null Beeld

PREMIUMcolumn

José: “Ze weet dat de dood haar op de hielen zit”

Redactie

De zus van José heeft vrede met het feit dat ze binnenkort zal sterven, maar José realiseert zich dat niet iedereen dit voelt.

Lieke Marsman was afgelopen zondag de vierde Zomergast van Janine Abbring. Voor wie het niet gezien heeft: Lieke Marsman is dichter, en momenteel ook Dichter des Vaderlands. Dat betekent dat ze bij belangrijke gebeurtenissen een gedicht schrijft dat in de krant verschijnt. Lieke Marsman is jong, nog maar 32 jaar, en van een schitterende schoonheid. Ik was uit eten geweest met vrienden en we vielen halverwege in het programma. Er was iets verontrustends aan die prachtige jonge vrouw die op dat moment licht gegeneerd over ufo’s aan het vertellen was en over signalen uit een hiernamaals waar ze zo graag in wilde geloven, maar ik kon er niet meteen mijn vinger op leggen. Pas na een minuut of vijf registreerden mijn hersenen wat mijn ogen al hadden gezien: haar asymmetrische lichaam in een blouse met zeegroene bloemen. Ze zwaaide maar met één arm en één hand om haar woorden kracht bij te zetten. Lieke Marsman heeft kraakbeenkanker, vijf weken voor de uitzending waren haar rechterschouder en rechterarm geamputeerd. Ze weet dat de dood haar op de hielen zit en ook al keek ze al die uren trots en onverzettelijk, je zag dat ze kapotging door het besef dat haar leven in de knop gebroken zal worden. En met haar ging ik ook een beetje kapot. Zoveel schoonheid, zoveel denkkracht, zoveel gevoel, zoveel talent. Zoveel levenslust. Onverdraaglijk dat dit alles tot stilstand gaat komen.

Ik dacht natuurlijk aan mijn zus die ergens komende week zal sterven. En al is ook zij te jong om dood te gaan, ze is wel twee keer zo oud als Lieke Marsman. Ze heeft twee keer zo lang mogen leven, met alles d’r op en d’r aan. Ik weet zeker dat ze zou zeggen: dat maakt een wereld van verschil. Ze is klaar voor de dood, na een wondermooie zomer in de tuin van het hospice, waar vriendinnen, vrienden en familie bakken met liefde over haar hebben uitgestort.

Gisteren regende het, voor ’t eerst in maanden. Ik reed naar het hospice, onderweg kocht ik een bos korenbloemen. Maar ik werd onverbiddelijk door de dienstdoende vrijwilliger de deur gewezen; Els heeft zich teruggetrokken in haar hol en wil bijna niemand meer zien.

Eerst voelde ik me afgewezen, toen kon ik voorzichtig glimlachen om dat gekrenkte ego. Daarna was ik alleen nog maar ontdaan. Gisteravond toen ik met mijn dochters at en we praatten over die onnavolgbare tante van ze, voelde ik berusting. Het is goed zo.

Ik dacht ook weer aan Lieke Marsman. Ze zei dat alle manieren van sterven goed zijn. Dat ieder mens het recht heeft het onvermijdelijke op zijn of haar eigen manier tegemoet te treden. Laat haar dus vechten, zei ze, laat haar alsjeblieft vechten tot de laatste snik.

Dying is an art, schreef Sylvia Plath.
Doodgaan is weer kind zijn, denk ik
Volledig overgeleverd
aan de elementen, zonder
dat je iets te zeggen hebt
over de plekken waar het leven
(een kinderwagen als het ware)
je naartoe rijdt

Uit: In mijn mand van Lieke Marsman

Bladenmaker en journalist José Rozenbroek is een nieuwsjunk. Elke week schrijft ze voor Libelle een column over wat haar opvalt en waarover ze zich opwindt.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden