4 sportvrouwen op weg naar Tokio

Mijn Olympische droom

null Beeld Petronellanitta
Beeld Petronellanitta

Ze hebben er lang en hard voor getraind en nu is het zover: de Olympische Spelen. Vier atletes staan in de startblokken om hun sportdroom waar te maken.

null Beeld

De BMX-zussen Laura (27) en Merel (23) Smulders nemen voor het eerst samen deel aan de Olympische Spelen. Laura won al brons in Londen en was er ook in Rio de Janeiro bij. Nu zijn ze elkaars concurrenten.

Laura (rechts): “Nog nooit had het dorpsplein van Horssen zo vol gestaan als op 16 augustus 2012 tijdens mijn huldiging vanwege mijn bronzen plak in Londen. Het voelde als goud, want ik had nooit verwacht dat ik een medaille kon winnen, laat staan wat het los zou maken in mijn omgeving.”

Merel: “Het was één groot feest, maar ik dacht meteen: ooit sta ik hier ook!”

Laura: “Op mijn zevende begon ik samen met onze oudere broer Koen met fietsen. Het geeft zo’n kick om over steeds hogere bulten te springen. Merel startte vier jaar later. Het werd een echt familieding, met z’n allen door heel Europa voor wedstrijden. Zonder papa en mama waren we nooit zo ver gekomen. Mama is altijd zenuwachtig en verzorgt ons geweldig. Als we terugkomen van de training maakt ze pannenkoeken of broodjes. De wedstrijden slaat ze over, dat trekt ze niet. Papa, die zelf aan motorcross en mountainbiken heeft gedaan, is onze teammanager. Zij zijn onze grootste fans.”

Verschillend

Merel: “Sinds ik op het WK in Bakoe in 2018 de finale haalde, heb ik dezelfde A-status als Laura en zijn we ook echt concurrenten. Omdat ik herstellende was van een elleboogbreuk had ik geen verwachtingen die dag.”

Laura: “Voor het eerst samen in een grote finale, dat was zo bijzonder. Ik werd daar in de eerste bocht letterlijk door Merel en een Amerikaanse in de sandwich genomen. Bij de tweede bocht was ik hen voorbij en hoorde fietsen vallen achter me. In een split second dacht ik: ik hoop niet dat Merel erbij zit. Ik kwam als eerste over de streep en hoorde achter me Merel heel hard schreeuwen: ze was tweede geworden. Doordat ze zo onbevangen aan die race deelnam, kon ze vlammen.”

Merel: “Het grote verschil tussen ons is dat Laura zich beter kan focussen op één ding, terwijl mijn hoofd een warboel is. Ik moet leren prioriteiten te stellen.”

Laura: “Als ik fiets, heb ik oogkleppen op. Merel heeft vaak te veel energie en is impulsief.”

Merel: “Ik kan niet stilzitten. Vroeger ging ik veel naar vriendinnen toe, nu studeer ik er rechten naast. Daardoor heb ik meer rust. Als ik terugkom van een training, pak ik een studieboek.”

Laura: “Maar omdat we zo verschillend zijn kunnen we ook goed samen wonen en trainen. We halen het beste in elkaar naar boven.”

Merel: “Anders dan Laura ben ik ook bezig met mijn toekomst, we hebben daar regelmatig gesprekken over. BMX-en kun je niet, zoals wielrennen, nog ver in de dertig doen.”

Laura: “Het irriteert Merel dat ik me daar niet druk over maak. Dat is weer dat prioriteiten stellen. Ik weet dat ik succesvoller ben als ik me focus. Ik heb nu maar één doel: goud winnen in Tokio. In 2016 viel ik in de finale, dat was zo’n teleurstelling.”

Merel: “Ze was ontroostbaar, ik voelde zo met haar mee.”

null Beeld

Het zusje van

Laura: “Net als toen zijn de verwachtingen weer enorm hoog. Maar in Rio had ik nog nooit een grote wedstrijd op eigen kracht gewonnen. In een Olympische finale moet alles kloppen en mag je niet hopen op fouten van je tegenstanders. Fysiek was ik nog niet sterk genoeg. Nu ben ik zowel mentaal als fysiek sterker.”

Merel: “Ik vind het al fantastisch dat ik erbij ben in Tokio. Stiekem droom ik ervan om daar samen met Laura de finale te rijden en dan samen op het podium te staan. Wat mij motiveert is dat ik altijd ‘het zusje van Laura’ word genoemd, daarom train ik extra hard. Zodat zij eens moet zeggen: ‘Ik ben het zusje van Merel Smulders’, haha.”

Laura: “Ik maak me daarover nog geen zorgen, mijn eindsprint is beter en ik let beter op mijn materiaal.
Merel checkt haar banden te weinig op hardheid en kwaliteit.”

Merel: “Dat was vroeger.”

Laura: “Nou, deze week gebeurde het ook. Haar band was behoorlijk versleten. Maar ook al is ze mijn concurrent, dan nog leg ik er voor haar een nieuwe op. Zelfs als we straks in Tokio samen in de finale staan. Ik blijf toch haar grote zus.”

null Beeld

Hardloopster Kimberly Alkemade (31) was in 1998 met haar ouders en broers in Frankrijk op vakantie toen ze een busongeluk kregen. Haar moeder kwam om het leven, Kimberly verloor haar onderbeen. Op zoek naar een nieuw doel in haar leven ging ze hardlopen.

“Acht was ik. Zoals elke zomer gingen we met de bus op vakantie naar Spanje. We keken er met z’n vijven naar uit. Ik was als nakomertje van het gezin – mijn broers zijn vier en zes jaar ouder – een vrolijk, goedlachs meisje dat altijd buiten speelde en ervan droomde om verpleegster te worden. In Eindhoven zorgden we ervoor dat we als eersten in de dubbeldekker-bus gingen, zodat we helemaal vooraan konden zitten bovenin vanwege de beenruimte en het uitzicht. Als moederskindje was het logisch dat ik naast mama zat, we waren heel hecht.

Terwijl ik die nacht lekker tegen haar aan sliep, raakte de bus in Zuid-Frankrijk betrokken bij een ongeluk. Van de klap herinner ik me niets. Omdat ik geen gordel droeg werd ik de bus uit geslingerd en ontwaakte na een week uit een coma. Mijn vader zat naast me en ik vroeg meteen: ‘Waar is mama?’ ‘In een andere kamer’, zei hij. Een paar dagen later vertelden ze me dat ze dood was. Het drong nauwelijks tot me door omdat ik zwaar onder de morfine zat. Zelf had ik het ternauwernood overleefd. Ik had veel verwondingen, héél veel bloed verloren en mijn linker onderbeen hadden ze moeten amputeren.”

Deze is voor jou

“In Nederland heb ik maanden in het ziekenhuis moeten herstellen en revalideren. Eenmaal thuis probeerden we het leven weer op te pakken. We hadden veel steun aan mijn tante, zij werd als een soort moeder voor mij. Ik wilde zo veel mogelijk weer deelnemen aan het normale leven en was blij dat ik een prothese kreeg. Daardoor was mijn puberteit niet anders dan die van andere jongeren. Ik heb flink gefeest en had vriendjes. Na mijn studie ging ik werken en ontmoette mijn huidige vriend, met wie ik nu samenwoon. Hoewel het op zich allemaal prima ging, miste ik iets en voelde me niet fit. Ik fietste wel en deed aan boksen, maar niet fanatiek. Ik had een doel nodig. In 2017 kreeg ik een tweedehands blade om mee te kunnen joggen. Er ging een wereld voor me open.

Na verschillende sporten te hebben geprobeerd, koos ik voor het sprinten. Eind 2018 schafte ik mijn eerste sprint-blade aan, daardoor kon ik na twintig jaar weer rennen en kreeg ik steeds meer snelheidsgevoel. En doordat ik me fysiek sterker voelde, werd ik ook mentaal sterker. Ik ging er helemaal voor en won wedstrijden. Vanwege het succes kon ik fulltime atleet worden en trainen op Papendal.

In november 2019 mocht ik deelnemen aan het wereldkampioenschap in Dubai, mijn eerste internationale toernooi. Optimaal voorbereid was ik niet, want kort daarvoor overleed mijn tante. Ze zweefde nog door mijn gedachten, ik miste haar zo erg. Op mijn pols heb ik in Tibetaanse letters het woordje ‘mama’ laten tatoeëren en voor het startschot gaf ik daar een kusje op en wees omhoog: deze is voor jou. Tot mijn verbazing won ik zilver op de tweehonderd meter en brons op de honderd meter. En dat terwijl mijn concurrenten al veel langer hardlopen. Toch realiseerde ik me dat er meer had ingezeten als ik niet was afgeleid door aan mijn tante te denken. Daar ben ik nu veel mee bezig tijdens mijn voorbereiding op de Spelen. Ik wil me focussen op het nu en me niet laten leiden door verdriet uit het verleden.”

null Beeld

Extra uitdaging

“Door de sport kan ik van mijn beperking mijn kracht maken. Ik zit nog wel in het proces van omgaan met de rouw om mijn tante, maar het gaat beter – wat dat betreft kwam het uitstel van de Spelen me goed uit. Ook heb ik gemerkt dat ik optimaal presteer als de mensen om wie ik geef en mijn team dicht bij me zijn, maar door de coronamaatregelen kan dat niet. Dat maakt dit jaar mentaal een extra uitdaging, want mijn vader en broers kunnen er niet bij zijn in Tokio. Elke dag schrijf ik in mijn dagboek: ‘Ik ga vliegen in Tokio’. Maar mijn echte Paralympische droom mag in Parijs in 2024 plaatsvinden, mijn einddoel: dan wil ik, terwijl mijn dierbaren op de tribunes zitten, de beste en snelste versie van mezelf zijn.”
De 2020 Summer Paralympics worden gehouden van 24 augustus t/m 5 september 2021.

null Beeld

Nadat ze begin 2020 een zware knieblessure opliep, werd gevreesd dat judoka Tessie Savelkouls (29) nooit meer zou kunnen sporten. Maar ze gaf niet op.

“Mijn Olympisch droom was goud winnen in Tokio. Daarmee wilde ik me revancheren voor de Spelen van Rio de Janeiro in 2016, toen ik voor het eerst mocht deelnemen. Die vielen zo tegen. Ik had een slechte voorbereiding omdat mijn coach werd ontslagen met wie ik samen daarnaartoe had gewerkt en ik lootte verschrikkelijk zwaar. Door alle gedoe liep ik een medaille mis en heb ik niet genoten. Zo jammer achteraf. Op de Spelen is iedereen op z’n best, daar wil je als atleet schitteren. Daarom zou ik het in Tokio deze keer helemaal anders doen. Het is ook een geweldig stad, waar ik al vaak ben geweest. Judo is zo groot in Japan en het niveau ervan zo hoog. Mensen hebben veel respect voor je als judoka. Maar nu, na een zware blessure, ben ik allang blij dat ik de Spelen heb gehaald. Uiteraard hoop ik daar zo goed mogelijk voor de dag te komen. Maar het blijft judo, alles is mogelijk.”

Uit de kom

“Ik judo al vanaf mijn zesde. Iemand op zijn rug gooien is het lekkerste om te doen. Je tegenstanders zo uitputten dat ze niets meer kunnen. Mijn ouders hebben hele zaterdagen in sporthallen doorgebracht als ik weer wedstrijden had. Ik won veel, trainde graag en hard en werd steeds beter. De beste zijn, dat was altijd mijn drijfveer. In 2014 werd ik Europees kampioen in mijn klasse en na de teleurstelling van 2016 werd ik alleen maar sterker en nog beter. Ik lag helemaal op koers voor Tokio 2020. Eind 2019 won ik in China het Masters-toernooi, ik behoorde daarmee tot de tien besten van de wereld. Een maand later won ik zilver op de Gran Prix van Tel Aviv.

Ik was in de vorm van mijn leven. Vol vertrouwen nam ik in februari 2020 deel aan de Grand Slam in Parijs. Meteen al in de eerste ronde moest ik tegen de Française Dicko, tegen wie ik kort daarvoor nog kansloos had verloren. Het ging gelijk op, maar toen maakte ze een actie op mijn knie, juist op het moment dat ik naar voren stapte. Daardoor schoot de knie uit de kom en raakte mijn onderbeen los. Het zag er akelig uit. Maar omdat de adrenaline door mijn lijf gierde, voelde ik geen pijn. In het ziekenhuis bleek dat er ook een scheurtje in mijn slagader zat en dat de zenuw die mijn voet aanstuurt was afgescheurd. Ik besefte: deze Spelen kan ik vergeten. Ze gaven me één procent kans dat de zenuw weer aan elkaar zou groeien en normaal zou functioneren. Maar daarmee gaven ze me ook hoop. Inmiddels was bekend dat corona in China om zich heen greep en ik dacht: hierdoor worden de Spelen vast uitgesteld en kan ik alsnog gaan! Dat gebeurde. Daardoor was er waarschijnlijk tijd voldoende voor revalidatie.”

null Beeld

Geluk

“Ik onderging verschillende operaties en moest opnieuw leren lopen, stapje voor stapje. Daarna weer leren fietsen. In het begin kreeg ik de pedalen niet rond. Ik filmde alles en zette het op Instagram. Zo zag ik de vorderingen en dat motiveerde me. Vaak voelde ik me eenzaam en er waren soms tranen. Maar dan was mijn vrouw Kiki er voor me. Zonder haar had ik het niet gered. Afgelopen mei begon ik met de reguliere trainingen.

Spannend: hoe zou mijn been reageren op acties van tegenstanders? Ik mocht van mezelf bang zijn en huilen, maar bleef positief en geloven in die kans. Ik heb geleerd: als je echt in iets gelooft, kun je veel meer dan je denkt. Kiki zei laatst: ‘Je bent een ander mens geworden door die blessure.’ Dat klopt. Ik heb meer oog voor anderen gekregen, ben me bewuster geworden van dingen. En dat wil ik straks vasthouden. Als topsporter lijd je aan tunnelvisie, je leeft alleen voor dat doel. Nu haal ik mijn geluk ook uit andere dingen in het leven, zoals samen weekendjes weg of uitgebreid koken. Ik ben erachter gekomen dat ik veel meer voor de sport moest laten dan ik dacht. En weet nu ook dat ik na mijn judocarrière niet in een zwart gat zal vallen. Ik studeer nog aan de Pabo en het lijkt me geweldig om straks voor de klas te staan. Het leven zal alleen maar leuker worden.”

  • M.m.v.: Laura en Merel: Cos (jurk), Groots (ceintuur), Scotch & Soda (bloes), Kimberly: Est’seven (bloes), Mango (broek), Tessie: H&M (singlet), Massimo Dutti (bloesjurk en broek)
  • Haar en make-up: Wilma Scholte. Styling: Ronald Huisinga

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden