De Stagiair - hoofdstuk 43: “Ik schoof mijn rokje omhoog en Pim duwde me naar de zevende hemel” Beeld Getty Images
De Stagiair - hoofdstuk 43: “Ik schoof mijn rokje omhoog en Pim duwde me naar de zevende hemel”Beeld Getty Images

PREMIUMDe Stagiair

De Stagiair - hoofdstuk 43: “Ik schoof mijn rokje omhoog en Pim duwde me naar de zevende hemel”

Sanna raakte met haar auto de vangrail en komt langzaam weer bij zinnen. De toegesnelde agenten nemen haar mee naar het politiebureau, waar ook Pim inmiddels vastzit.

Hanneke MijnsterGetty Images

Links van mij raast het verkeer langs me heen. Ik voel warme druppels op mijn lippen. De smaak van ijzer. Zojuist schampte ik met honderd kilometer per uur de vangrail en blies de airbag vol in mijn gezicht. Geen wonder dat ik een bloedneus heb.

Mijn hart bonst in mijn keel en ik zie scheel van de hoofdpijn. Maar: ik zie nog. Niet scherp trouwens. In de verte is alles wazig. Mijn hand zie ik alleen als ik hem dicht bij mijn hoofd breng. Ik strijk langs mijn gezicht. Mijn vingers kleuren rood. Ik hoor een sirene aankomen, die is vast voor mij.

Jaren geleden bevond ik me in dezelfde positie, maar dan met Pim. We waren naar een feestje geweest, hadden gedanst en gedronken. Niet veel, maar wel genoeg. Hij reed. De hele avond hadden we gelachen en gezoend. Het was een van de eerste keren dat we samen uit waren, als stel bedoel ik. Ik zag Pim praten en lachen en bekeek hem met een andere blik, zo in een groep. Hij was stoer en ik was trots. Het maakte me nog verliefder. En geil ook. We zoenden leunend tegen de auto en onderweg nog steeds. Ik daagde hem uit door mijn shirtje wat omlaag te trekken zodat mijn borsten boven het halsje uit bolden. Ze kwamen goed uit in het licht van de straatlantaarns en achterlichten. Het werkte, want Pim liet zijn rechterhand in mijn decolleté zakken en kneep nog eens goed in datgene waarvan hij zo hield. Een paar kilometer later legde ik mijn hand op zijn dijbeen en deed hij hetzelfde bij mij. Aaien werd strelen en stiekem schoven we allebei steeds iets dieper op naar het warmste punt van elkaars lichaam. We moesten nog zeker drie kwartier rijden naar huis en jong en ongeduldig als ik was, wilde ik daar niet op wachten. Ik schoof mijn rokje onder mijn billen omhoog en Pim duwde me zachtjes naar de zevende hemel. Niet veel later knoopte ik Pims broek open en trok zijn vleesgeworden lust zachtjes naar me toe. Eerst streelde ik ’m met mijn hand, en later met mijn mond.

“Whoahhh!” riep Pim. “Dit kan echt niet!”

Ik wilde weer rechtop gaan zitten, maar Pim duwde mijn hoofd weer in zijn schoot.

“Nee, niet stoppen, Sanna. Dit is zó lekker, schat.”

Het knobbeltje waar ooit zijn voorhuid had gezeten was het gevoeligst, zei hij, dus daar likte ik lief en lustig. Pim spoot mijn gezicht vol, tijdens het rijden, en daar moesten we allebei zo hard om lachen dat het mis ging. De rechter wielen reden van het asfalt in het gras en we kwamen bruut tot stilstand tegen een gele praatpaal. We reden niet hard, dus gelukkig hadden we niks. Behalve dan een verfrommelde neus en vlekken op de stoel.

De agent die even later kwam en een wegenwacht voor ons belde, complimenteerde ons nog met ons goede humeur. Hij trof niet vaak van die goedgeluimde types, zei hij. Pim moest een blaastest doen en kreeg een boete. Dat heeft-ie me later nog vaak voor de voeten gegooid.

“Mevrouw? Bent u in orde?” Een roodharige agente trekt mijn portier open. “Bent u mevrouw Van Appelen?” Ik knik. “Heeft u een ambulance nodig?”

“Nee hoor, het gaat wel”, antwoord ik.

“Goed, dan mag u bij mij instappen. Ik ben Daniëlle.”

“Nee dat hoeft niet, dank u”, zeg ik. “Misschien doet mijn auto het nog wel. Ik moet-”

“U gaat met mij mee en u gaat met deze auto niet uw dochter zoeken”, zegt de agente. Met een niet te missen nadruk op ‘niet’.

“Maar mijn-”

“Er is al een berger onderweg voor uw auto, ik neem u mee naar het bureau. Uw ex-man wordt verhoord en mijn collega’s willen u ook wat vragen stellen.”

“En Fae?” vraag ik. “Mijn dochter?”

“We doen alles wat we kunnen om haar te vinden.”

Ik ben blij dat deze dame op de hoogte is van Fae’s verdwijning, maar voel er helemaal niks voor om nu mee te gaan naar het bureau.

Ze trekt me voorzichtig aan mijn arm omhoog, en vraagt me mijn gordel los te maken. Wanneer ik naast de auto sta, zie ik pas de mannelijke collega die achter haar staat.

“Romano Landzaat”, groet hij. Hij zou me verbazen als hij de dertig al heeft aangetikt. Ik geef hem slechts een lauwe glimlach terug. “Heeft u nog een tas?” vraagt Danielle voordat ze me de dienstauto in duwt. Ik schud van nee.

Het duurt een eeuwigheid voordat we op het bureau zijn. “Verhoorkamer twee is voor jullie, Daniëlle”, hoor ik de balieklerk van dienst zeggen. We lopen langs verhoorkamer één en ik probeer iets op te vangen van Pims stem, maar ik word hem niet gewaar. Romano loopt links van me en Daniëlle rechts. Hoewel ik met losse handen loop, voel ik me toch geboeid.

De verhoorkamer ziet er een stuk zachter uit dan op tv. Een tafel en een paar stoelen, maar ook kunst aan de muur. Een foto van de stad met opgeblazen pixels en een gedicht. Ik weet zo gauw niet van wie en dat stoort me.

“Koffie, thee of water?” vraagt Romano.

“Water graag.”

“Komt eraan.”

Hij staat op om het te gaan halen, kijkt naar Daniëlle en mij en bedenkt zich dan. In de hoek staat een vaste telefoon en op het moment dat hij de hoorn van de haak neemt, realiseer ik me dat ik een vreselijke fout heb gemaakt.

“Mijn telefoon!” gil ik. “Mijn telefoon! Die ligt nog in mijn auto!”

“Die komt later wel terug, via het bergingsbedrijf”, sust Daniëlle.

“Nee! Dat kan niet!” roep ik. “Ik moet bereikbaar zijn voor Fae! Ik moet ’m hebben. Nu!”

“We kunnen er nu niet bij”, zegt Romano, die de hoorn inmiddels weer heeft neergelegd. “Als er nieuws is over uw dochter, dan hoort u dat via ons.”

“Klopt”, zegt Daniëlle. “Vertel ons nu eerst maar eens wat u precies weet over de vermissing van uw dochter en waarom u daar over de snelweg reed, met een kapotte auto, terwijl u nadrukkelijk verzocht werd om thuis te blijven.”

Met vlakke hand ram ik op tafel. “Dit meen je toch niet!” roep ik.

“Houd op met mij en ZOEK MIJN KIND!”

Hieronder luister je alle muziek die je terugvindt in de hoofdstukken van De Stagiair.

OVER DE STAGIAIR

Elke zaterdag om 22.00 uur verschijnt er op Libelle.nl een nieuw hoofdstuk uit onze erotische thriller ‘De Stagiair’.

Sanna (49) geeft les op een middelbare school. Ze twijfelde toen de stoere skater Laurens solliciteerde om haar stagiair te worden, maar hij pakte haar in met zijn charme en kennis. In de loop van het jaar laat ze hem steeds dichterbij komen en komt-ie zelfs bij haar thuis. En dan is haar dochter Fae (12) ineens verdwenen.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden