null Beeld

Dagboek Maud: “Plotseling kan ik me niet meer inhouden, ik ben wóést op John”

Maud en haar cursusgenootje Janice zijn overboord geslingerd tijdens een vaartochtje.

Het water is ijskoud, maar door de adrenaline is dat mijn laatste zorg. Waar is Janice? Ik kan haar nergens ontdekken in het water. Stom, stom, we waren zo eigenwijs om geen zwemvesten aan te trekken op de terugweg. Paniekerig begin ik naar de boot te zwaaien. “Janice! Zoek Janice!” Ik zie hoe John en Bert op het dek staan en nerveus heen en weer kijken. Dan zie ik Bert John aanstoten en naar een plek wijzen. John schreeuwt iets tegen Enrico die de boot in die richting stuurt. Dan springt John het water in. Bert roept ondertussen mijn kant op: “Maud, gaat het nog?”

“Ja, gaat. Zoek Janice!” Terwijl ik dit zeg voel ik gek genoeg hoe mijn spieren steeds minder soepel bewegen. Door de kleren die om mijn lichaam drijven, kost het me extra veel moeite om boven water te blijven. Dan zie ik tot mijn grote opluchting dat John met Janice naar de boot zwemt. Enrico en Bert helpen haar aan dek. John draait zich om en wil in mijn richting komen zwemmen. “Laat maar, ik kan het zelf wel!”, roep ik. Enrico stuurt de boot naar mij en steekt zijn hand uit. Als laatste klimt John via het achtertrappetje in de kuip. Enrico heeft een groot stuk zeil gepakt en zegt dat we eronder moeten gaan liggen. Bert helpt ons het zeil uitvouwen terwijl Enrico richting wal koerst. Tussen ons vieren wordt gezwegen.

In het appartement van John, dat het dichtst bij het kleine haventje ligt, hebben we ons opgewarmd en omgekleed. Ik heb een grote joggingbroek van John aan en een overhemd. Janice heeft een boxershort van hem aan en een trui die tot haar knieën reikt. Nog steeds wordt er niet veel gezegd. “De vraag is hoe ik zo over straat ga?”, zeg ik. “Je kleren zitten in de droger”, zegt John. “Nog een uurtje en dan zijn ze droog.”

Ik weet niet of ik zin heb om zo lang te wachten en merk dat ik nog steeds woest ben. “Een borrel om bij te komen van de schrik?”, vraagt John terwijl hij de fles al heeft gepakt. Dat is zijn probleem, denk ik kwaad: hij wacht nooit een antwoord af, maar doet gewoon wat hij zelf wil. “Ik hoef niet”, zeg ik als hij mij een glas voorhoudt. “Ach kom op Maud, ééntje zodat ik je weer zie glimlachen.” En dan kan ik me echt niet meer inhouden. “Jij wil dat ik me hier met een borrel overheen zet?! Heb je überhaupt al sorry gezegd? Janice is bijna verdronken door jouw schuld, en het enige wat jij kunt zeggen is: neem een borrel?!”

“Ho ho, ik heb haar juist gered, weet je nog?”, gaat John tegen mij in. “Nadat je ons eerst overboord hebt gesmeten met je stuurkunsten!” “Het was een ongeluk, Maud. Dat jij nu alles op mij schuift…” Ik laat hem niet uitpraten. “Ja, omdat jij een eigenwijze klootzak bent die geen verantwoordelijkheid…” “Ho, stop, Maud!” Het is Bert die mij met stemverheffing onderbreekt. “Het was mijn schuld. Toen ik voorin de boot bij John kwam, verloor ik mijn evenwicht. Ik kon me nog net vastgrijpen aan zijn arm, waardoor het roer omsloeg.” “Jij had Bert naar mij gestuurd”, zegt John terwijl hij me arrogant aankijkt. “Door jouw gebrek aan vertrouwen.” “Het was mijn schuld”, zegt Janice dan zacht. “Ik wilde geen zwemvest aan…”

Lees ook het dagboek van Koen, de ex-man van Maud. Iedere week staan er nieuwe verhalen op Libelle.nl.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden