null Beeld

PREMIUMcolumn

Nico: “Zieke Tanzaniaanse olifanten? Ik was vooral bezig met mijn kaasfondue”

Nico Dijkshoorn

Deur-aan-deurverkopers staan nooit lang aan de deur bij Nico, maar er is nog iets wat ze allemaal met elkaar gemeen hebben.

Ik woon in een straat waar het wemelt van deur-aan-deurverkopers. Het is in de vijftien jaar die ik hier nu woon nog nooit iemand gelukt om mij langer dan twee minuten naar zijn verhaal te laten luisteren. Dat heeft te maken met de toon. Bijna altijd is die infantiliserend. Ik heb mij 62 jaar door het leven geworsteld, ik heb twee kinderen, allebei mijn ouders verloren, vriendschappen gesloten en vriendschappen verbroken, en toch praten ze tegen mij alsof ik net zelfstandig kan plassen.

Voorbeeld. Twee dagen geleden werd er ’s avonds aangebeld. Ik deed de deur open. Er stond een jongen met heel veel haar en een grote geplastificeerde kaart om zijn nek. Hij zei: “Hebt u een ogenblikje voor de olifanten in Tanzania?” Als ik eerlijk was: nee. Boven borrelde een kaasfondue. Ik kon natuurlijk wel doen alsof ik heel nieuwsgierig was naar de handel en wandel van de Tanzaniaanse olifant, maar ik was vooral bezig met mijn kaas. Niets mislukt rampzaliger dan kaasfondue. Ik wilde eerlijk zijn. Ik zei: “Nou nee, ik wil net het stokbrood aansnijden voor bij mijn kaasfondue.” Dat bleek niet voldoende te zijn. Hij zei: “Mag ik u er dan op wijzen dat achtenzestig procent van de Afrikaanse olifanten een vreemde ziekte ontwikkelen, vlak onder hun poten, en dat wij daar door een nieuw soort vegetatie verandering in willen brengen.”

Ik twijfelde. Door mijn fonduehaast te negeren en te openen met: ‘Mag ik u er dan op wijzen’, communiceerde die jongen eigenlijk het volgende: oké boomer, jij staat lekker met een houten lepel in je kaasfondue te roeren en ondertussen strompelen er olifanten door Tanzania, maar wat kan jou het schelen? Als de kaas maar niet gaat schiften. Al vallen allebei de oren van een Afrikaanse olifant naast hem op de grond, wat kan jou het schelen? Meneer is Franse bistro aan het spelen.

Mijn goede raad aan alle deur-aan-deurverkopers: praat tegen mij alsof ik een IQ van boven de 85 heb. Behandel niet iedereen met spierwit haar als een gevalletje stervensbegeleiding. Praat normaal en leer niets uit je hoofd. Zeg niet tegen mij: “Ik zie de gitaar achter u? U speelt nog steeds?” Maak mij niet in vijf zinnen stokoud.

Ja, ik weet dat ik leuk woon. Ja, we hebben mooie planten voor de deur. En nee, ik heb niets met olifantenvoetschimmel in Afrika.

Nico Dijkshoorn woont samen met Tanja, heeft twee kinderen uit een vorige relatie en een heel eigen kijk op de wereld.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden