null Beeld

PREMIUMcolumn

José: “Ik wil wonen in een land waar de lucht, het water en de bodem schoon zijn”

Marie José Rozenbroek

José is onderweg en komt protesterende boeren tegen. Ze vraagt zich af waar de concrete plannen zijn om de problemen op te lossen.

Op een wonderschone avond reden we dwars door het land, van Limburg naar de Randstad. Terwijl de lucht van hemelsblauw via rozerood naar diepviolet kleurde, zagen we de laatste stuiptrekkingen van de boerenacties van die dag. Trekkers die over viaducten huiswaarts keerden en spandoeken langs de snelweg die verkondigden dat zonder boeren burgers niks te eten hadden. Mijn vriend toeterde – hij draagt de boeren een warm hart toe. Ik zweeg. Toen vroeg ik voorzichtig of hij ook niet vond dat het wel een paar onsjes minder kon, met die vervuilende intensieve landbouw en miljoenen landbouwdieren en stikstofuitstoot. Nee, dat vond hij helemaal niet, Nederland was volgens hem juist veel te volgebouwd met huizen en wegen.

Terwijl hij ons over de A2 loodste, met links en rechts het Brabantse boerenland, zocht ik op mijn telefoon de feiten op: twee derde van Nederland bestaat uit ‘groene ruimte’: 54 procent daarvan is landbouwgrond, 14 procent natuur. Daarnaast bestaat Nederland voor 19 procent uit water; 13 procent is bebouwd gebied.

Meer dan de helft landbouwgebied – we waren best een beetje verbijsterd. Land dat toebehoort aan de boeren die zich nu zo bedreigd voelen. Die met hun trekkers wegen blokkeren en straten inrijden waar politici wonen. Boeren die van de week door een politieblokkade heen braken bij het huis van stikstofminister Christianne van der Wal. CDA-Tweede-kamerlid Derk Boswijk twitterde dat hij huisbezoek had gekregen toen hij aan het werk was. Zijn kinderen van 4 en 7 waren op dat moment wel thuis. Moet je hun angst en paniek voorstellen bij al die trekkers voor hun deur.

Met de manier waarop de boeren actievoeren heb ik helemaal niks, maar hun wanhoop en woede zijn voorstelbaar, want waar blijft de visie van de landbouwminister, die 25 miljard in zijn zakken heeft, maar concrete plannen voor zich uit blijft schuiven? Eerst zou hij in juni komen met voorstellen, nu is dat november geworden. Die onzekerheid is natuurlijk om gek van te worden, dat snap ik.

Maar dit stadsmeisje is ook bang en bezorgd, want met mijn boerenverstand begrijp ik inmiddels dondersgoed dat de natuur in Nederland naar de gallemiezen gaat. Dat de biodiversiteit met 85 procent is afgenomen, dat nergens in Europa het oppervlaktewater zo smerig is als in Nederland, vervuild door mest en landbouwgif. In al die megastallen langs de snelwegen wonen 11,4 miljoen varkens, 100 miljoen kippen, bijna 4 miljoen koeien en een half miljoen geiten. Samen vormen ze een gigantische vlees- en zuivelfabriek. Al die beesten poepen en plassen de godganse dag, braken daarmee zoveel ammoniak uit en veroorzaken zoveel stikstof dat hier op den duur alleen nog maar braamstruiken en brandnetels willen groeien.

In zo’n land wil ik niet wonen. Ik wil wonen in een land waar de lucht, het water en de bodem schoon zijn, waar voedsel wordt verbouwd, niet te weinig en niet te veel, zonder dat we de boel vergiftigen. Ik vermoed dat dat voor de meeste mensen geldt. En ik snak naar een vrouw of een man met een masterplan, die slim, groots en meeslepend onze landbouw kan hervormen en die zegt: “Allemaal de koppen dicht en de trekkers stil, en lúíster nou eens even.”

Bladenmaker en journalist José Rozenbroek is een nieuwsjunk. Elke week schrijft ze voor Libelle een column over wat haar opvalt en waarover ze zich opwindt.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden