null Beeld

PREMIUMColumn

Sylvia: “Eindelijk kon ik een écht goede daad verrichten met een voederbal”

Sylvia Witteman

Sylvia Witteman dacht dat ze een goede daad verrichtte toen ze zelf aan de slag ging om een voederbal te maken voor de hongerige vogeltjes.

In de ontnuchterende, koude januari-maand krijgen mensen weleens de neiging schoon schip te maken. Ook ik. Gelukkig heb ik inmiddels voldoende levenservaring om daarin niet te overdrijven. Het hele huis willen opknappen of beginnen aan een heftig dieet, dat zijn voornemens die alleen maar kunnen stranden. Ik hield het dus klein: het uitmesten van de overvolle ijskast. Nou, dat was een dankbaar klusje! Al die uitgedroogde kontjes kerstkaas, hompjes keihard geworden salami, verschrompelde winterpenen en stukken knolselderij, kuipjes slagroom ver over de datum... en een halve pot eendenvet. Dat laatste was over van mijn overigens zeer geslaagde confit de canard, waarbij je eendenboutjes langzaam laat garen in eendenvet om ze vervolgens krokant te braden. Ja, dan blijft er veel vet over. Dat is lekker om bijvoorbeeld aardappels in te bakken. Je kunt het ook best lang bewaren, maar dit stond er nu al erg lang en we hadden de laatste tijd ook wel veel aardappels in eendenvet gebakken. Dat moest maar even voorbij zijn, ook met het oog op mijn eigen vet, dus weg ermee.

Wacht eens even, dat hoefde niet in de vuilnisbak. Daar kon ik met dit koude weer de vogeltjes nog blij mee maken! In de kast lag ook nog een zak pinda’s, per ongeluk ongezouten gekocht en dus door niemand opgegeten. Nu kon ik eens een écht goede daad verrichten met een zelfgemaakte voederbal. Ik liet het vet op kamertemperatuur zacht worden, roerde de pinda’s erdoor en liet alles weer opstijven in een plastic literbak waar roomijs in had gezeten. Daarna moest ik onder de douche, want ik zat van top tot teen onder het eendenvet, maar ach, het was voor de goede zaak.

De volgende ochtend bekeek ik tevreden het resultaat. Nou ja, het was geen bal, maar een rechthoek. Een kniesoor die daarop let, en vogeltjes zijn doorgaans geen kniesoren, zeker niet als het koud is. Ze zouden er vast van smullen. Maar waar? Niet op het balkon, want daar komen mijn katten en opgegeten worden door een kat terwijl je net lekker zit te smikkelen, is al te wreed. Naar het park om de hoek, dat vol zit met hongerige vogeltjes. Daar liep ik al, met die bak in mijn hand. Ik voelde me een goed mens.

Met een mes sneed ik de homp in vieren. Waar zou ik die nu eens neerleggen? O, hier onder de boom, naast de vijver. Een, twee, drie, vier smakelijke hompjes voor de hongerige vogeltjes. Tevreden ging ik op een afstand staan kijken naar het resultaat van mijn liefdadigheid. Daar kwamen ze hoor, met tientallen tegelijk... eenden! Ja, een enkele meeuw en duif zat er ook tussen, maar het waren toch vooral heel veel eenden. Geschrokken sloeg ik mijn hand voor mijn mond. Kannibalisme! En dat was mijn schuld! Maar ja, ze lieten zich de lekkernij goed smaken en ook voor eenden geldt ongetwijfeld: wat niet weet, wat niet deert.

Sylvia Witteman (56) is getrouwd, heeft een dochter (23), twee zoons (20 en 18) en katten Lola en Siepie.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden