null Beeld Ilja Keizer
Beeld Ilja Keizer

column

James: “Je ziet mensen fietsen, rijden en lopen, maar eigenlijk zie je niets”

Hij is schrijver, journalist en columnist. James Worthy (40) is getrouwd met Artie en vader van James (7). Voor Libelle schrijft James columns waarin liefde centraal staat: voor zijn ouders, zijn gezin en het leven. Geestig, soms hartverscheurend, maar bovenal eerlijk en ontroerend. Deze week schrijft hij over de boodschap achter toeteren in de auto.

Oorlogsverklaring

‘Dat was echt onnodig’, zeg ik tegen mijn vrouw. Ze draait haar hoofd naar me toe en kijkt me woedend aan.

‘Wat was onnodig?’

‘De manier waarop je naar die fietser toeterde.’

‘Hoe toeterde ik dan?’

‘Onnodig agressief. Vroeger toeterde je anders. Toen ik je net leerde kennen, drukte je zachtjes op de toeter. Tegenwoordig beuk je met een vuist op de toeter. Het klinkt ook heel anders. Dit gaat niet meer om PAS OP! of LET OP!, nee, in feite is jouw nieuwe manier van toeteren niets minder dan een oorlogsverklaring.’

‘Maar je zag toch hoe dat meisje aan het fietsen was? Het was levensgevaarlijk. Ik moest uitwijken. Ze had recht op zo’n toeter. Op een vermaning. Ze was gewoon aan het bellen!’

‘Dat begrijp ik, dat mag niet, maar ze had vast een goede reden, toch? Misschien was haar zus aan het bevallen en steunde ze haar telefonisch. Je weet het niet. Dat vind ik zo mooi aan mensen. Je ziet ze fietsen en rijden en lopen, maar eigenlijk zie je niets. Je weet niet waarom ze zo rijden en waar ze heen gaan. Misschien was dit meisje iemand aan het dumpen. Zo ben ik namelijk ook een keer gedumpt. Door een fietsend meisje. Ik kon horen dat ze aan het fietsen was. Ik hoorde niet alleen mijn ex, maar ook de wind. Mijn ex had die dag de wind nodig om me te kunnen dumpen.’

Verhalen

‘Ik vind het zo irritant dat je de verhalen van andere mensen ziet. Je ziet altijd verhalen. Zelfs als er geen verhalen zijn, zie je ze. Dat meisje was over de weg aan het slingeren, omdat ze aan het bellen was. Punt.’

‘Er is altijd een verhaal, schat.’

‘Er is ook altijd een bank waar je op kunt slapen vannacht.’

‘Misschien heeft dat meisje ook op de bank geslapen vannacht. Dat ze daarom zo fietste, weet je wel? Niemand slaapt lekker op de bank. Sowieso is er iets mis met de banken van tegenwoordig. Vroeger zagen banken er nooit comfortabel uit, maar ze zaten wel comfortabel. De banken van tegenwoordig zijn te comfortabel.’

Brul van de moederleeuw

Mijn vrouw veinst een gaap, voordat ze voor de tweede maal vandaag op de toeter van onze auto beukt.

‘Waarom toeter je?’ vraag ik.

‘Om jou te pesten. Je ziet altijd de verhalen van anderen, maar je ziet nooit mijn verhaal. Wat is mijn verhaal? Waarom toeter ik?’

‘Je toetert om ons te beschermen, schat. Jouw toeter is de brul van de moederleeuw. De hyena’s en de stokstaartjes moeten aan de kant gaan. En ze gaan aan de kant, omdat jouw brul geen gewone brul is. Het is geen onnodige brul, nee, je brult de noodzakelijkste brul. Zoals een haan in de ochtend kraait, zo toeter jij. Je maakt de mensheid wakker en je houdt ze wakker. Jouw toeter houdt ons in leven.’

‘Precies! Dat is precies waarom ik toeter’, zegt mijn vrouw.

‘Echt?’

‘Nee, natuurlijk niet. Ik ben gewoon gefrustreerd. De mensen moeten opletten. Het verkeer is geen hangmat.’

Toeteren

Mijn vrouw toetert nogmaals. Het is weer een onnodig harde toeter. Een man op een scooter kijkt om en schudt met zijn helm. De man parkeert zijn scooter pontificaal voor onze auto en stapt af. Hij trekt de helm van zijn hoofd af en loopt richting mijn deur.

De man ziet er sterk uit. Popeye na een bordje spinazie sterk. Hij tikt met een ring op mijn raam en ik druk mijn raam open.

‘Dat was geen fijne toeter, hè jongens?’ zegt de man. In zijn nek zit een tatoeage die ons laat zien dat hij mensen kent de die plaatselijke politie vermoedelijk ook kent.

‘Ik vond het best een doorsnee toeter eigenlijk. Een onbevooroordeelde toeter ook’, zeg ik.

‘Ik vond het echt geen fijne toeter. En weet je wat? Ik had ook helemaal geen recht op een fijne toeter. Ik had recht op zo’n toeter. Ik reed verdomme door rood. Ik bracht mezelf en jullie in gevaar. Dit is hoe iedereen zou moeten toeteren. Een toeter moet je niet inhouden of beteugelen.’

‘Ik toeter altijd zo’, zegt mijn vrouw.

‘Ja, ze toetert altijd zo’, zeg ik.

De man knikt respectvol in de richting van mijn vrouw en loopt terug naar zijn scooter. Ik ontbal mijn vuisten en haal opgelucht adem.

Ik slaap op de bank vanavond.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden