De dag nadat... mijn ex-man overleed

PREMIUM

De dag nadat... mijn ex-man overleed

De dag nadat... mijn ex-man overleedBeeld Getty Images

Irene (53): “Zodra ik mijn ogen opendoe en besef dat Thys er echt niet meer is, begin ik weer te huilen. Mijn ex, de vader van mijn kinderen, de man met wie ik zesentwintig jaar getrouwd ben geweest, is dood.

Christien JansenGetty Images

Gisterochtend belde Sophia. Ik hoorde alleen maar gesnik en: ‘Mamaaa...’. Ik kreeg het ijskoud. ‘Schat! Wat is er? Is het mis met papa? Ik kom eraan.’ Zodra we hadden opgehangen, begon ik te trillen en te huilen. Precies op dat moment kwam mijn beste vriendin Ingrid binnen. Ze omhelsde me, pakte me vervolgens vast en zei streng: ‘Je moet nu sterk zijn voor je kinderen.’ Daarna stapte ik in de auto en reed ik naar Sophia toe. Ze stortte zich in mijn armen en we huilden, huilden en huilden.

Ook nu blijven de tranen komen. Thys dood... ik kan het gewoon niet bevatten. Na de stamceltransplantatie leek het zo goed met hem te gaan. Maar vorige week kwam er een schimmel in zijn longen bij – het is zo snel gegaan. Hij is maar zesenvijftig geworden. Sophia appt of ik haar straks naar een wegrestaurant in het midden van het land wil brengen. Daar pikken haar broer Berend en zijn vriend ons op om in alle rust met elkaar afscheid te nemen van Thys. Als ik eraan denk dat mijn kinderen van nog maar zesentwintig en tweeëntwintig geen vader meer hebben, schiet ik weer vol. Af en toe krijg ik berichtjes op mijn telefoon. Niet veel, maar het medeleven doet me goed. Hoe anders zou het zijn als we nog getrouwd waren geweest, flitst het door mijn hoofd. Dan zou er een zee van bloemen en reacties zijn geweest. Ik voel me een weduwe, maar ik ben het niet.

Sophia staat al klaar als ik bij haar huis aankom. Even later rijden we de parkeerplaats op van de afgesproken plek. Berend en Max blijken er al te zijn. We stappen uit en omhelzen elkaar. Maar als ik aanstalten maak om met hen mee te gaan, maken ze me duidelijk dat dat niet de bedoeling is. Ik ben verbijsterd: hier moet ik toch ook bij zijn? Overstuur zeg ik dat ik er ook bij hoor. ‘Mama, wij kunnen jou niet helpen. We hebben net onze vader verloren, dus we kunnen jouw verdriet er niet bij hebben’, legt Berend uit. Ik zie Sophia instemmend knikken. Ze stappen in Berends auto en rijden weg. In shock loop ik terug naar mijn auto. Dit moeten we toch met elkaar doen? Als gezin?

Als ik thuiskom, is Ingrid er nog. Er zou een fonteintje voor de badkamer worden geleverd en ze bood aan het voor mij aan te nemen. Ik vertel over de scène op de parkeerplaats en besef dan pas dat mijn reactie niet de schoonheidsprijs verdient. Ik heb spijt en stuur een spraakbericht naar de gezinsapp. Daarna praat ik met Ingrid over de laatste keer dat ik Thys zag en over hoe boos hij was, terwijl we hadden afgesproken de scheiding liefdevol en vriendelijk te laten verlopen - wat Thys niet kon. Hij was wóest en voelde zich verraden. Hij had met mij oud willen worden, maar voor mij was de koek op. Met als gevolg dat hij me compleet uit zijn leven schrapte en elke vorm van contact weigerde.

Nadat Ingrid is vertrokken, huil ik ongegeneerd. Het is goed om het verdriet niet weg te duwen. Ik denk aan onze oudste zoon, Ruben. Hij was nog zo klein toen hij stierf. De gedachte dat hij nu is herenigd met zijn vader, is troostend. Ik loop naar boven, raffel mijn avondritueel af en stap doodmoe in bed. Vlak voordat ik in slaap val, voel ik ineens heel sterk Thys’ aanwezigheid. In mijn hoofd hoor ik hem zeggen: ‘Laat Berend en Sophia maar even.’ Op slag word ik rustiger. De manier waarop we uit elkaar zijn gegaan was heel pijnlijk, maar ik weet en voel dat we tot het eind van elkaar hebben gehouden.”

Lees hier hoe het verhaal verder gaat.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden