null Beeld

PREMIUMCOLUMN

Nico: “Mijn imago kan zo de vuilnisbak in als ik vrienden mijn huis laat zien”

Nico Dijkshoorn

Nico heeft een geheim dat in scherp contrast staat met zijn imago. Maar hoe ga je daarmee om?

Laat ik gewoon eerlijk zijn: ik koop stoffen diertjes. Zo’n bekentenis kan voorgoed mijn relatie met goede vrienden veranderen. Zolang iemand nog niet in mijn huis is geweest, kan ik onbeperkt de recalcitrante schrijver uithangen. Ik kan in winkels net doen alsof ik de zelfscankassa niet begrijp en tegen mijn vriend zeggen: “Ik kom te weinig buiten. Steeds maar schrijven, schrijven en schrijven.” Ik kan op straat opeens stilstaan en iets noteren in een boekje, zodat mijn vriend denkt: hij heeft iets gezien wat ik niet heb gezien, want hij is een schrijver.

Dit alles, dat hele imago van mij, kan zo de vuilnisbak in als ik vrienden mijn huis laat zien. Overal, van het fietsenhok tot aan de zolder, staan en zitten stoffen diertjes. Ik heb het dan over Meneer Eng, Ekki Eekhoorn, Paardje Paard, Vosje Vos, Kale Kobus en Victor Fruitvlieg. Dan heb ik het alleen nog maar over het halletje.

De eerste keer dat ik een vriend mijn stoffen diertjes liet zien, moest ik een beslissing nemen. Deed ik net alsof ze van mijn kinderen waren geweest of moest ik hem eerlijk vertellen dat ik ze zelf had gekocht? Ik besloot voor eerlijkheid te gaan. Het werd een vreemde tocht door mijn huis. Ik opende de wc-deur en zei: “Mag ik je voorstellen aan Gerard.” Samen keken we naar een harige gorilla, die met hangende armen vanaf de stortbak naar beneden keek of er fatsoenlijk werd geürineerd. En zo ging dat maar door. We stonden voor mijn boekenkast en ik wees naar boven: “Sikko Scheepskameel. In Rotterdam gekocht bij dat ene winkeltje.” In de logeerkamer: “Naast elkaar op de ladekast: Gerard Gibbon, Tante Vogel, Willem Wandluis en natuurlijk Poesie Poes, Schele Kat en K. Ter.”

Zo is het en niet anders. Ik koop diertjes van stof en daarna denk ik na over hun naam. Tanja kijkt er niet meer van op als ik haar midden in de nacht wakker schud, een stoffen rund voor haar neus houd en vraag: “Kapitein Koe of Koning Maaltong?” Nu zit ik met een nieuw probleem. Twee dagen geleden heb ik samen met mijn dochter een heel lieve, kleine, vilten das gekocht. Ik bedoel het dier, niet wat je om je nek hebt. In de winkel noemden ze hem Das, maar dat klopt niet. Volgens mij heet zij, want het is een vrouwtje, Das Lief.

Nico Dijkshoorn woont samen met Tanja, heeft twee kinderen uit een vorige relatie en een heel eigen kijk op de wereld.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden