null Beeld Ilja Keizer
Beeld Ilja Keizer

column

James: “Hoe ouder hij wordt, hoe minder onmisbaar ik zal worden”

Hij is schrijver, journalist en columnist. James Worthy (40) is getrouwd met Artie en vader van James (7). Voor Libelle schrijft James columns waarin liefde centraal staat: voor zijn ouders, zijn gezin en het leven. Geestig, soms hartverscheurend, maar bovenal eerlijk en ontroerend. Deze week schrijft hij over het ouder worden van zijn zoontje en zijn eerste voetbalwedstrijd.

De wekker gaat. Met de ogen nog dicht pluk ik mijn telefoon van het nachtkastje. Het is kwart voor zeven in de ochtend. Onze zoon speelt vandaag zijn allereerste voetbalwedstrijd ooit.

Van reddingsboei naar faxmachine

Als ik de huiskamer binnenloop, zie ik hem al aan de keukentafel zitten. Hij heeft zijn eigen ontbijt gemaakt. Muesli met yoghurt. Ik vind het prachtig dat hij steeds beter voor zichzelf kan zorgen, maar aan de andere kant vind ik het jammer. Ik ben zo erg van zijn jeugd aan het genieten, maar hoe ouder hij wordt, hoe minder onmisbaar ik zal worden. Eerst was ik zijn reddingsboei, maar tegenwoordig ben ik zijn faxmachine.

“Heb je zin in de wedstrijd, jongen?”, vraag ik, voordat ik een vuist van mijn rechterhand maak en wacht op het moment dat hij mij een boks geeft. Ik wil hem knuffelen. Ik wil hem plat knuffelen en weer opblazen. Ik wil hem doodknuffelen en weer tot leven knuffelen. Maar onze zoon zit in zijn boks-fase. Hij zag het de achtstegroepers doen op het schoolplein. Hij zag het de grote jongens doen, en als je acht jaar oud bent, zijn de grote jongens heilig. Ze kauwen op kauwgom en fietsen op hun achterwiel door de stad.

Belangrijker

“Als we winnen, krijgen we dan een beker?”, vraagt hij. Er zit een moedervlek van volle yoghurt op zijn bovenlip.

“Nee, bekers krijg je pas aan het einde van het seizoen.”

“Waarom wil iedereen dan zo graag winnen?”

“Het gaat niet alleen om het winnen, schat. Winnen is leuk en mooi en het geeft je een goed gevoel, maar echt belangrijk is het niet.”

“Net als dierendag dus?”

“Hoe bedoel je?”

“Op dierendag geef ik Keesje een paar lekkere snoepjes en in de avond kam ik haar kattenvacht. Dit geeft me een goed gevoel, maar echt belangrijk is het volgens mij niet.”

“Ik begrijp wat je zegt, maar lief zijn voor dieren is wel iets belangrijker dan winnen.”

“Ook als de dieren niet lief zijn?”, vraagt hij.

“Dieren zijn altijd lief.”

“Waarom?”

“Ik weet het niet, misschien omdat ze niet van ons kunnen winnen.”

Onze zoon ritst zijn voetbaltas dicht. Ik sluit mijn ogen en ga terug naar de dag dat ik voor het eerst mijn voetbaltas dichtritste.

Iglohoofd

Ik ben bijna zes jaar oud. Mijn haar is blond. Heel blond. Zo blond dat de pestkoppen uit mijn klas me iglohoofd noemen. Mijn vader staat voor me met een camera. Ik heb hem nog nooit zo trots gezien.

“Heb je zin in je eerste wedstrijd?”", vraagt hij, voordat hij een nieuw fotorolletje uit de la pakt.

“Ik denk het”, zeg ik.

“Als je maar gaat genieten, jongen. Ga je genieten vandaag?”

“Ja, ik ga genieten.”

Ik rits mijn voetbaltas dicht en doe mijn ogen weer open.

Iets liefs schreeuwen

Onze zoon rent in de stromende regen over een kunstgrasveld. Zijn team staat 4-1 voor en hij heeft de bal al twee keer aangeraakt. Ik wil schreeuwen van geluk, maar dat mag niet meer. Twee weken geleden kreeg ik een mail van de KNVB over de rol die ouders langs de zijlijn hebben. In de mail ging het voornamelijk over plezier, over beoordelen op inzet en niet op prestatie, en over dat iedereen een winnaar kan zijn als we het winnen afschaffen. Ik vond het een mooie mail, maar een paar jaar geleden had ik het ongetwijfeld onzin gevonden. Dan had ik iets gezegd van: “Sport zonder emotie is geen sport, maar toneel.”

Het team van onze zoon staat 7-1 voor. Het regent nog steeds. Mijn vrouw en ik staan samen onder een paraplu.

“Ik wil iets schreeuwen. Een compliment of zo”, zeg ik.

“Niet doen. Een paar jaar geleden was er toch ook zo’n campagne van SIRE? Die schijnt heel erg te hebben geholpen. Er zijn bijna geen agressieve voetbalouders meer”, zegt mijn vrouw.

“Ik ben niet agressief. Ik wil gewoon iets liefs schreeuwen. Iets over hoe goed zijn team is.”

“Ja, maar dat andere team hoort dat ook. Die staan met 7-1 achter.”

“Dat kan wel zo zijn, maar qua inzet staat de tegenstander dik voor. En daar gaat het om. Mag ik één ding schreeuwen? Alsjeblieft, mag ik één ding schreeuwen voor mijn vader?”

“Heel snel dan. Hup. Eén ding!”

Plezier

Ik kijk naar onze zoon. Zijn shirtje is doorweekt. Hij rent achter de bal aan.

“HEB JE EEN BEETJE PLEZIER, JONGEN?”, schreeuw ik.

De scheidsrechter blaast op zijn fluitje en rent op me af. De man rent als een oude waakhond.

“Ik wil jou de rest van de wedstrijd niet meer horen. Begrijp je dat?”

“Ja, meneer. Maar heeft u een beetje plezier?”

“Dit is de mooiste dag van mijn leven”, zegt hij, terwijl hij de regendruppels uit zijn wenkbrauwen wrijft.

Onze zoon kijkt hoofdschuddend mijn kant op.

“Hij heeft me niet meer nodig”, zeg ik.

“Ach, jawel”, zegt mijn vrouw. Ze maakt een vuist van haar rechterhand en geeft me een boks.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden