null Beeld

COLUMN

José: “Wie is nou erger? De rat Johan Derksen, of zijn nog rattigere vrienden?”

Marie José Rozenbroek

José vindt het frappant dat Johan Derksen zijn verhaal ‘een beetje’ heeft aangepast: “Derksen, die nooit buigt, beseft natuurlijk dondersgoed dat hij een grens is overgegaan. Door het verhaal zó om te buigen dat het geen verkrachting lijkt, hoopt hij weer aan de andere kant van de streep te komen. Laf. Laffer. Lafst.”

Ik lag gisteren koningsdagbrak op de bank, en keek naar het Achtuurjournaal. Daar kwam Johan Derksen (73) voorbij die in het Talpa-programma VI doodleuk had verteld dat hij, net als Johnny de Mol, ook wel eens een jeugdzonde had begaan. Zo had hij op zijn 22e eens bij een ‘juffrouw’ die bewusteloos op de bank lag een kaars ‘erin’ geschoven. Zijn begeleidende handgebaar liet niets aan de verbeelding over. Ten overvloede zei hij erbij dat je voor zoiets tegenwoordig gevangenisstraf zou krijgen; dat dit ‘technisch’ gezien als verkrachting kon worden gezien.

Ik was al een beetje misselijk van alle genuttigde cavaatjes en tompoezen, nu ging ik over mijn nek. Ik dacht aan het meisje in kwestie, inmiddels een vrouw van rond de zeventig. Reken maar dat ze het voorval nooit is vergeten. Misschien heeft ze het verdrongen – te pijnlijk, te gênant, te beschamend. Hoogstwaarschijnlijk vond ze toen dat ze het over zichzelf had afgeroepen: had ze maar niet zoveel moeten drinken, had ze die kerels maar niet mee naar huis moeten nemen, had ze maar niet… Ik weet maar al te goed hoe genadeloos vrouwen zichzelf kunnen straffen.

De rat Johan Derksen

Later op de avond zag ik het fragment nog een paar keer voorbijkomen; bij Arjan Lubach, bij OP1. Elke keer weer zag ik hoe de tafelgenoten van Derksen in vrolijk gelach uitbarstten. De olijke opmerkingen waren niet van de lucht: hoe groot was die kaars geweest, informeerde Steven Brunswijk grijnzend. ‘Groot’, zei Derksen droogjes. René van der Gijp stelde schaterend dat de juffrouw er nog genadig vanaf was gekomen, want stel dat er een honkbalknuppel naast de bank had gestaan.

Elke keer moest ik kotsen in de emmer die ik voor de zekerheid naast de bank had gezet.

En terwijl ik mijn mond spoelde, vroeg ik me af: wie is nou erger? De rat Johan Derksen, of zijn nog rattigere vrienden? Wat is nou erger: de ‘jeugdzonde’ van Derksen, of het geheul van zijn tafelgenoten? Of het feit dat deze mannen zich oppermachtig wanen, en nog steeds denken dat je voor het oog van honderdduizenden kijkers ongestraft kunt lachen, gieren, brullen over een verkrachting?

Kaarsgate

Wat me nou zo benieuwt: zijn er nog steeds mannen (en vrouwen) die hun schouder ophalen en roepen: ‘Ach, joh, wat er in VI aan tafel wordt besproken, dat is gewoon mannenpraat! Dat gebeurt in zovéél kleedkamers en kantines, daar moet je niet zo truttig over doen, dat zijn geintjes!’

Ik denk dat er een grens is overschreden, dat het lachen is vergaan bij de meeste mensen in het land, én bij Talpa, de omroep die toch al boter op zijn hoofd heeft. Dat de kaarsgate een staart gaat krijgen en dat Derksen dat maar al te goed beseft. Nog geen dag later paste hij, de lafaard, immers zijn verhaal aan: hij zou geen kaars erin – hoe afschuwelijk klinkt dat! - hebben gestopt, maar tussen haar benen gezet. Een andere handbeweging moest nu zijn bewering onderstrepen.

Het zal niet helpen voor Derksen en zijn ouwe kameraden. Het is klaar met hun oudbakken en weerzinwekkende zelfgenoegzaamheid.

Bladenmaker en journalist José Rozenbroek is een nieuwsjunk. Elke week schrijft ze voor Libelle een column over wat haar opvalt en waarover ze zich opwindt.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden