo graag met jou.” Ik kroelde nooit terug, stond daar wat onhandig en wist vooral niet wat te denken. Of te voelen.

Andere collega’s kroelden mij nooit en ik zag hem ook niemand anders kroelen. Maakte dat mij speciaal? Of het elke week gebeurde weet ik niet meer, maar ongemakkelijk vond ik het wel. Thuis vertelde ik niks, tegen vriendinnen ook niet. Pas toen hij de vijfendertig gulden voor de hele dag in het het borstzakje van mijn spijkerblouse stopte, vond ik het echt vervelend en ongemakkelijk. Hoe nat achter de oren ik ook was, ik zag echt wel dat uitbetalen op deze manier nergens voor nodig was. Ik schrok ervan, want hij was toch aardig en ik deed toch goed mijn best? Ik durfde niks te zeggen.

Zodra hij op vakantie was, zag ik mijn kans schoon. Ik nam ontslag. Ik durfde het al die tijd niet persoonlijk te zeggen, bang dat ik hem teleur zou stellen, hij me vast zou pakken of iets anders ongemakkelijks. Ik meldde met onmiddellijke ingang af bij zijn dochter en dat was dat.

Hij belde me meteen toen hij terug was. Dat hij diep teleurgesteld was in me, na alles wat hij voor me had gedaan. Ook toen zei ik niks tegen mijn ouders. Pas laatst, toen ik aan een vriend van me over dit bijbaantje vertelde, drong tot me door dat dit niet oké was. En dat kwam vooral omdat hij een dochter in dezelfde leeftijd heeft. Dus hoezeer alle Jeroens, Harveys, en alle andere muzikanten, fotografen, hoofdredacteuren en patattenbakkers van de wereld ook denken dat aanrakingen, knuffels en geile grapjes ook wederzijds waren: je weet beter. Pas als wat je zegt en doet ook door je vrouw en kinderen gezien mag worden, is het oké. En dat weet je zelf ook best.

Hanneke Mijnster (40 en een beetje) leest, praat en schrijft het liefst over de liefde. Co-oudert vol overtuiging en vindt cola bij de lunch helemaal niet gek. Ze woont vlak bij de kust en zoekt al jaren een hobby.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden