null Beeld

PREMIUMDagboek #40

Dagboek van Maud: “Juliet kijkt naar de foto’s en slaat haar hand voor haar mond”

De notaris heeft de laatste erfstukken van Babs aan Maud en Juliet gegeven. Er zat ook een houten kistje bij waarover niets in het testament stond.

Maud

We zijn naar Juliets appartement in Amsterdam gegaan, omdat dat dichter bij het notariskantoor is dan mijn huis. Nout, haar vriend, is uit zijn werkkamer gekomen en lijkt net zo nieuwsgierig naar de inhoud van het kistje als wij.
“Hier is je water.” Mijn zus zet een glas voor me op tafel. Mijn keel is zo droog dat ik nog nauwelijks kan slikken. “Zal ik het openmaken?”, vraagt ze.
“Nee, ik doe het.” Ik neem een slok en trek dan het kistje naar me toe.
“Misschien heeft mama hierin de koopakte van een villa in Frankijk verstopt”, doorbreekt Juliet de spanning.
“Of de bekentenis van een moord”, zegt Nout.
“Jij hebt echt te veel fantasie”, lacht mijn zus, waarna ze hem liefdevol op zijn wang zoent.
Ik voel een kleine steek van jaloezie. Tussen John en mij gaat het de laatste tijd stroef. Niet zo onbevangen en speels als tussen mijn zus en haar vriend.

De sleutel laat zich niet gemakkelijk omdraaien.
“Het lukt niet”, zeg ik terwijl ik het met al mijn kracht nog eens probeer.
“Je moet de andere kant op draaien”, zegt Juliet.
“Dat lukt al helemaal niet”, zeg ik.
“Laat mij maar.” Ze duwt me opzij om er goed bij te kunnen, maar ook zij kan het slot niet opendraaien.
“Mag ik even?” We maken plaats voor Nout. Met één makkelijke beweging klikt hij het slot open. “Voilà”, zegt hij droog.
Met trillende vingers til ik het dekseltje omhoog. Bovenop liggen lichtblauwe luchtpostbrieven, geadresseerd aan onze moeder.

“Zie je wel,” zegt Juliet, “mama heeft nog jaren met die Charles gecorrespondeerd.”
Dat is precies wat ik ook denk. Ik pak de stapel brieven uit het kistje. Eronder ligt een klein zakje. Ik maak het open en schud de inhoud voorzichtig op de tafel. Er vallen drie kleine melktanden en drie plukjes haar uit.
“Zouden die van ons zijn?”, vraagt Juliet.
“Van ons en onze broer Marc misschien”, zeg ik schouderophalend. “Daar staat het.”
Nout wijst op een briefje in mama’s handschrift: ‘Mauds eerste wisseltandje, 1972. Juliets melktand rechtsvoor, 1979. Marcs tandje, 1986.’
“Je hebt gelijk”, zegt Juliet. “Maar we weten niet welk tandje en welke pluk haar bij wie hoort.”
“Je zou een DNA-test kunnen doen met het haar”, zegt Nout.
“Voor mij hoeft dat niet”, zeg ik. “Zo veel voegt dat nou ook weer niet toe.”

“Tenzij eruit blijkt dat jullie allemaal ander DNA hebben.” Juliet en ik draaien gelijktijdig ons hoofd naar Nout toe.
“Wat bedoel je?”, vraagt mijn zus.
“Precies wat ik zeg”, antwoordt Nout. “Misschien zijn jullie wel allemaal van die Charles, of van nog een andere man.”
“Stop!”, zeg ik. “Ik lijk enorm op mijn vader. En Juliet…”
“Ik lijk op mama”, zegt mijn zus. “Maar dat is niet relevant nu…” Ze trekt een sip gezicht.
“Ach Juul, wat maakt het nu nog uit als blijkt dat je niet het kind van papa was?”
“Voor mij veel”, zegt ze aangebrand. “Het zou een heleboel dingen…”
Nout onderbreekt ons.
“Er zit nog iets in het kistje. Kijk, hier onder de dubbele bodem liggen wat polaroidfoto’s.”
Juliet pakt ze uit het kistje en kijkt ernaar. Dan slaat ze haar hand voor haar mond.

Benieuwd wat hieraan vooraf ging? Dat lees je hier.

Koen, de ex-man van Maud schrijft ook iedere week in zijn dagboek. Zijn verhalen lees je hier.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden