null Beeld

PREMIUMCOLUMN

Nico: “Blijkbaar wil ik niet weten wat andere Dijkshoorns vroeger hebben uitgevreten”

Nico Dijkshoorn

Er is een zeker programma waaraan Nico nooit zou willen meedoen. Wat andere Dijkshoorns hebben uitgevreten, wil hij niet weten.

Het programma Verborgen verleden, waarin bekende Nederlanders op zoek gaan naar de geschiedenis van hun familie, lijkt mij het engste programma om voor te worden gevraagd. Ik ben doodsbang voor het verleden. Geen idee wat er allemaal naar boven wordt gewoeld. Mijn vader heeft als twaalfjarig jongetje, midden in de oorlog, enkele maanden in Duitsland op een boerderij gewerkt. Niemand in onze familie weet waarom. Mijn moeder was na de oorlog enkele maanden in Zwitserland. Ik heb er een heel boek over geschreven, maar ik kon alleen maar fantaseren over wat ze daar allemaal had meegemaakt. Ik hoop dat ze daar gelukkig was.

Luiheid en desinteresse, ik kan het niet anders noemen. Ik wil blijkbaar al heel lang niet weten waar ik vandaan kom en wat andere Dijkshoorns eeuwen geleden allemaal hebben uitgevreten. Ik vind het ook geen prettig idee dat televisiekijkers mij zien huilen. Ik huil heel raar. Niet hartverscheurend of meeslepend. Ik huil zoals je huilt in een bioscoop. Stiekem, alsof er iets in je oog zit. Als ik heb zitten huilen tijdens een film, dan doe ik net alsof ik ook de aftiteling wil zien. Ik laat mijn wangen drogen, terwijl ik zogenaamd kijk wie die catering voor deze film verzorgde. Daarna zoek ik pas weer het daglicht.

Een andere reden om nooit mee te doen aan Verborgen verleden is dat ik met de camera vol op mijn paniekhoofd moet reageren op een brief uit 1667 waarin staat dat Arie Jan Dijkshoorn twaalf jaar in de gevangenis zat, omdat hij melaatse mensen een wondermiddel verkocht dat voornamelijk bestond uit gedroogd stro met stukjes klei. Hoe kijk je dan? Wat moet je zeggen? “Ach, jeetje, daar schrik ik van. Oef, dat moet ik even verwerken zeg, dat onze familie niet alleen maar uit weldoeners bestaat. Ik ga even zitten, laten jullie me maar even met rust.” En dat doen ze dan niet.

Het lijkt mij het allerergst als ze vertellen waar mijn familie oorspronkelijk vandaan komt. Ik haat reizen, en dan zul je altijd zien dat ik een brief uit 1598 moet lezen en dat ik daarna moet mompelen: “Jeetje. Een klein eilandje vlak onder Argentinië. Morgen vertrek ik al?” Ik zou het wel leuk vinden als blijkt dat ik iets gemeen heb met een van mijn voorvaderen. “Nico, ga even zitten. Aafke Maria Dijkshoorn schreef tussen 1710 en 1714 jarenlang een wekelijkse column in een zeer populair tijdschrift.”

Nico Dijkshoorn woont samen met Tanja, heeft twee kinderen uit een vorige relatie en een heel eigen kijk op de wereld.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden